Gezondheidseconoom Xander Koolman. ,,Uitstel van zorg betekent niet zozeer dat er ook meer mensen dood gaan.” 

Gezondheidseconoom Xander Koolman: 'Virus laten waaien maakt economische schade niet minder'

Gezondheidseconoom Xander Koolman. ,,Uitstel van zorg betekent niet zozeer dat er ook meer mensen dood gaan.”  FOTO ANP

De economische schade die het coronavirus veroorzaakt is groter dan de gezondheidsschade. En die economische schade zal veel andere gezondheidsschade met zich meebrengen, beaamt gezondheidseconoom Xander Koolman. ,,Maar het virus laten rondgaan is niet de juiste reactie, dat maakt de economische schade niet minder.”

,,Bergamo-achtige situaties hadden we in Uden gehad”, memoreert Koolman. Als de noordelijke en andere ziekenhuizen tijdens de eerste coronagolf niet solidair waren geweest met de Brabantse ziekenhuizen. Hij noemt Bergamo, omdat deze Italiaanse stad bij de meeste mensen direct het beeld zal oproepen van overstromende ziekenhuizen en een kerk vol doodskisten. Maar hij had net zo goed New York, het Braziliaanse Manaus of het Texaanse El Paso bij de Mexicaanse grens kunnen noemen, waar vergelijkbare of ergere toestanden zijn ontstaan. ,,Dat willen we met zijn allen voorkomen.”

Koolman laat zich via sociale media als Twitter geregeld gelden in het publieke coronadebat en geldt als een van de twaalf leden van het Red team. Dat is een groep experts dat alternatieve input levert aan het Outbreak Management Team, dat het kabinet adviseert over te nemen maatregelen tegen verspreiding van het coronavirus. Maar Koolman spreekt in dit interview nadrukkelijk niet als lid van dat team, maar als gezondheidseconoom, die verbonden is aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.

Roken is dodelijker dan corona

Roken en een ongezonde leefstijl richten veel meer directe gezondheidsschade aan dan het coronavirus. Elk jaar worden zo’n 20.000 doden aan roken gerelateerd. Vorig jaar stierven er 45.000 mensen aan kanker en 37.000 aan hart- en vaatziekten, terwijl er tot nu toe zo’n 8800 dodelijke slachtoffers officieel geregistreerd staan als gevolg van covid-19 (officieus ligt dit aantal hoger - en zonder maatregelen zou dit dodental veel hoger liggen). Maar van de bestrijding van tabaksverslaving of de fastfoodcultuur maakt de rijksoverheid bij lange na niet zoveel werk als van de bestrijding van het coronavirus.

,,Is dit alles niet uit balans geraakt? Dat is een van de interessantste vragen van deze crisis. Als we roken het land uitwerken, krijgen alle rokers er een jaar levensverwachting bij. Lukt dat met kanker of hart- en vaatziekten, dan zelfs een paar jaar. Covid-19 bestrijden levert gemiddeld maar een maand extra levensverwachting op. Maar dit virus is iets anders. Degenen die doodgaan kunnen zichzelf vaak slecht beschermen. Volgens sommige inschattingen behoort een kwart van de Nederlanders tot de hoog risico-groep. Het zijn die kwetsbaren die de grootste risico’s lopen en die bijvoorbeeld afhankelijk zijn van de thuiszorg en de verpleegzorg. Het zijn anderen die ongewild de trekker overhalen.”

Je moet dus niet alleen kijken naar de ziektes waaraan mensen overlijden, maar ook naar de menselijke gedragingen, wil Koolman ermee aangeven. ,,Ik behoor niet tot de risicogroepen. Als ik mijn zoontje naar school breng, kan ik ook verongelukken in het verkeer. Risico hoort bij het leven. Ik kan dus denken: ik leef lekker door en trek me nergens wat van aan. Maar dat denk ik niet. Ik wil niet mensen besmetten die hier wel aan doodgaan, dus ik pas mijn leven aan.”

Samen het virus aanpakken

Anderen doen dat ook. De overheid zou minder aandacht aan de bestrijding van het coronavirus kunnen geven, mensen zullen zich blijven beperken, met economische schade tot gevolg, stelt Koolman. ,,Dat heeft te maken met de specifieke eigenschappen van dit virus. Dit moet je samen aanpakken, je past je gedrag aan uit solidariteit met elkaar. Ja, de economische schade die dat veroorzaakt zal heel veel gezondheidsschade veroorzaken. Maar het virus maar rond laten gaan is niet de juiste reactie, dat maakt de economische schade niet minder.”

De eerste golf heeft bijzondere inzichten verschaft, wat eventuele nevenschade aan de algemene gezondheid betreft, signaleert Koolman. ,,Er heeft een enorme reductie van zorg plaatsgevonden. Het totale volume aan zorg was veel lager. Ook als je covid-zorg meeneemt. In Brabant was het druk, maar hier in het VU-ziekenhuis en bij jullie in het UMCG lagen helemaal niet zoveel corona-patiënten.”

Zo vond Koolman het misschien wel het meest opmerkelijk dat een groot deel van de in het voorjaar uitgestelde zorg niet is ingehaald. ,,We zaten er op te wachten, maar díe golf kwam niet. Het was zelfs zo dat mensen die eigenlijk nog een jaar op de wachtlijst moesten staan voor een nieuwe heup naar voren werden gehaald. Dat was vreemd.”

Wat dit betekent? Dat is iets waar we na de coronacrisis goed over na moeten denken, vindt Koolman. ,,Veel dingen gaan vanzelf over... Het kan ook dat ouderen en kwetsbaren zich afvroegen of het ziekenhuis nog wel zo’n veilige plek was. Maar ook begin juli kwamen ze niet, toen ging het virus nauwelijks nog rond.”

Solidariteitsbijdrage aan de ziekenhuizen

Dat de zorgverzekeraars de niet-verleende zorg toch hebben vergoed en de ziekenhuizen zo hebben (over)gecompenseerd voor de wel verleende covid-zorg, vindt Koolman overigens niet meer dan logisch. ,,Dat moet je zien als een continuïteitsbijdrage om standby te staan. We konden niet voorzien hoe groot de coronagolf zou worden en zonder hadden we die Bergamo-achtige situaties in Uden gehad. De prijs daarvoor is dat we via onze polis ziekenhuizen hebben betaald om niks te doen. Een soort solidariteitsbijdrage, om te voorkomen dat zorgmedewerkers op straat komen te staan.”

De verpleegkundigen die waren klaargestoomd voor specialistisch werk op de intensive care keerden terug naar hun eigen afdeling in afwachting van de stroom patiënten voor uitgestelde zorg, maar die kwam dus niet. ,,Dat zegt echt wel wat. Het was niet zo dat mensen thuis met klachten op de bank bleven zitten, huisartsen zagen geen of nauwelijks patiënten die niet naar het ziekenhuis konden of wilden.”

Koolman ziet dit fenomeen ook in andere landen. In de Verenigde Staten was eveneens een enorme reductie van verleende zorg. Volgens de gezondheidseconoom bestaat er onderzoek waaruit blijkt dat er met zorg geschoven kan worden als die niet direct levensbedreigend is, zonder dat dit grote, schadelijke gevolgen heeft voor die patiënten. Tegenover zijn studenten haalt hij hiervoor onderzoek in Israël aan, waar ziekenhuispersoneel langdurig gestaakt heeft. Acute en semi-acute zorg en spoedeisende hulp gingen door. Maar reguliere zorg werd doorgeschoven. ,,Zondagsdiensten draaiden ze. Dat heeft daar een keer máánden geduurd. Je zou zeggen: als je 60, 70 procent van de planbare zorg op de lange baan schuift, dan zal je dat wel terugzien in de sterftecijfers. Maar dat zag je niet, in die periode nam de sterfte zelfs af. En fors, 20, 30 procent in het hele land. Begrafenisondernemers zaten zonder werk en dachten: wat gebéurt er?!”

Effecten van uitgestelde zorg

Of uitstel van zorg tot extra sterfte leidt, betwijfelt Koolman dan ook, al zijn de effecten van de uitgestelde zorg op langere termijn waarschijnlijk wel negatief, alleen is dit niet onderzocht. ,,De periode ná die staking ging vervolgens gepaard met oversterfte. Wel logisch, het komt er natuurlijk op neer dat een ziekenhuisbehandeling toch gewoon risicovol is. Een infectie of een verkeerd aangesneden vaatje kan grote gevolgen hebben, met name bij kwetsbare mensen. Het is nog geen bewijs, maar ik denk dat het uitstellen van planbare zorg niet per definitie meer gezondheidsschade oplevert.”

Een belangrijk deel van de operaties gaat niet over leven en dood, vervolgt Koolman. ,,Zoals bijvoorbeeld knie-operaties. De pijn wegnemen betekent wel meer kwaliteit van leven. Wat de uitgestelde zorg voor deze mensen heeft betekent, weten we niet. Misschien hebben die mensen in plaats van een chirurgische operatie wel gekozen voor fysiotherapie. Misschien hebben ze daar wel baat bij gehad en zijn ze daarom niet meer naar het ziekenhuis gekomen, dat weten we minder goed.”

De belangrijkste boodschap van Koolman is in elk geval dat uitstel van zorg niet zozeer betekent dat er ook meer mensen dood gaan. Dat is een relevante boodschap, want Koolman verwacht dat de reguliere zorg voorlopig niet op hetzelfde niveau kan worden verleend, ook al bereiden de noordelijke ziekenhuizen zich alweer voor op opschalen (zie kader). ,,In het voorjaar hadden we een coronagolf, dit is meer een tsunami”, verwacht hij over de tweede golf. ,,Deze gaat niet weg. Dat lukt niet, er is nu geen zomer, we zitten met zijn allen binnen, op elkaar. Dit loopt door tot aan mei. Het uitstellen van planbare zorg is niet een kwestie van een maand of anderhalve maand, maar van een half jaar.”

Noorden schaalt reguliere zorg weer op

De noordelijke ziekenhuizen zijn afgelopen week begonnen met voorbereidingen op het weer opschalen van de reguliere zorg. De zorg was de afgelopen weken tot de helft afgeschaald. ,,Dat verschilt per ziekenhuis. Bij ons konden we het beperken tot rond de 30 procent”, meldt Frits Mostert van Medisch Centrum Leeuwarden namens de ziekenhuizen. Het aantal ic-bedden dat voor covid-19-patiënten beschikbaar moet zijn mag van het landelijk spreidingscentrum LCPS teruggebracht worden van 100 naar 70, en de gewone klinische bedden van 160 naar 122.

Of de reguliere zorg daadwerkelijk weer wordt opgeschaald hangt af van de ontwikkelingen van het aantal coronabesmettingen en ziekenhuisopnames. De daling is in het Noorden tot stilstand genomen en het aantal noordelijke patiënten in de ziekenhuizen neemt toe. In de noordelijke ziekenhuizen liggen nu 172 coronapatiënten, van wie 55 op de intensive care. Bijna de helft komt uit andere regio’s, zoals Rotterdam.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct