'Lokale democratie staat onder druk door krimp van de professionele journalistiek'

De democratie in vooral kleinere en middelgrote gemeenten staat onder druk blijkt uit twee adviesrapporten. Illustratie: Shutterstock

De democratie in vooral kleinere en middelgrote gemeenten staat onder druk. De lokale journalistiek kan door dalende advertentie-inkomsten, krimpende abonneebestanden en daardoor steeds kleinere redacties haar taak op dat gebied steeds slechter volbrengen.

Dat is de conclusie in twee adviesrapporten die zijn gepresenteerd aan de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en aan de ministers van Binnenlandse Zaken en Onderwijs, Cultuur en Welzijn. Met als conclusie twee: doe daar wat aan.

Zowel de VNG als het kabinet had om een dergelijk rapport gevraagd. De VNG deed dat aan het zogeheten Expertiseteam Vitalisering Lokale Journalistiek, opgetuigd uit een afvaardiging van journalistiek en wetenschap. Wachten kan niet meer luidt de titel van het advies. De Raad voor Cultuur (RvC) en de Raad voor het Openbaar Bestuur (ROB) verwerkten hun adviezen aan het kabinet in het rapport Lokale media niet te missen.

Twee in één

De rapporten hadden qua eensluidendheid net zo goed door één team kunnen zijn opgesteld. Voorbeeld van zo’n twee-in-een-bevinding: de gemeenten hebben er steeds meer door het rijk afgeschoven taken bijgekregen. Dus valt er steeds meer te beschouwen en controleren, terwijl daar steeds minder journalisten voor beschikbaar zijn.

Zeker in landelijke gebieden wordt de journalistieke aandacht telkens geringer. En dat terwijl wereldwijd onderzoek heeft aangetoond dat bij goed functionerende lokale en regionale media burgers meer betrokken zijn bij de politiek, politici efficiënter te werk gaan en de corruptie relatief laag is.

De adviesrapporten bespreken met name de (publieke) lokale omroepen en hun taken. Met het pleidooi in Lokale media niet te missen om de bekostiging hiervan niet langer bij de gemeenten onder te brengen, maar in de mediabegroting van het rijk. Zo lopen die omroepen niet het gevaar dat hun financiering spaak loopt als ze nét even te kritisch zijn geweest over hun gemeente.

Van 1,34 euro per huishouden naar 2 euro per inwoner

Op dit moment wordt 1,34 euro per huishouden als richtlijn voor de nu nog gemeentelijke financiering aangehouden. Dat zou 2 euro per inwoner moeten worden. Onder regionale omroepen in dunbevolkte provincies - zoals de noordelijke - wordt die inwonerstelling overigens sowieso betwist: alsof tv maken voor een kleiner publiek goedkoper zou zijn. RvC/ROB schatten dat voor een goed functionerende lokale omroep al met al 21 miljoen euro extra nodig is.

Het ‘Expertiseteam’ is van mening dat journalistiek niet slechts moet worden beschouwd als een verdienmodel, dat door abonnees en adverteerders in de lucht wordt gehouden. Het omschrijft de journalistiek als een Dienst van Algemeen en Economisch Belang. Financiële steun zou daarom niet slechts voor publieke maar ook voor private partijen moeten gelden. Gewezen wordt op het belang van regionale mediafondsen voor bijzondere projecten.

Dekkend netwerk aan mediafondsen

In Groningen wordt zo’n bestaand fonds door de provincie juist de nek omgedraaid. Maar zie, RvC en ROB bepleiten een ‘dekkend landelijk netwerk’ van zulke fondsen, te vullen door het rijk, met een uitvoerende taak door het Stimuleringsfonds voor de Journalistiek. Alleen als dat snel gebeurt, zou Groningen dus goed weg komen.

Verder wijzen beide rapporten op een scheefgroei. Terwijl de redacties krimpen, hebben gemeenten een almaar uitdijende massa communicatiemedewerkers tot hun beschikking. Daardoor zijn de gemeenten steeds beter in staat zonder pottenkijkers hun eigen verhalen uit te dragen. De gemeenten krijgen alle het advies bij zichzelf te rade gaan: is hun mediabeleid in orde? Ze doen veel aan communicatiebeleid, en weinig aan mediabeleid, luidt alvast de voorzet.

Gok niet te veel op ‘burgerjournalistiek’

Het Expertiseteam waarschuwt ervoor een te grote rol toe te dichten aan burgerjournalistiek. De ‘hyperlokale’ activiteiten die op dat gebied worden ontplooid kunnen hun nut hebben, maar de term journalistiek suggereert een onafhankelijkheid (en expertise) die dikwijls ontbreekt. ‘Grijp voor participatie niet te snel op burgerjournalistiek. Dat is geen garantie van succes.’ De talloze ongedefinieerde en ongecontroleerde uitingen op sociale media zullen aan deze conclusie hebben bijgedragen.

Groot probleem, constateren beide onderzoeken, is het beroerde bereik van jongeren en inwoners met een niet-Nederlandse etnische achtergrond. In de randstad zijn tal van lokale omroepen voor aparte etnische bevolkingsgroepen actief, wat eerder tot verzuiling dan tot cohesie leidt. Gemeenten kunnen daar moeiteloos hun berichten kwijt, dat wel, maar gecontroleerd worden die zelden.

Jongerenplatform bleek een mislukking

Voor jongeren is geëxperimenteerd met online-jongerenplatforms, zoals MijnZ in Zwolle. Dat was een flop. Het rapport bestemd voor het kabinet veronderstelt dat het beter zou werken wanneer bestaande media producties leveren die interessant zijn voor jongeren.

Hoe het met de kijk- en luistercijfers zit van de omroepen wordt niet vermeld. Het bereik, en dan vooral de dichtheid - waarbij alleen publiek telt dat niet slechts langs een zender zapt, maar ook minuten blijft plakken - blijft achterwege. Ook de groeiende score van digitale platforms van dagbladuitgeverijen blijven buiten beeld.