Andries de Metz uit Leeuwarden zou 15 mei 1940 zes landgenoten hebben gered toen hij een Duitse korporaal neerschoot. Omdat hij wist dat hij onder Duitse bezetting geen overlevingskansen had, nam hij zijn lot in eigen handen.

Andries de Metz, geboren op 10 augustus 1905, kwam uit een vooraanstaande familie. Zijn vader, Bernard de Metz, was mede-eigenaar van een groothandel in zoetwaren, de firma A. de Metz aan de Uniabuurt in Leeuwarden. Hij was gehuwd met Mina Leviticus. Zij kregen twee kinderen: Andries en Mozes. Nadat zijn eerste vrouw in 1918 was overleden, hertrouwde Bernard in 1919. De familie woonde op Nieuweburen 96.

Andries de Metz studeerde wiskunde aan de universiteit van Groningen. Hij was actief bestuurslid bij voetbalvereniging L.A.C. Frisia 1883 en genoot een redelijke bekendheid in Leeuwarden, waar hij na zijn studie woonde en als wiskundeleraar voor de klas stond.

Heel knappe kop

,,Als je de verhalen moet geloven, was hij een heel knappe kop’’, zegt Simon van Dam (79) uit Amstelveen over zijn familielid. Simons moeder, Selien, was een dochter van Abraham, een broer van Andries’ vader. Zij trouwde voor de oorlog met Arie van Dam en verhuisde naar Apeldoorn. Het gezin kon onderduiken en overleefde de oorlog, in tegenstelling tot het grootste deel van de familie.

Andries was in 1925 opgeroepen voor zijn dienstplicht. Toen in 1940 de oorlog uitbrak, was het zijn taak om het ministerie van Economische Zaken in Den Haag te verdedigen. Daniël Metz (45) uit Amsterdam - geen familie - schreef voor het digitale platform www.joodsmonument.nl een artikel over de lotgevallen van de Joodse militairen die omkwamen vlak na de inval van Duitsers mei 1940.

Het Nationaal Instituut voor Militaire Historie in Den Haag heeft een databank met namen van de gesneuvelde militairen, waarin Andries de Metz ook voorkomt. Daarin staat ook vermeld onder welke omstandigheden de militairen zijn gevallen en wat hun religieuze gezindte was. De schrijvers stelden van 35 personen vast dat ze Joods waren. Metz: ,,Tijdens herdenkingen worden meestal de Joodse slachtoffers, van concentratiekampen en anderszins, herdacht. Het verhaal over Joden die actief verzet boden is niet zo bekend.’’

loading

Heldhaftig verzet

Volgens de officiële lezing begon het Duitse offensief in Nederland in de ochtend van 10 mei, vijf minuten voor vier. In de Alexanderkazerne in Den Haag werden de Nederlandse strijdkrachten volslagen overrompeld. Vanuit de lucht maakten de Duitsers vliegvelden onklaar. Bij al die gebeurtenissen waren er onder militairen ook Joodse slachtoffers. Met het bombardement op Rotterdam op 14 mei leek de strijd beslecht. Maar in Den Haag verdedigde Andries toen als reserve-eerste luitenant der infanterie nog het ministerie van Economische Zaken. Na heldhaftig verzet zou hij zich daarbij op 15 mei het leven hebben benomen.

Achterneef Simon van Dam doet in 2005 een oproep via internet om meer te weten te komen over het handelen en over de mysterieuze dood van zijn familielid Andries de Metz. Zo komt hij in contact met Peter de Hoo uit Leeuwarden. De Hoo vertelt dat zijn moeder secretaresse was op het departement van Handel, Nijverheid en Scheepvaart aan het Bezuidenhout in Den Haag. Op haar sterfbed heeft ze haar zoon verteld wat er destijds is gebeurd. In de woorden van Van Dam: ,,Een Duitse officier was voor onderhandelingen bij Hans Max Hirschfeld (toen directeur-generaal van het departement, red.) naar het departement gekomen. Hij had gezelschap van een half dronken korporaal, die eerst het vrouwelijke personeel beledigde en ook een portret van koningin Wilhelmina van de muur schoot. Toen werd Andries kwaad. In goed Duits zou hij de korporaal gezegd hebben dat die ‘het gedrag van een dief in de nacht vertoonde’ en dat hij er goed aan zou doen om via de dienstingang er tussenuit te knijpen.’’

Er ontstaat een ruzie, wil het verhaal, waarbij de korporaal op gegeven ogenblik zijn dienstwapen trekt en om zich heen begint te schieten. Andries grijpt zijn wapen en schiet de man neer. De korporaal leeft nog, maar overlijdt kort daarna in een ziekenhuis.

De Duitsers eisen dat Andries zich overgeeft. Dat is hij niet van plan. Hij heeft de secretaresse, mevrouw de Hoo, die hij vermoedelijk uit Leeuwarden gekend heeft, eerder al gezegd dat hij bij capitulatie een eind aan zijn leven zou maken. Nu ziet hij geen andere uitweg en hij bereidt zich voor. Hij vraagt de secretaresse om tegen zijn ouders te zeggen dat hij in de strijd op de Grebbeberg om het leven is gekomen. Tegelijk vraagt hij haar om de Friese opperrabbijn A.B. Levisson te vertellen wat er werkelijk is gebeurd. Dan geeft hij haar zijn ring en horloge en neemt hij afscheid. Met zijn dienstpistool schiet hij zichzelf door het hoofd. Mevrouw De Hoo bewaart het horloge. Vlak voor haar dood in 2005 schenkt ze het aan haar zoon.

Met Joodse gebruiken begraven

Andries de Metz wordt in Den Haag begraven. Enkele maanden later, 5 juni 1940, wordt hij door inzet van het Rode Kruis en persoonlijke inzet van mevrouw De Hoo op de joodse begraafplaats in Leeuwarden herbegraven. Hij wordt met de bijbehorende Joodse gebruiken begraven, ondanks het feit dat zelfmoord taboe is voor orthodoxe Joden. Opperrabijn Levisson, die als enige buiten de betrokkenen de waarheid over zijn dood gekend moet hebben, zegt op de begrafenis: ,,Met grote opoffering en standvastigheid hield hij zich vast aan het Jodendom en de Thora, daarbij blijk gevende van een grote belangstelling in de Joodse literatuur. Met Andries is een diepgelovig mens heengegaan. Zijn graf beschouwen wij als een symbool van de liefde der Joodse gemeenschap voor Nederland.’’

Ook in andere kringen in Leeuwarden wordt met droefheid kennis genomen van de dood van Andries. Zo spreekt ook de voorzitter van voetbalclub Frisia op de begrafenis. En de ouders van Andries krijgen een brief van de voorzitter van de Vereniging van Werkzoekenden met volledige MO-bevoegdheid, getekend op 30 juni 1940. Hij schrijft: ,,Uw zoon heeft van de beginne af onze afdeling in Leeuwarden geleid, op een wijze die wij steeds anderen tot voorbeeld konden zijn. (...) Persoonlijk heb ik hem leren hoogachten als een voortreffelijk vakgenoot, die er in slaagde een cursus in levensverzekering op te bouwen zoals geen van ons ooit gelukt is.’’

Onbekend verhaal

Na de oorlog blijft het stil rond deze grote opoffering die Andries de Metz bracht. Van Dam snapt dat enerzijds. ,,Het gebeurde natuurlijk aan het begin van de oorlog. En niemand wist dit. De familie heeft altijd gedacht dat Andries op de Grebbeberg sneuvelde. Dat was het verhaal dat we kenden, omdat de zelfmoord niet bekend mocht worden.’’

Ook contact tussen familieleden van De Metz en betrokkenen van de gebeurtenissen op 15 mei is er nooit geweest. De moeder van Peter de Hoo vertelt haar zoon later dat De Metz haar leven en dat van vijf collega’s heeft gered. Van Dam: ,,En ze heeft nog jarenlang bloemen bij zijn graf gebracht. Rode en witte anjers.’’

Nog steeds doet het Van Dam veel als hij aan de verdwenen familieleden denkt. Hij bewaart goede herinneringen aan zijn opa en oma en bezit nog veel brieven van de familie uit Leeuwarden. ,,Het was een heel sociale familie. Ze zorgen begin jaren twintig ook al dat het personeel recht op pensioen had.’’ Het doet hem ook goed dat er meer van het mysterie rond de dood van Andries duidelijk geworden is. Van z’n familie vonden 135 mensen de dood in Auschwitz. Andries stierf in de ogen van zijn achterneef als held. De minister van Oorlog schreef, ter nagedachtenis: ,,Hij gaf zijn leven voor koningin en vaderland.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct