Bij GGD Fryslân aan de Harlingertrekweg in Leeuwarden zijn drie verdiepingen ingericht voor bron- en contactonderzoek. Zowel vanuit kantoor als vanuit huis werken bco’ers zeven dagen in de week om mensen met een coronabesmetting te bellen voor bron- en contactonderzoek.

Hoe is het om te werken als bron- en contactonderzoeker bij GGD Fryslân?

Bij GGD Fryslân aan de Harlingertrekweg in Leeuwarden zijn drie verdiepingen ingericht voor bron- en contactonderzoek. Zowel vanuit kantoor als vanuit huis werken bco’ers zeven dagen in de week om mensen met een coronabesmetting te bellen voor bron- en contactonderzoek. FOTO NIELS WESTRA

GGD Fryslân heeft het aantal werknemers op de afdeling bron-en contactonderzoek opgeschaald. Sinds dinsdag werken er ruim 130 onderzoekers in een poging de coronabesmettingen in te dammen. ,,Het lijkt misschien heel simpel werk, maar het is ontzettend complex.”

Wat is de handel en wandel geweest van iemand met corona? Dat zoeken de bron- en contactonderzoekers (bco’ers) uit om te achterhalen wie er nog meer besmet kan zijn en wie de mogelijke bron is. ,,En dat is echt een puzzel”, zegt kwartiermaker Caroline Wicherson.

,,Het lijkt misschien heel simpel werk, maar het is ontzettend complex. Als iemand positief is en toevallig bij de kapper is geweest, bijvoorbeeld. Daar sta je niet bij stil, maar het betekent wel dat de kapper dicht moet. Daarom hameren we erop: ga de deur niet uit als je klachten hebt. Want een besmetting kan grote gevolgen hebben.” Hoewel het voorbeeld van de kapper nu niet meer geldt omdat kapsalons door de lockdown dicht zijn, geeft het wel de ernst van de situatie weer.

‘Alle hens aan dek’

Het opschalen van de bezetting op de afdeling bron- en contactonderzoek was al gaande weken voordat de besmettingen zo hoog opliepen dat er een lockdown inging. Aanvankelijk was het de bedoeling om de extra ‘handen aan het bed’ in te zetten voor meer onderzoek per coronabesmetting – idealiter zo’n zes tot acht uur. Alleen nu is het alle hens aan dek en is er soms maar een kwartier de tijd om met iemand te praten. ,,Nu bellen we alleen om de maatregelen rond isolatie door te nemen en vragen we of mensen zelf de nauwe contacten willen informeren.”

Maar dat is niet de manier hoe de bron- en contactonderzoekers hun werk het liefste doen. ,,Als je iedereen maar kort kunt spreken, ben je soms bij belletje drie al de naam van het eerste gesprek vergeten”, zegt bco’er Celyn. ,,Maar als je echt de tijd hebt per persoon, kun je een verschil maken. Dan raak je betrokken bij iemands privéleven, dan bouw je echt een bandje op met iemand.” Dat vindt ook bco’er Enny, met een achtergrond in de zorg: ,,Soms voel ik me net weer een wijkverpleegkundige. Als je meer tijd hebt per besmetting ben je soms uren met de netwerken van iemand bezig.”

'Ik neem altijd de dag door met mensen'

Die netwerken in kaart brengen kan behoorlijk complex zijn. Het valt en staat onder meer met het geheugen van de besmette persoon. ,,Het is een brei aan rekensommetjes”, legt Enny uit. ,,Je hebt klachten, maar 48 uur daarvoor was je al besmettelijk. Dus met wie had je contact? En veertien dagen geleden ben je besmet, weet je ook wie de bron zou kunnen zijn? Mensen reageren vaak met opluchting dat we helpen. Ze beseffen opeens hoe ze het radertje zijn in allerlei kringetjes van netwerken. En dus ook het besef hoe ze daar zelf een rol in hebben gespeeld.”

En dat besef wordt groter als het geheugen wordt opgefrist door de vragen van bco’ers. ,,Ik neem altijd de dag door met mensen”, vertelt bco’er Alwin. ,,Dus, je stond op en wat deed je toen? Vaak is het aan het eind van het gesprek bijvoorbeeld: Oh ja! Wacht! Ik was nog aan het sporten!”

Vooroordelen

Collega Leon vult aan ,,Of aan het eind van het gesprek zeggen ze nog iets over hun man die tot dan toe niet aan bod was gekomen. En als je ernaar vraagt, krijg je de reactie ‘maar je weet toch wel dat ik getrouwd ben?’ Maar nee, dat weten we niet. In dat ene telefoongesprek moeten we een totaalbeeld van iemands contacten proberen te vormen.”

De bco’ers hebben dan ook wel met vooroordelen te maken, vertelt Leon. ,,Ze willen soms de namen van nauwe contacten niet vertellen, omdat ze bang zijn dat zij of de nauwe contacten een boete krijgen of de politie bellen, bijvoorbeeld als ze zich niet aan de maatregelen houden. Maar dat is absoluut niet zo. Wij proberen alleen de pandemie te bestrijden door zoveel mogelijk contacten in beeld te brengen en hen te informeren, maar verder doen we er niets mee.”

Schaamte en angst

De bco’ers krijgen over het algemeen dankbare reacties na hun gesprek, al treffen ze geregeld geëmotioneerde mensen. Wie besmet is met corona, voelt vaak schaamte en angst. ,,Zo sprak ik bijvoorbeeld een moeder die bang was dat ze haar zwangere dochter had besmet en hen daarmee in gevaar had gebracht”, vertelt Enny. ,,Soms zijn mensen echt van de leg. Dan heb je iemand aan de telefoon die helemaal in tranen en snikkend het verhaal doet. Dan is het belangrijk dat je daar de tijd voor neemt en zorgt dat ze de emoties bij jou kunnen uiten.”

,,Ook is het belangrijk dat je niet oordeelt”, zegt een collega. ,,Dat je oplet hoe je je vragen stelt en hoe je praat. Want als iemand zich er heel erg voor schaamt dat hij of zij besmet is geraakt en je kiest de verkeerde toon, dan kan iemand zich nog rotter gaan voelen en dichtklappen. Dus goede gesprekstechnieken zijn erg belangrijk.” En de juiste vragen stellen, vult Celyn aan. ,,Doorvragen is erg belangrijk. Dat kan het verschil maken in het goed in beeld krijgen van een netwerk van mogelijke besmettingen.”

Privé met werk bezig

Door boven op het virus te zitten en als geen ander te zien hoe het virus om zich heen grijpt, zijn de onderzoekers ook privé met het werk bezig. Ze treden geregeld op als vraagbaak voor vrienden, maar hebben ook wel eens discussies met naasten over de goede omgang met corona, zoals het dragen van mondkapjes. ,,Ik hoor bijvoorbeeld de klacht dat er door de mondkapjesregel wordt gemorreld aan de vrijheid”, zegt Celyn. ,,Maar het bestrijden van dit virus is enorm belangrijk, dus ook je houden aan de maatregelen.”

Daarnaast valt het de bco’ers op dat veel mensen die ze spreken een vrije interpretatie hebben van de regels. ,,Er zijn mensen die heel goed weten hoe het zit, maar zeggen: ja, het duurt al zo lang en ik heb de kleinkinderen al zo lang niet dichtbij gehad”, vertelt Enny. ,,Of mensen die zeggen: wij zitten in onze eigen bubbel en hebben alleen met dit groepje contact.’’ ,,Maar ook de Friese nuchterheid kan een rol spelen”, zegt Enny. ,,Een echte Fries is altijd verkouden. Toch hamer ik erop: testen! Niet zeggen, het is maar een verkoudheidje, nee testen, ga nou!”

Regels tot grijs gebied

Daarnaast maken mensen de regels tot grijs gebied, stelt Leon. ,,Ze draaien het zo dat het wel kan. Bijvoorbeeld als het gaat om bezoek. Dan hebben ze niet maximaal twee mensen op bezoek per dag, maar twee per tijdvak.”

Daarom zijn de bco’ers benieuwd hoe het gaat met de feestdagen. ,,Veel succes Enny, zeggen familie en vrienden al, als het gaat om werk”, vertelt Enny. Leon: ,,De verwachting is dat mensen elkaar toch gaan opzoeken. En dat is tricky met de zeven dagen tussen kerst en oud en nieuw. Als je besmet raakt met kerst, kun je besmettelijk zijn met oud en nieuw en zo verschillende groepen ziek maken.” Celyn vat de wens van de bco’ers samen: ,,Met dit werk proberen wij ons steentje bij te dragen en we hopen dat anderen dat ook doen.”

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct