Onderzoeker Egbert van der Velde: 'Weidevogelbeheer moet uit het hart komen'

Jaar na jaar ziet hij achteruitgang. Boeren en weidevogels gaan niet langer samen, ziet grutto-onderzoeker Egbert van der Velde. ,,Ik ben 36 en ik voel me een oude kerel, vol van verlies.’’

(Appgebruikers klikken hier om de video te bekijken)

Zeven jaar al doet Egbert van der Velde veldonderzoek naar grutto’s. Vijf maanden achtereen is hij in het veld te vinden. ,,En als het klaar is, als ik naar huis kan, moet ik er echt van bijkomen. Dan ben ik de hele tijd met frustraties bezig geweest en dat moet dan even...., dat moet dan, zeg maar, even een plek krijgen.’’

,,Ik kan het horen als grutto’s hun kuikens kwijt zijn. Ze huilen, ze zoeken, ze vliegen rond en slaan alarm als je in het land staat terwijl je ziet dat er niks te verdedigen valt. Ja, wat dan? Dan wil ik er weg.’’

Een dag na het gesprek stuurt hij een filmpje van een gruttokuiken, afgelopen dinsdag gevonden door een collega. Het leeft nog, het zit stil in de hand van de onderzoeker en zijn tenen zijn er afgemaaid. Hoog in de lucht hoor je de ouders roepen, in het veld ligt los gras. Eindeloos gemaaid gras.

Alsof kuikens, als ze de maaimachine al overleven, in zo’n maanlandschap zonder insecten groot kunnen worden, zegt Egbert. De nieuwste machines maaien banen van negen meter gras. Super-efficiënt en dodelijk voor het leven in het land.

Hij werkte na zijn studie biologie vijf jaar ,,aan koolmezen’’. Kort lachje: ,,Ik had er toen mijn buik van vol, maar achteraf had ik er moeten blijven. Voor koolmezen is in ieder geval nog maatschappelijk draagvlak.’’

Voor weidevogels niet? ,,Boeren doen hun best, hoor je vaak zeggen. Maar het is niet waar. We hadden onze hoop dit jaar gevestigd op de nieuwe natuurwet, die de oude flora- en faunawet vervangt. Er lag een zaak van een boer die willens en wetens nesten kapot maakte. Maar het kwam erop neer: Als een boer volhoudt dat hij niet weet dat er vogels zitten, kan hij er gewoon ongestraft dwars doorheen maaien.’’

Of er nog maatschappelijk draagvlak is om de weidevogels te behouden? Welnee, zegt de onderzoeker. Jaar na jaar legt de provincie de lat voor het tal weidevogels lager. En nu? ,,Het ecosysteem stort in. Het gaat echt, echt HEEL snel.’’

In 2012 begon hij met zijn onderzoekswerk in de Skriezekrite Idzegea. Het collectief is een voorbeeld van agrarisch natuurbeheer en de eerste drie jaar ging het geweldig. ,,Ik wist niet wat ik meemaakte. Hier zaten 350 span grutto’s.’’

Ellende

,,In 2013 hadden we een heel koud voorjaar waardoor de eerste snee gras superlaat werd gemaaid. En 2014 was ook weer heel goed maar daarna begon de ellende.’’

Melkveehouders hadden die winter last van een muizenplaag en een tekort aan gras. Als klap op de vuurpijl werd het melkquotum afgeschaft. De intensivering kwam dichterbij.

De kracht van Skriezekrite Idzegea ligt in het mozaiekbeheer. Als de boeren willen maaien, bellen ze minimaal een halve dag van te voren met de mozaiekregisseur zodat onderzoekers en nazorgers de tijd hebben om kuikens naar een ander perceel te jagen. Dat gebeurt met stokken waaraan wapperende zakken hangen. Meestal zijn de jonge vogels dan na een halve dag verhuisd. Maar niet altijd. En dan wordt er soms toch gemaaid.

