'Groene predikant' komt op voor de natuur van Lauwersmeer

Jaap Kloosterhuis wil de mensen bewust maken van de waarde van de natuur. EIGEN FOTO

Een soort groene predikant, zo zou je Jaap Kloosterhuis kunnen noemen. Als boswachter van Staatsbosbeheer heeft hij Nationaal Park Lauwersmeer als werkgebied. ,,De natuur heeft geen stem. Ik vind het belangrijk om voor haar op te komen.”

Het romantische beeld dat een boswachter uren per dag buiten in de natuur spendeert, gaat in het geval van Jaap Kloosterhuis niet op. Hij komt wel buiten. Vooral om toezicht te houden, te handhaven en om excursies te geven. Maar tachtig procent van de tijd werkt hij op kantoor.

Daar rapporteert hij zaken met betrekking tot het toezicht houden en handhaven. Daarnaast investeert hij vooral veel tijd in communicatie. ,,Ik ben publieksboswachter”, legt hij uit. Hij is aanspreekpunt voor omwonenden, ondernemers en overheden die op een of andere manier verbonden zijn aan het Lauwersmeergebied.

Onbedoelde verstoring

Zijn taak is zo goed mogelijk de natuur beschermen en ervoor zorgen dat mensen ervan kunnen genieten. Een doel waar, als je er even bij stilstaat, enige tegenstrijdigheid in schuilt. Waar de mens gaat, heeft hij in meer of mindere mate invloed op de natuur. ,,Een onschuldige wandeling, en zelfs een veldbioloog of boswachter die gewoon hun werk doen, kunnen een mate van verstoring opleveren.”

Om een voorbeeld te noemen: een vogel die eet of rust, raakt alert door de plotse aanwezigheid van mensen en stopt met eten of rusten. Komt de mens nog dichterbij dan vliegt hij op. ,,In beide gevallen vallen vogels niet meteen dood neer. Maar ze hebben rust en voedsel nodig om hun energie op peil te houden. Als ze vluchten dan krijgen ze minder energie én moeten ze meer energie gebruiken. Dit soort situaties willen we zoveel mogelijk voorkomen.”

Toch is het belangrijk dat natuurgebieden bereikbaar, dan wel ‘beleefbaar’ zijn voor mensen. ,,Als niemand weet hoe het gebied eruit ziet, wat er zoal leeft en hoe bijzonder het is, is de betrokkenheid niet groot. Mensen moeten er oog voor hebben, anders zien ze het niet en houden ze geen of minder rekening met de natuur.”

Compromissen

Regelmatig krijgt Kloosterhuis vragen van mensen die bijvoorbeeld een speurtocht of wandeling door het Lauwersmeergebied willen organiseren. Hij denkt dan mee of dat kan en wat voor de natuur de meest gunstige locatie en route zouden zijn. ,,We willen de natuur zoveel mogelijk beschermen, maar soms is het voor de natuur het beste om tot een compromis te komen.”

Zoals in het geval van de relatief nieuwe mountainbike-route in het Lauwersmeergebied. Veel mensen snappen niet dat die er is gekomen. En inderdaad: al is het pad maar zestig centimeter breed, alles bij elkaar opgeteld snoept de route best wat natuur weg.

,,Maar we zagen dat er steeds meer mountainbikers kwamen. Daarmee ontstonden conflicten. Wandelaars die schrokken, mountainbikers die op plekken kwamen waar ze niet mochten komen. We hebben daarom besloten om een route aan te leggen, op zo’n manier dat het niet leidt tot erge versnippering en verstoring. Als we zoiets doen, dan denken we écht goed na over hoe we dit het beste kunnen doen met oog voor de natuur.”

Best mogelijke oplossing

Kloosterhuis zou mensen op het hart willen drukken dat ze partijen als Staatsbosbeheer, Natuurmonumenten en It Fryske Gea wat meer mogen vertrouwen. ,,Wij proberen echt zo goed mogelijk rekening te houden met ieders belang en de natuur. We gaan voor de meest ideale oplossing. Als iets niet lukt, dan is daar altijd een reden voor.”

Prullenbakken in het Lauwersmeergebied zijn een voorbeeld van iets dat niet lukt. ,,We krijgen regelmatig de vraag waarom er geen afvalbakken zijn. Maar in het hoogseizoen zitten die snel vol. En wij kunnen ze niet twee keer per dag legen.” Zit een prullenbak vol, dan laten veel mensen hun afval achter in de buurt van de prullenbak. Dat gaat zwerven.

,,Maar principieel denk ik ook: mensen bereiden een uitje voor, besluiten om zelf broodjes en pakjes drinken mee te nemen naar het Lauwersmeergebied. En zodra het op is, is het ineens ons probleem? Ik denk: je hebt het zelf hiernaartoe gebracht, neem het dan ook gewoon weer mee terug naar huis.”

Grote happen

Hij vindt het belangrijk om op te komen voor de natuur. ,,Tien procent van Nederland is natuurgebied. Het grootste deel daarvan is in dienst van mensen. Het gebied waar mensen helemaal niet mogen komen, is beperkt tot de uiterste randjes. Is het echt te veel gevraagd om die dan ook onberoerd te laten?”

Kloosterhuis bedoelt het niet belerend, benadrukt hij. ,,Ik ben zelf ook mens. Ik zal het zelf ook niet allemaal perfect doen. Maar als je Nederland ziet als één grote shared space voor dieren, mensen en planten, dan is de hap die wij mensen nemen wel heel groot. Ik vind dat we moreel verplicht zijn om de kleine randjes die over zijn over te laten voor de natuur.”

Die mening stroomt voort uit zijn liefde voor de natuur. Een liefde die hij graag deelt met anderen, bijvoorbeeld tijdens de excursies die hij geeft. ,,Kíjk nou eens hoe ingenieus alles in elkaar zit. Hoe mooi en hoe kwetsbaar het is. Kíjk ernaar en houd er rekening mee. Dan kunnen we ervan blijven genieten.”