Drukte in het zonnetje op de Open Plek. FOTO TOM VAN HUISSTEDE

Into The Great Wide Open: de magie van de speelplek

Drukte in het zonnetje op de Open Plek. FOTO TOM VAN HUISSTEDE

Festival Into The Great Wide Open op Vlieland drijft voor een groot deel op de schoonheid van de speelplekken en de bijbehorende sfeer. Kon het gebodene daar tegenop?

Het is zelfs een tippel naar de Open Plek, dwars door het bos. Maar vooral in het donker is het effect bijna magisch, als je die sprookjesachtig verlichte speelplek nadert. Een kuil vol hoogteverschillen tussen de bomen, met allerlei houten kraampjes en dus dat podium.

Het sportveld, de grootste speelplek, ligt er ook al zo sierlijk bij. Na pakweg tien jaar ITGWO, met een steeds wisselende inrichting, nadert dit terrein een platonisch ideaal. Prima zichtlijnen voor wie het allemaal mee wil maken, genoeg hoekjes voor als je de luwte zoekt met hapje & drankje en opvallend veel zitplaatsen dit jaar.

Zou de context van dat landschappelijk schoon zich nou vertalen in het programma? ITGWO-veteranen huiveren vast nog bij de overdaad aan ijle Noordse sferen op de podia, die eerste jaren. Paste prachtig, maar wat waren we op een gegeven moment toe aan een uitbundig feestje, van iets dwarsigs en dissonants, iets wat stevig vloekte met die serene schoonheid.

Perfect op zijn plek

Op het Vuurboetsduin-podium, wat er prachtig bij ligt maar je moet er flink voor klauteren, speelde het English Blazers Ensemble ragfijne, transparante bewerkingen van muziek van Haydn, terwijl de Vlaamse schrijver Bart Moeyaert hilarische overpeinzingen deelde over de schepping. Het leek wel bedacht met die prachtplek en dat tijdstip (elf uur ’s ochtends) in het achterhoofd.

Net zo verging het me een uurtje later op die Open Plek, waar het Sloveense trio Sirom een surrealistische vorm van volksmuziek speelde op een nogal weids instrumentarium: draailier, trommels, gestreken banjo, nog meer in- en uitheemse snaarinstrumenten. Paste daar ook al prachtig, zelfs toen men enkele stukken speelde speciaal geschreven op en over verschillende plekken in het Sloveense vaderland.

loading

Dwingen die speelplekken dan bepaalde stijlen en benaderingen af? Dat is ook weer niet vol te houden, want een paar uur later stond op diezelfde Open Plek de stadse rapper Bokoesam. Hij nodigde het publiek uit voor een heuse moshpit, wat erg veel stof deed opwaaien – letterlijk deze keer, zo droog was het.

Opruiende beats

En nog weer later stond daar Pip Blom uit Amsterdam met haar dwarse indiepop, inclusief functioneel valse zang. Al kukelden de koortjes met gitarist, en broer nota bene, Tender Blom wat valsheid betreft net over de rand.

Ook elders stonden de gitaren soms voluit – vooral in De Bolder, onder dak dus. Bij The Murder Capital was intense postpunk het stramien, maar verder waaide de boel alle kanten op. Wand begon als garagerockgroep, stond in die hoedanigheid vier jaar geleden op hetzelfde podium, maar is sindsdien opgeschoven naar een gelaagd psychedelisch geluid, net zo intens en spannend.

loading

Hun abstracte improvisaties deden een alternatief universum vermoeden, waar niet The Beatles maar Grateful Dead de meest invloedrijke band is. En wat een prachtig universum moet dat zijn.

Erg leuk was, op het sportveld, Little Simz: een uiterst pittige Londense rapster die naast haar dj ook een paar ‘echte’ muzikanten meegebracht had. Wat heet, ze nam zelf een paar keer bas en gitaar ter hand. Maar het draaide om haar buitengewoon energieke voordracht in sappig Londens accent, en de heerlijk opruiende beats.

Die waren van verschillende pluimage: stuiterende grime, vloeiende r&b en meer. Ook heel opwekkend, op de late zaterdagavond: de neo-falsetstemmendisco van het zevenkoppige collectief Jungle, ook al uit Londen, dat het volgepakte sportveld net zo goed in beweging kreeg.

Wonderbaarlijk eiland

Met een welgemikte route kon je zodoende best wat leuks tegenkomen. Maar je kon ook constateren dat het festival eigenlijk een overdaad aan best wel mooie, maar niet heel spannende acts te bieden had. Belg Tamino met emotionele galmliedjes, onbeschaamde retrosoul van Bobby Oroza (in minimale driemansbezetting) en Teskey Brothers (met stijlvaste koperblazers en een prima zanger van het kaliber ‘ik ben Josh Teskey en ik doe Otis Redding na’). Een programma met afgeronde hoeken, waar je graag scherpe randen ziet, en voelt.

Maar zit het publiek daar wel op te wachten, dat 6000-koppige (zegt de organisatie), heel gemengde publiek, van hipsters en gezinnetjes tot grijsgekuifden, uit het hele land?

Dat vond het mogelijk wel best, af en toe wat geprikkeld en opgezweept worden, en verder lekker hangen met op de achtergrond, of voorgrond, poezelige liedjes van ambachtelijke Americana of zalvend-tonale klassiekerige klanken. Omdat het zo gezellig was, omdat het weer het hele weekend prima bleef op wat druppen na, omdat het eiland je vooral dan in een puike stemming brengt.

Zie je, is het toch de plek. Dat wonderbaarlijke Vlieland.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
ITGWO
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct