Kleine windmolens voor iedere agrariër om energie op te wekken voor eigen bedrijf

FOTO PIXABAY

Agrariërs mogen tot drie kleine windmolens op hun erf bouwen om energie op te wekken voor het eigen bedrijf. Ook als ze al zonnepanelen hebben.

Gedeputeerde Staten stelt Provinciale Staten voor om kleine windmolens toe te staan bij agrarische bedrijven, zodat zij hun eigen energie op duurzame wijze kunnen opwekken. Door een grens te stellen bij een ashoogte van 15 meter denkt gedeputeerde Sietske Poepjes dat de juiste balans is gevonden tussen landschap en duurzame energieopwekking.

Agrariërs die nu al zonnepanelen hebben, mogen ook windmolens bijbouwen. De provincie trekt een streep bij de netcapaciteit. Een boer mag molens bouwen voor eigen gebruik met een maximum van drie of tot er netverzwaring optreedt. Enige teruglevering aan het net vindt de provincie niet erg, maar gedeputeerde Poepjes wil voorkomen dat kabels verzwaard moeten worden. ,,Dêr keart de wal it skip’’, zegt Poepjes. Het is niet de bedoeling dat agrariërs gaan handelen in stroom. ,,It is foar eigen gebrûk.’’

Om te bepalen hoeveel windmolens een boer mag bouwen op het eigen erf geldt het gemiddelde energiegebruik van de laatste drie jaar.

Ook wijzen op alternatieven

Gemeenten wordt gevraagd om boeren die geïnteresseerd zijn in de kleine windmolens ook te wijzen op alternatieven, zoals het installeren van zonnepanelen. De provincie geeft gemeenten mee om ,,maatwerk te leveren’’. Passen zonnepanelen beter in het landschap dan kleine windmolens, dan moet de gemeente die optie ook serieus overwegen en niet blind kiezen voor de windmolens. Poepjes: ,,Wy freegje soarchfâldige ôfwagings fan gemeenten.’’

Gedeputeerde Staten hebben verder afgesproken dat dorpsmolens vergroot mogen worden tot een tiphoogte van 100 meter. Het is een uitwerking van een afspraak uit het vorige jaar gesloten bestuursakkoord van CDA, PvdA, VVD en FNP. Friesland telt zestien dorpsmolens die in aanmerking komen voor opschaling.

Vijftig geïnteresseerde dorpen

Volgens de Fryske Feriening foar Doarpsmûnen zijn nog eens vijftig dorpen geïnteresseerd in een dorpsmolen. Een molen is pas een dorpsmolen als de molen bij een dorp staat, is voortgekomen uit een lokaal initiatief en de opbrengsten voor de lokale gemeenschap zijn.

Wie een nieuwe molen van 100 meter wil bouwen, moet ook zorgen dat er voor 100 meter aan oude molens verdwijnt. Daarbij tellen molens van hooguit 45 meter niet mee. De provincie gaat ervan uit dat die molens de komende jaren sowieso verdwijnen en vindt ze niet storend in het landschap. Dorpsmolens vormen de uitzondering op deze saneringsregel.