LC Academie: De weg effenen voor de zelfrijdende auto

Onderzoek doen; het klinkt voor veel mensen als een 'ver-van-je-bed-show'. Maar niets is minder waar. In deze rubriek geven onderzoekers van kennisinstellingen in Friesland een kijkje achter de schermen en nemen je mee in hun wereld.

Nieuwsberichten over zelfrijdende auto’s zijn er genoeg. Toch wil het niet erg vlotten met de werkelijke introductie ervan. Ongelukken tijdens testsituaties zorgen voor vragen over de betrouwbaarheid, maar ook andere zaken spelen mee bij de acceptatie van de zelfrijdende auto. Berfu Ünal doet daar bij Campus Fryslân van de Rijksuniversiteit Groningen en de afdeling Psychologie van de RUG onderzoek naar. Ondanks alle scepsis is ze ervan overtuigd dat we ooit rustig lezend over het asfalt zoeven.

Gegevens delen

Berfu Ünal en collega’s onderzoeken de acceptatie van ‘verbonden zelfrijdende voertuigen’. ,,Als er zelfrijdende auto’s zijn, dan is het belangrijk dat deze onderling gegevens delen, bijvoorbeeld over snelheid, afslaan of remmen. Als ze communiceren, kunnen ze ook op elkaar reageren. Daarom gebruiken we het woord ‘verbonden’. Het is waarschijnlijk zelfs zo dat zo’n systeem in de praktijk veiliger is dan één zelfrijdende auto tussen ‘normale’ auto’s.’’

Door de praktijk gedwongen kijkt Ünal vooralsnog alleen naar acceptability. ,,Dat gaat over de bereidheid vooraf van mensen om een nieuw product te omarmen. Dit in tegenstelling tot acceptance, dat draait om gedrag op het moment dat iets er echt is.’’

Ze heeft inmiddels allerlei eerdere onderzoeken geïnventariseerd naar de acceptatie (vooraf) van zelfrijdende auto’s, bij autorijders, maar ook bij passagiers, voetgangers en ouderen. Zoals te verwachten staat de een meer open voor de auto van de toekomst dan de ander. ,,Doorgaans zijn technology geeks , mannen en mensen met een beperking vrij positief. De laatste groep bijvoorbeeld omdat ze verwachten dat het hun meer mogelijkheden geeft en hun wereld vergroot’’, legt Ünal uit.

Wat Ünal opviel: veel eerdere onderzoeken brengen wel in kaart wie positief is, maar eigenlijk heeft niemand onderzocht waaróm dat zo is. Volgens haar een essentiële vraag. ,,Als je weet waarom mensen voor of tegen zijn dan kun je daar op inspelen bij ontwerp en introductie van zelfrijdende auto’s. Er kan van alles meespelen: ideeën over vrijheid, rijplezier en veiligheid, het gevoel van controle, de status die zo’n auto kan geven.’’

In een volgend stadium gaan Ünal en collega’s testen doen op een besloten circuit, waarbij ze de situatie steeds een beetje wijzigt. Zo kan ze zien wat er verandert in acceptatie en wat daarvan de oorzaak is.

Nog veel te ontwikkelen en bepalen

Dat er nog veel moet gebeuren voordat zelfsturende auto’s echt het straatbeeld domineren blijkt al snel uit Ünals woorden. Want ook de infrastructuur moet erop ingericht worden, er moet duidelijkheid komen over verantwoordelijkheid bij ongevallen, de rol van de politie zal mogelijk veranderen, etc. Toch is Ünal er stellig van overtuigd dat de dag gaat komen dat we ons ontspannen laten vervoeren door een automatische chauffeur. ,,Elke grote vernieuwing gaat eerst gepaard met scepsis of verzet. Het brengt onzekerheid mee over ons leven, welzijn en autonomie. Mensen gaan vaak pas om als innovaties echt deel uitmaken van ons leven.’’

Gevraagd naar haar motivatie voor dit onderzoek begint Ünal te stralen. ,,Het is prachtig dat wij onderdeel zijn van deze vernieuwingsgolf. We zijn echt aan het pionieren.’’ Eén wens heeft ze wel voor de nabije toekomst: een keer in een zelfrijdende auto zitten. ,,Dat lijkt me echt bijzonder! Ik ben nu nog niet verder gekomen dan meerijden in een ‘zelfrijdende’ simulator.’’ Maar voorlopig lijkt Ünal het te moeten doen met een zelfrijdend busje op een luchthaven.

Berfu Ünal is omgevingspsycholoog. Ze doet voor RUG/Campus Fryslân onder meer onderzoek voor het door de EU gefinancierde SUaaVE project (www.suaave.eu). Binnen SUaaVE doen tien instellingen in Europa onderzoek naar de acceptatie van zelfsturende voertuigen.

menu