Reacties op het Lelylijn-rapport: 'Hier kun je toch niet omheen'

BEELD MAPS4NEWS/ANP

Het Lelylijn-rapport werd woensdag vrijgegeven na zware druk. Staatssecretaris Stientje van Veldhoven wilde de uitkomsten tot dit najaar op zak houden. Dat leidde tot boze reacties van onder anderen gedeputeerde Avine Fokkens, voorzitter van de Stuurgroep Lelylijn. Onder aanvoering van Cem Lacin (SP) drong ook de voltallige Tweede Kamer woensdagmorgen aan op spoedige publicatie.

Voor gedeputeerde Avine Fokkens (VVD) , voorzitter van de Stuurgroep Lelylijn, blijft het zaak om ,,te blijven drukken in Den Haag’’. Ze is blij met de uitkomsten. ,,Hier kun je toch niet omheen?’’ Dit najaar debatteert de Tweede Kamer over het rapport Toekomstbeeld voor het Openbaar Vervoer in 2040. De spoorlijn moet daarin een prominente plek krijgen.

Voorts moet dan een vervolgonderzoek worden afgesproken met een gedetailleerder kostenplaatje, een zogenoemde maatschappelijke kosten-batenanalyse. Fokkens hoopt verder dat de Lelylijn wordt opgenomen in het Wopke Wiebes-fonds, het fonds van 50 miljard euro voor grote infrastructurele projecten, en dat de spoorlijn in 2021 een plek krijgt in het nieuwe regeerakkoord.

Een meerderheid van de Tweede Kamer dwong woensdagmorgen bij monde van Cem Lacin (SP) bij de staatssecretaris spoedige openbaarmaking af van het rapport. Nu de conclusies zijn vrijgegeven kan het onderwerp vanavond laat aan de orde komen tijdens een afsluitend Kamerdebat. Het zal één van de laatste debatten zijn voordat de Tweede Kamer met een lang zomerreces gaat. Lacin neemt alvast een voorschotje; ,,De Lelylijn biedt nieuwe kansen die we moeten gaan benutten!’’

Staatssecretaris Stientje van Veldhoven (D66) waagt zich niet aan een inhoudelijk commentaar. In een begeleidende brief aan de Kamer kwalificeert ze het rapport als ‘één van meerdere onderzoeken naar de mogelijkheden van het verbeteren van de openbaarvervoerverbinding tussen Noord-Nederland en de Randstad’.

Wethouder Jaap van Veen (VVD) van Heerenveen is ,,út de skroeven’’ met de uitkomsten, al vindt hij de beschreven groeipotentie van Heerenveen ,,wat overtrokken’’ en ,,zwaar aangezet’’. De groei hoeft niet alleen in Heerenveen neer te dalen, benadrukt Van Veen. ,,Je moet dat veel breder bezien, ook richting het zuidwesten en het zuidoosten van de provincie.’’

Voor het spoortracé van de Lelylijn wordt in Heerenveen al jaren ruimte vrijgehouden. ,,Wat ons betreft kan ’ie er zo worden neergelegd.’’ Het achterland kan worden ontsloten met snelle fietstrajecten. De exacte plek van station Heerenveen-Noord is nog niet bepaald. ,,Maar daar komen we wel uit.’’