Het is hoogseizoen voor de ooievaars van de Sweachsterwei en hun fans (en zo ziet dat eruit)

Foto's Theun Tel

Het is hoogseizoen voor de ooievaars van de Sweachsterwei en hun fans. De kuikens steken hun kop uit boven de rand van de nesten.

De Sweachsterwei tussen Beetsterzwaag en Lippenhuizen is Frieslands hotspot voor ooievaars. De afgelopen jaren broedden in de bomen langs deze weg en in de nabije omgeving meer dan vijftig ooievaarsparen, die gemiddeld samen ook vijftig kuikens grootbrachten. Ook dit jaar zijn de vogels volop aanwezig en steken de eerste kuikens hun kop boven de nestrand uit.

Dat de vogels ieder jaar op dezelfde plek verschijnen – ook in Earnewâld, Akmarijp en Tytsjerk nestelen ieder jaar ooievaars – betekent niet dat het ook iedere keer dezelfde vogels zijn op dezelfde nesten. Uit ringonderzoek door de veertigjarige Stichting It Eibertshiem blijkt dat jonge dieren niet per se terugkeren naar hun geboortegrond. Ook de samenstelling van de paartjes is niet ieder jaar hetzelfde.

De boerderij ‘Rûn libben en grûn’ aan de Sweachsterwei van biologisch melkveehouder Gjalt Tjeerdsma is ook dit jaar weer goed voor vier nesten. Een ervan is rond het ûleboerd op de nok van de monumentale schuur gevlochten. Ook op de schoorstenen van het voorhuis zijn de nesttakken hoog opgetast.

Tjeerdsma is laconiek over de plaatskeuze van de ooievaars: ,,Dizze fûgels steane symboal foar de fruchtberens, dus meist der fan útgean dat se it bêste plak kieze foar it grutbringen fan har neiteam.’’ Hij schat dat de dieren bij hem momenteel per nest twee kuikens grootbrengen.

De vogels trekken in ieder geval de aandacht van passanten en fotografen, merkt Tjeerdsma. ,,De mienskip fynt dit blykber it summum, mar de oare kant is datst der dochs ek wol in protte ergernis fan hast, benammen troch de skerpe stront en de takken dy’t oeral delfalle.’’

loading

loading

loading

loading

loading