Egbert: ,,Boeren willen het gras nu het liefst in een keer in de kuilbult hebben, anders moet de bult twee of drie keer open en dicht.’’ En de Skriezekrite Idzegea is heus nog steeds een oase in een woestijn van Engels Raaigras, weet hij. ,,Maar de druk neemt toe.’’

,,Kijk.’’ Hij laat een foto zien van een dood kuiken in een maisperceel. ,,Tot 10 mei mocht dit land niet worden bewerkt om de vogels ongestoord te laten broeden. Het ging goed, er kwamen twintig nesten uit, maar alle kuikens gingen dood van de honger. Maisland is zo verschrikkelijk vergiftigd, er is totaal geen vreten in te vinden.’’

De focus ligt op het gras en niet op de vogels

Waar is het boerenverstand gebleven, vraagt hij zich af. ,,Als in een monocultuur een plaag optreedt denken boeren niet langer: Komt dat misschien door mijn werkwijze? Nee, alles wordt doodgespoten. En als de bodem dichtgeslagen is, denken ze niet na over het geruïneerde bodemleven en het gebrek aan wormen. Nee, ze ploegen en verknoeien de boel opnieuw. Er wordt alleen gedacht in snelle oplossingen en niet in oorzaken.’’

Hoe hij zich voelt? ,,Ik wilde naast de boeren staan. Bijdragen aan een nieuw natuurinclusief bedrijfsmodel. Maar sinds een jaar of drie zijn over de hele linie steeds minder boeren bereid om kleine inspanningen te doen. En ondertussen gaat er veel geld om in het agrarisch natuurbeheer en kalft de weidevogelstand steeds sneller af.’’

,,Neem juni-land, dat pas na 1 juni mag worden gemaaid. Soms zit het na de eerste junidag nog vol leven, maar denk je dat het gras iets langer mag blijven staan? Welnee. Het wordt meestal gewoon gemaaid, want het is 1 juni. Klaar. Het beheer is gericht op nesten, nauwelijks op kuikens.’’

Legselbeheer dan? Boeren maaien in dat geval om nesten heen. Dodelijke blik: ,,,De belangrijkste vraag die je daar vaak over krijgt is toch: Zijn de eieren al weg? En als je zegt: ja, ze zijn uit, dan weten boeren niet hoe hard ze erheen moeten vliegen om die laatste toppen gras ook nog even mee te nemen. Omdat het er apart uit ziet he? Het is niet een egaal mooie groene mat. Het moet er zo snel mogelijk af.’’

Legselbeheer wordt gesubsidieerd, maar het werkt niet. ,,Want wat gebeurt er als de kuikens uit hun eilandje van gras in een compleet gemaaide wereld zonder vreten terechtkomen? Dan worden ze opgehaald door een kraai, of een buizerd, en die hebben het dan gedaan. Het ligt niet aan de boer. Nee, die verrekte predatoren, die ruimen alles op.’’ Weer een kort lachje.

Pijn

,,De focus ligt op het gras en steeds minder op de vogels. Daarom denk ik dat agrarisch natuurbeheer niet meer werkt.’’ En ja, het doet pijn om het te vertellen. ,,Omdat ik boeren niet wil demotiveren. Ik weet heel goed dat weidevogels het juist van de landbouwsector moeten hebben, maar weidevogelbeheer moet uit het hart komen en niet geldgedreven zijn.’’

Hij is een een wetenschapper met een gewetensconflict. ,,Het is eind juni en ik zie in de provincie alleen maar lichtgroen kort gemaaid gras om me heen. Dit is de tijd van de groene hel. Je merkt; op het moment dat de maaimachines komen, neemt het leven af.’’

In het kielzog van de machines komen roofvogels, mantelmeeuwen en ooievaars mee. ,,Ze zien: verrek hier lopen nog kuikens rond. En dan komen ze terug, en terug, en terug. Net zolang tot het stil is.’’

,,Het ecosysteem is kapot. Ik ben wetenschapper geworden om dingen te onderzoeken en aan te kaarten. Maar het probleem is dat er niet naar ons geluisterd wordt.’’

Of hij verdrietig is? ,,Ik kom uit de Friese Wouden. Daar is het altijd recht voor de raap, dus ik zeg het maar eerlijk. Het vreet aan mijn ziel dat ik me door mijn functie als onderzoeker niet altijd kan uitspreken. Als er lichtpuntjes waren, kon ik het misschien nog relativeren, maar die zijn er gewoon niet. Het hele verhaal over weidevogelboeren en agrarisch natuurbeheer is een grote hypocriete bende geworden. En de boer die het wel goed doet wordt vaak uitgelachen door zijn collega’s. Want die schiet er financieel bij in.’’

Radicaliseren

Hoe hij zich daaronder voelt? ,,Ik ben aan het radicaliseren en ik zie hetzelfde gebeuren bij collega’s. We vragen niet meer aan elkaar: hoe gaat het in jouw gebied en hoe komt dat? Nee, het gaat over frustraties: over te droge polders, misbruik van subsidies en boeren die structureel alles stukmaaien. Het gaat over dood, heel veel dood.’’

,,Al enkele jaren constateren we dat veel juniland eigenlijk te rijk is, daar komt te veel stront of kunstmest op. Dus dat vertellen we. Maar wat zie je? Na de eerste maaibeurt gaat de kunstmeststrooier er toch weer overheen, en de jarrebak en de hele meuk. Op juniland geldt een uitgesteld maaibeheer en toch gebruiken veel boeren die percelen als productie-areaal. Om de schade van het late maaien te compenseren wordt er na 1 juni een bult stront opgekwakt zodat ze er met de tweede, derde en vierde snee toch nog wat eiwit voor de koeien af kunnen halen. En daardoor staat het jaar erna het gras zo hoog, dat er geen kuiken meer doorheen kan lopen.’’

Hij zwijgt even.

,,Aaah. Ik weet soms niet eens meer waar ik beginnen moet. En met verdriet kun je niet werken. Woede geeft tenminste kracht, al sta ik soms op het randje om uit elkaar te spatten. Maar ik moet me inhouden.’’

,,Een collega van mij uit een ander gebied had een keer ruzie met een melkveehouder. Hij had net kuikens geringd en was bezig met een van de ouderdieren. Toen hij terugliep naar het nest om de ouder los te laten kwam de boer aanrijden. Breed lachend, mijn collega recht in de ogen kijkend, maaide hij het nest met de kuikens weg.’’

,,Zo ver kan het gaan. De boel polariseert. Maar ik wil niet opgeven. Volgend jaar kunnen we nog een veldseizoen draaien.’’

Ondertussen zijn de eerste grutto’s alweer op weg naar Afrika. ,,En daar vreten ze straks, omdat ze zo vroeg zijn, de kiemrijst op. Waardoor de rijstoogst bedreigd wordt. Oooo, het is supercynisch. En ik wilde dat ik dit verhaal niet hoefde te vertellen. Maar het is niet anders.’’

De werkelijkheid knaagt aan zijn geweten. Ernstig: ,,Aan mijn ziel.’’

Jantien de Boer schrijft sinds 2016 regelmatig over ‘landschapspijn’, een term die is geïntroduceerd door Theunis Piersma, de hoogleraar trekvogelecologie aan de RUG. De Boer publiceerde vorig jaar het pamflet Landschapspijn, over de toekomst van ons platteland .

Dit is ook een belangrijk thema van het burgerinitiatief Kening fan ’e Greide (King of the Meadows) over de toekomst van het weidelandschap.

Skriezekrite Idzegea (tussen Oudega en Heeg, ongeveer 1675 hectare waarin 40 boeren samenwerken om het aantal weidevogels te vergroten) is onderdeel van het Kening-project ‘Living Lab voor natuurinclusieve landbouw’.

Zie ook: atlascontact.nl/boek/landschapspijn en en: kingofthemeadows.eu

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct