Natuur verwoest, historische karrensporen gespaard bij brand Drents-Friese Wold

Het gaat jaren duren voor het afgebrande stuk natuurgebied in het Drents-Friese Wold, net over de provinciegrens bij Appelscha volledig hersteld is. De heide heeft bij de brand twee weken geleden serieuze klappen gehad blijkt tijdens een inventarisatie.

Het gentiaanblauwtje is het grootste slachtoffer van de de brand op het Doldersummerveld in het Drents-Friese Wold waarbij twee weken geleden tien procent van de hei verloren ging. ,,Die vlinder had in dit specifieke gebied eitjes gelegd op de klokjesgentiaan”, zegt Harald De Graaff, rayonbeheerder van Het Drentse Landschap. ,,Die zijn allemaal verloren gegaan, het gentiaanblauwtje ben je hier kwijt.”

Reptielen slachtoffer, zoogdieren konden brand ontvluchten

De natuurbeheerder inventariseert woensdagochtend samen met wethouder Wilfried de Jong en regio-archeoloog Albert Vissinga het verschroeide gebied. ,,Ook reptielen zijn de dupe van de brand”, zegt De Graaff.

,,Er zijn enkele tientallen verbrande ringslangen, adders en hazelwormen gevonden. Snellere dieren als reeën en vossen konden de brand ontvluchten. Een dassenburcht midden op de hei is inmiddels weer in gebruik, maar reptielen houden last van de gevolgen van de brand, die leven graag in hogere vegetatie, het gaat jaren duren voor de heide hier weer op het oude niveau terug is. Triest, dit is niet zoals je het als beheerder wilt.”

Pijpenstrootjes kleuren Doldersummerveld groen

Inmiddels kleurt het zwartgeblakerde heidegebied langzaam groen. Pijpenstrootjes komen tussen de verraste vegetatie omhoog.

De Graaff: ,,Dat is de vegetatie die wij niet willen. Pijpenstrootjes verstikken de heide. Nu lopen er al schotse hooglanders die houden van vers jong gras, maar wij moeten er de aankomende jaren heel erg op gaan beheren. Heide is ooit ontstaan door overbegrazing en nu zullen wij met schaapskuddes gericht gaan begrazen. Over vijf jaar bloeit dan de heide weer, maar de variëteit in de lagen hei keert voorlopig niet terug.”

Historische karrensporen gespaard

Archeoloog Albert Vissinga is wat zijn vakgebied betreft minder somber over aangerichte schade. In 2012 werden er eeuwenoude karrensporen ontdekt op het heideveld, die zijn ternauwernood ongemoeid gelaten. ,,De karrensporen zijn niet geraakt, fijn dat het bewaard is gebleven. Alleen de rand, zeg maar de berm van het spoor, is een beetje aangetast.”

De karrensporen stammen waarschijnlijk uit de Middeleeuwen. ,,Het was een route die van Elsloo naar Diever liep, waarbij een route werd gezocht om het drassige veld heen”, legt Vissinga uit.

,,De sporen zijn diep uitgesleten en daardoor nog te zien. Omdat dit deel van het veld nooit ontgonnen is zoals even verderop, zijn de sporen hier bewaard gebleven.” Voor de tweede keer in de geschiedenis ontkomt de Middeleeuwse snelweg dus aan vernieling. ,,Doordat de sporen hier duidelijk te zien zijn kunnen we het verhaal beter blijven vertellen. Het is zelfs een mooie plek om een toeristisch informatiebord bij te zetten.”

Appgebruikers klikken hier voor de video.

menu