Drukte voor de Hellingbrug in de Ie bij Woudsend.

Het was druk deze zomer: maar wat zeggen de cijfers?

Drukte voor de Hellingbrug in de Ie bij Woudsend. FOTO NIELS DE VRIES

Wie deze zomer ging kijken op een camping of een rondje maakte over het water kon concluderen: toeristen wisten Friesland in de coronazomer massaal te vinden. Zeggen de data hetzelfde?

Welke kant gaat het toerisme in Friesland op? Wie die vraag wil beantwoorden, moet het hebben van de observaties van recreatieondernemers en experts. Zij hebben inzicht in de bezettingsgraad van hun hotel of lezen trends af uit eigen onderzoek. Het zijn stuk voor stuk waardevolle inzichten. Ze laten zich alleen slecht onderbouwen met cijfers. En de cijfers die er wel zijn, zijn verspreid over heel veel organisaties, vertelt programmaleider Jasper Heslinga van DataFryslân .

Heslinga’s organisatie probeert binnen het programma Toerisme&Recreatie alle Friese data bij elkaar te brengen en daarbovenop zelf nieuwe gegevens te verzamelen. Daarvoor gebruiken ze bronnen zoals de statistische bureaus van provincie en gemeenten en cijfers van het CBS.

Twee trends

DataFryslân vindt zelf nieuwe bronnen door webpagina’s te ‘scrapen’: een computerprogramma leest websites en vertaalt de informatie naar spreadsheets die de onderzoekers vervolgens weer kunnen analyseren. DataFryslân maakte op die manier bijvoorbeeld het aanbod inzichtelijk van accommodaties op AirBnB. Om vragen te kunnen beantwoorden, zoals: Waar zijn ze gevestigd? Hoeveel zijn er? Wat is de gemiddelde prijs?

Hetzelfde doen de onderzoekers met TripAdvisor, een website waar gebruikers recensies achter kunnen laten van hotels, bezienswaardigheden en andere toeristische trekpleisters. De cijfers zeggen iets over het bezoek maar ook over de waardering. ,,Maar wat we nu hebben is nog wel de basis.’’

Op verzoek van deze krant dook Heslinga met zijn team in de cijfers om te ontdekken of daarin trends zijn waar te nemen. Twee springen er daarbij uit: AirBnB maakt in Friesland nog steeds een opmars en binnenlandse toeristen die dit jaar Friesland bezochten, lijken vooral uit een specifiek deel van het land te komen.

Verdubbeling in accommodaties

Over die toeristen later meer. Eerst AirBnB. DataFryslân houdt deze dataset bij sinds augustus vorig jaar. Het aantal Friese accomodaties op de website van de Amerikaanse bemiddelaar steeg het afgelopen jaar hard. ,,In Súdwest-Fryslân ging het van rond de 200 accommodaties naar rond de 400 nu’’, schetst Heslinga. ,,Eenzelfde beeld zie je op Ameland en in De Fryske Marren.’’

Over heel Friesland is sprake van een verdubbeling. Augustus vorig jaar telde AirBnB 991 Friese verblijfsplekken en nu in totaal 1856. Het aanbod varieert van een slaapkamer in Gytsjerk, tot een huisje in het bos bij Terwispel of een complete woning in Leeuwarden.

De stijging is vooral te zien na april en mei van dit jaar. Een verklaring daarvoor heeft Heslinga niet direct. ,,Is het corona? Of is het een seizoenseffect? Daar kunnen we nu nog moeilijk een antwoord op geven omdat we over slechts twaalf maanden data hebben. Mogelijk halen mensen in de winter hun huisje uit de verhuur en maken ze ze in aanloop naar de zomer weer beschikbaar. Of dat zo is, moet de komende jaren blijken.’’

Het grotere Friese aanbod op AirBnB druist in tegen de wereldwijde trend. ,,Daar zie je juist dat het aantal boekingen als gevolg van corona afneemt. Het lijkt erop dat er een verschuiving is. Het platform wordt minder populair in de stad maar wint aan aantrekkingskracht in dunbevolktere gebieden.’’

Die populariteit blijkt ook uit de bezettingscijfers. Uit de gegevens die DataFryslân van het platform haalt, blijkt de bezettingsgraad dit jaar hoger te liggen dan vorig jaar. 90 procent van de accommodaties was in juli bezet en de voorlopige cijfers van augustus wijzen op een bezetting van 86 procent. In augustus vorig jaar lag dat percentage op 76 procent.

Nieuwe stroom toeristen

De cijfers wijzen dus uit: het leek niet alleen drukker in Friesland deze zomer, het was het ook. Maar waar kwamen die toeristen vandaan? DataFryslân probeert dat inzichtelijk te krijgen door naar een andere datastroom te kijken: de websitebezoekers van friesland.nl, de website van Merk Fryslân, de organisatie die de provincie onder de aandacht moet brengen van toeristen. Die kunnen dienen als indicatie van de daadwerkelijke bezoeken.

In die cijfers is corona precies terug te zien. Waar het aantal bezoekers voor de uitbraak van het virus redelijk stabiel was, met een kleine piek in de zomer, lopen ze sinds april van dit jaar (toen voor veel mensen duidelijk werd dat een vakantie in de Dordogne of aan de Turkse kust er dit jaar niet in zou zitten) in rap tempo op.

,,Die toename komt helemaal uit de rest van Nederland’’, zegt Heslinga. De bezoekersstromen zijn uitgesplitst naar provincie. En daarin zijn interessante verschillen te ontdekken. Het aantal Friezen dat de site bezocht, bijvoorbeeld voor een uitje in de buurt, bleef nagenoeg gelijk. Ook uit het zuiden en oosten van het land kwam niet veel extra bezoek.

Maar in de Randstad begon men zich wel flink te oriënteren op een vakantie in Friesland. ,,Vooral opvallend is de toename van bezoekers uit Zuid-Holland en Utrecht. In Noord-Holland was Friesland altijd al populair. Maar daar lijkt een extra stroom bij te komen.’’

loading

‘Zoeken, boeken en vloeken’

Die nieuwe toeristen, daar willen Heslinga en zijn team de komende tijd meer van te weten komen door nog dieper in de data te duiken die bij platformen als Google (zoekgedrag), AirBnB (boekingen) en TripAdvisor (recensies) te vinden zijn. ,,We willen hen beter leren kennen’’, zegt Heslinga. ,,Vanuit de toerist wil je weten: waar zoeken ze naar? Hoe komen ze hier naar toe? Wat gaan ze doen? En wat vinden ze daarvan?’’

Heslinga vat het samen als ,,zoeken, boeken en vloeken’’. In marketingtermen heet het de ‘customer journey’. Daar inzicht in krijgen, kan waardevolle lessen bieden voor de Friese toerismesector. ,,Wat wij graag willen weten is bijvoorbeeld welke combinaties mensen maken. Bezoeken ze het Fries Museum en blijven ze daarna slapen in Post Plaza? Als sector kun je daar op inspelen.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct