Drievoudig recreatief plezier: op het kanaal de zeilboten, langs de kant de vissers en aan de overzijde Camping Harinxma in Deinum.

Niets is zeker, ook niet voor de toerisme-ondernemer

Drievoudig recreatief plezier: op het kanaal de zeilboten, langs de kant de vissers en aan de overzijde Camping Harinxma in Deinum. FOTO HOGE NOORDEN/JAAP SCHAAF

Toerisme en recreatie zijn van groot economisch belang voor Friesland. Er liggen kansen voor de sector om te groeien, maar willen ondernemers, bestuurders en inwoners dat wel. En zo ja, hoe dan? Een serie over de toekomst.

Hij fietste de afgelopen weken door Zeeland en over de Veluwe. De geliefde bergen in Noorwegen of Zwitserland laat Albert Postma vanwege de coranacrisis deze zomer noodgedwongen voor wat ze zijn. Het geeft de ‘toerisme-goeroe’ en lector scenarioplanning bij NHL Stenden de kans te zien hoe recreatieondernemers in Nederland met de pandemie omgaan en te horen hoe vakantiegangers naar de toekomst kijken. Maar Postma doet veel meer dan ‘even lokaal het water voelen’.

Als lector houdt hij zich al vele jaren op internationale schaal bezig met de ontwikkeling van het toerisme. Met collega’s bij het European Tourism Futures Intstitute (ETFI) schetst hij toekomst-scenario’s voor het toerisme. De onderzoekers baseren zich daarbij op beschikbare data en kijken naar internationale ontwikkelingen. Op basis van de bevindingen kunnen ondernemers en overheden beslissingen nemen over te nemen investeringen.

Geen garanties

,,Wij maken onder andere scenariostudies in opdracht. Dat hebben we bijvoorbeeld gedaan voor de watersportsector in de Zuidwesthoek, maar ook voor de binnenstad van Leeuwarden.’’ Garanties voor de toekomst geeft Postma niet. ,,We schetsen de mogelijkheden en verwachtingen, maar wij hebben geen glazen bol.’’

Nog voordat de wereld in de ban van het coronavirus raakte, hield Postma zich al bezig met de gevolgen van een mogelijke pandemie. ,,Al een jaar of tien duiden wij bij onse scenariostudies op zogenoemde disruptions: plotselinge en onvoorziene omstandigheden die alles op zijn kop zetten. Voor de goede verstaander zijn die signalen er namelijk altijd wel, maar mensen kijken doorgaans liever naar de positieve dingen. Ook nu schijnt er alweer een nieuw virus te zijn ontdekt. Het zijn dus beslist zaken waar je op voorbereid moet zijn.’’

Strategisch vooruitzien vergt denken in complexe systemen. ,,Weten hoe verschillende factoren met elkaar verbonden zijn. Pas dan kun je aan de juiste knoppen draaien’’, doceert Postma. Aanvankelijk werd het ETFI opgericht voor en door de toeristisch-recreatieve sector. ,,Vooral in de jaren negentig was men bezig om orde te brengen in de data. Daarna is het accent in de vraagstelling verschoven. Want als je data hebt, ben je geneigd om achteruit te kijken. Met een wereld die steeds veranderlijker is, moet je juist de blik naar de toekomst richten om ervoor te zorgen dat bedrijven niet omvallen.’’

Van groot belang is dat betrokken partijen de koppen bij elkaar steken. ,,Iedereen heeft zijn eigen kwaliteiten. Vaak kent men elkaar, maar echt diep met elkaar in gesprek gaan gebeurt vaak niet. Dan laat je dus kansen liggen. Enerzijds begrijp ik dat wel, want ondernemers, zeker de kleinere bedrijven, zijn vaak bezig met de lopende zaken. Veel tijd om na te denken over de toekomst is er dan niet. Anderzijds zijn juist die creatieve sessies die wij samen kunnen hebben van groot belang. Voor ons is het belangrijk om bedrijven de mogelijkheden te bieden. Maar ze zullen het uiteindelijk natuurlijk wel zelf moeten doen.’’

Vier scenario’s voor de toekomst van het toerisme

Begin dit jaar bogen Postma en zijn collega’s zich voor het Centre of Expertise Leisure, Tourism & Hospitality (CELTH) in Breda over de toekomst van het toerisme voor de komende vijf tot zeven jaar. Daaruit kwamen vier scenario’s naar voren, waarmee ook Friesland rekening moet houden. Als de crisis eind dit jaar voorbij is, kan de reiziger al snel in zijn oude reisgedrag terugvallen. ,,Als mensen weer veel gaan reizen, stedentrips maken en veel korte vakanties boeken en zich weinig zorgen maken over de sociale en milieugevolgen, dan vervalt het toerisme naar Friesland ook in het oude patroon’’, aldus Postma.

Daarin passen ook de strategieën om het overtoerisme in de Randstad te beperken door regio’s zoals Friesland beter onder de aandacht te brengen van de buitenlandse reiziger. Het Nederlands Bureau voor Toerisme en Congressen heeft hiervoor diverse themaroutes ontwikkeld. ,,Met dit scenario gaan we dus terug naar business as usual. We zien dat veel partijen dit scenario proberen te realiseren, gezien alle (steun)maatregelen die de overheid heeft getroffen. Blijkbaar denkt men liever nog niet aan andere scenario’s die vanwege alle onzekerheden net zo goed mogelijk zijn.’’

In een ander scenario zal er ook in de loop van dit jaar een einde aan de coronacrisis komen, maar is de reiziger zich duidelijk bewuster geworden van zijn reisgedrag en de negatieve consequenties daarvan. ,, Slow tourism kent een duidelijke opleving en mensen zoeken rustige plekken op met ruimte, natuur, schone lucht en dergelijke. We zien al signalen van een dergelijk beeld, waarin Friesland, Drenthe en Gelderland onder de Nederlanders populaire vakantiebestemmingen zijn. De vraag is uiteraard of zo’n transformatie blijvend zal zijn. Voor Friesland zou het gunstig zijn, zowel voor campings, watersport als eilanden. De provincie kan op dit scehario anticiperen door op de veranderende gevoelens van de reiziger in te spelen’’, stelt Postma.

Twee andere scenario’s laten een toekomst zien die voortkomt uit een langduriger coronacrisis, met regelmatig terugkerende uitbraken en periodieke lockdowns. ,,In het scenario survival of the fittest wil de toerist vasthouden aan het oude reisgedrag. Dat lukt maar ten dele. Een groot deel van de traditionele sector is omgevallen of overgenomen. Het klassieke reisproduct is schaars geworden en duur. Alleen de rijksten kunnen zich verre reizen nog veroorloven, de meesten echter niet meer. Zij blijven dichtbij huis.’’

Dit scenario heeft voor Friesland ernstige gevolgen, verwacht Postma. ,,Verre reizen zullen vooral gericht zijn op de hotspots zoals Amsterdam en de klassieke iconen. Friesland speelt dan nog maar een geringe rol van betekenis in het internationale toerisme. Wel zal de provincie in trek blijven bij toeristen uit Nederland en Nordrhein-Westfalen.’’

Ook bij het scenario business as unusual zal de toeristische sector in Friesland zich opnieuw moeten uitvinden, om de reiziger met de duurzame mindset voor zich te winnen. ,,De sector zal zich moeten richten op samenwerking, nieuwe concepten en verdienmodellen waarin digitale oplossingen een belangrijke rol spelen. Er liggen duidelijke kansen voor de sector, mits die openstaat voor vernieuwing en echte transitie. De overheid moet zich in dit scenario realiseren dat financiële steun alleen niet zaligmakend is, er is maatwerk nodig.’’

‘De coronacrisis kan een kanteling in het primaire proces zijn’

Alle studies en onderzoeken ten spijt, niets is zeker, weet Postma. ,,Men dient zich in Friesland op alle vier scenario’s voor te bereiden. Omdat de situatie op het gebied van toerisme voortdurend kan veranderen doordat het krachtenveld waarin dat is ingebed zich wijzigt, is het van belang toekomstbeelden in de vorm van scenario’s voortdurend aan te passen aan de gewijzigde omstandigheden. Daarvoor dient het krachtenveld ook voortdurend te worden gemonitord. ETFI kan bij beide ondersteunen. De coronacrisis kan een kanteling in het primaire proces zijn.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct