Velen zullen de ‘gewone’ spotvogel (giele hôf-sjonger) met zijn knerpend geluidje wel kennen. De orpheusspotvogel (Spaanske hôfsjonger) is in Friesland veel minder bekend.

Het is dan ook vermeldenswaard dat vogelringer Bareld Storm op zondag 24 juni om 8.30 uur te Sumarreheide een vrouwtje-orpheusspotvogel met een flink ontwikkelde broedvlek heeft gevangen en geringd. Voor deze provincie is dit het eerste broedgeval van deze soort.

Op Ameland is in het Kwekerijbos tussen 7 juni en 22 juni een zingend en baltsend eksemplaar waargenomen. Tussen 1911 en 2017 zijn er in ons land nog maar 27 orpheusspotvogels geringd, volgens het Vogeltrekstation in Wageningen.

In het standaardwerk Vogels in Friesland (1976-1979) komt de soort niet voor. Orpheusspotvogels zijn nieuwkomers en dus zeldzaam. Sinds 1911 zijn er in Friesland slechts enkele – maar zeker zes – door vogelringers gevangen (Vlieland, Laaxum, Makkumer Zuidwaard en Kornwerderzand). Bevestigde broedgevallen in Friesland zijn niet bekend. Het eerste broedgeval in Nederland was in 1990 in Flevoland. Een zingende orpheusspotvogel is op Schiermonnikoog waargenomen op 31 mei en 1 juni 1991, bij het Kronkelpad. Op 12 mei 1994 werd op de Makkumer Zuidwaard een volwassen vogel geringd. De Ringgroep Franeker ringde op Kornwerderzand in 2014 op 6 juni een orpheusspotvogel.

De orpheusspotvogel komt het meest voor in het zuiden van Europa (Frankrijk, Spanje, Portugal en Italië) en rukt noordwaarts op. De broedpopulatie in Frankrijk en Spanje telt honderdduizenden broedparen. De Belgische populatie telde in 2014 al rond de 2000 broedparen. In ons land zijn in Limburg de meeste broedgevallen vastgesteld, maar de soort komt langzaam ook naar Midden- en Noord-Nederland.

Orpheusspotvogels zijn in het veld moeilijk te onderscheiden van spotvogels. Het geluid is een aanhoudende reeks droge, brabbelende tonen. De roep is een snelle, droge, musachtige ratel ‘tr trrrrrrrrr..’, terwijl de gewone spotvogel gevarieerdere knerpende geluiden laat horen.

De orpheusspotvogel heeft veel kortere en rondere vleugels. De spotvogel heeft olijfgroene bovendelen terwijl de orpheusspotvogel een iets meer bruingroen van tint is. Er is een flinke variatie in kleed en pootkleur en zelfs mengparen van spotvogel en orpheusspotvogel komen voor.

De orpheusspotvogel kan vanaf begin mei in ons land waargenomen worden. Orpheusspotvogels broeden vanaf eind mei in dezelfde biotoop als de spotvogel, in bomen en struiken in bossen, parken, tuinen en heggen. Het vrouwtje maakt het nest van takjes, plantenpluis, gras en spinrag. De drie tot vijf purperachtig roze eieren met donkere vlekken of spikkels worden alleen door het vrouwtje bebroed en komen na ongeveer twaalf dagen uit. Daarna worden de nestjongen nog zeker twaalf dagen in het nest gevoerd door beide ouders. Na het uitvliegen worden de jongen nog minstens twee weken verzorgd door beide ouders.

Voor meer bijzonder vogel- en natuurnieuws houdt vogelkundig medewerker Jan de Jong zich aanbevolen: E.A. Borgerstraat 66 8501 NG te Joure. Tel. 0513-414788. E-mail: j.d.jonglc@home.nl (graag voorzien van naam en adres)

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct