.

Op veldbezoek in Luxemburg: 'Leafde foar de taal'

.

Niet de koppen bij elkaar steken in Friesland om over het taalbeleid te praten, maar op veldbezoek. Dit idee van commissaris van de Koning Arno Brok werd werkelijkheid in Luxemburg.

Een bezoek dat hoop geeft, aldus gedeputeerde Sietske Poepjes na afloop. Want hoewel de officiële administratieve taal in het land Frans is, speelt het Luxemburgs informeel een hele grote rol. ,,It betsjut dat in taal bestean bliuwt, ek al is der in oare skreaune taal. Dat jout hoop.’’

Het Luxemburgs mag er dan de eerste officiële taal zijn, het wordt in de praktijk verdrongen door het Frans en Duits. Net als het Fries in Friesland formeel overal gesproken mag worden, maar het in het dagelijks leven vooral in informele kring gebeurt: thuis, op feestjes en bij de sportclub. Zodra het formeel wordt, een ziekenhuis, het politiebureau, het gemeentehuis, switchen Friezen naar het Nederlands, vertelde Brok tijdens een ontvangst bij Han-Maurits Schaapveld, de Nederlandse ambassadeur in Luxemburg.

Ontmoet tijdens Culturele Hoofdstad

De twee hadden elkaar ontmoet tijdens Culturele Hoofdstad 2018. Het gesprek ging vooral over de taalproblematiek, en Schaapveld nodigde Brok uit eens te komen kijken.

Brok vindt dat het Fries vaker actief aangeboden moet worden. Organisaties moeten uitstralen dat Fries spreken mogelijk is en daar uitnodigend in zijn. Op hun beurt vertelden Marc Bartelemy, commissaris voor het Luxemburgs, en Luc Marteling, directeur van het centrum voor het Luxemburgs (Lëtzebuerger Sprooch) dat in het parlement uitsluitend in de eigen taal gediscussieerd wordt. Terwijl alle administratieve teksten in het Frans worden opgesteld en vastgesteld.

Aandacht voor het Luxemburgs, dat in 1984 als de taal van het land werd vastgelegd, is er pas sinds kort. Het centrum voor het Luxemburgs bestaat nog maar 1,5 jaar, bracht als eerste een orthografie uit en is nu bezig de grammatica vast te leggen.

Verbazing over school

Het schoolsysteem verbaasde de Friese wethouders. Kinderen krijgen in de voorschoolse periode alleen les in het Luxemburgs. Op de basisschool wordt Duits de lestaal, maar blijven de leerkrachten ook Luxemburgs spreken. Op de middelbare school wordt het Frans. De Luxemburgers gaan ervan uit dat kinderen het Engels vanzelf wel oppakken.

,,Dat zouden wij ook om moeten draaien’’, vindt wethouder Andries Bouwman van Tytsjerksteradiel. ,,Het Fries is geen beperking, waardoor je een andere taal minder goed leert. Het is een verrijking, het maakt je internationaler.’’

Opsterlands wethouder Libbe de Vries viel het op dat in Friesland vastgehouden wordt aan vaste leerkrachten die of Fries of Nederlands spreken om het onderscheid voor de kinderen duidelijk te maken. ,,Mar yn Luksemboarch sprekt ien learkrêft alle talen trochinoar en de bern ha der gjin muoite mei.’’

menu