Gevoel van onveiligheid onder boa's neemt toe, It Fryske Gea wil nu toch echt bewapening

Een boa van Staatsbosbeheer. FOTO ANP

Toezichthouders in buitengebieden voelen zich steeds onveiliger, blijkt uit een enquête van het Groene BOA Werkgeversoverleg. Dat niet iedereen dezelfde uitrusting heeft, zorgt voor frustraties.

Om alle meldingen van incidenten te kunnen bundelen, is er een landelijke enquête rondgegaan onder boa’s (buitengewoon opsporingsambtenaren). Bijna de helft van alle boa’s (242) reageerde. Zij laten onder meer weten dat het aantal incidenten stijgt, dat ze in toenemende mate worden geconfronteerd met geweld en dat de samenwerking met de politie stukken beter kan.

Om het probleem aan te pakken, willen de werkgevers structureel een bijdrage van 4 miljoen euro per jaar, om de nu actieve boa’s op te leiden en betere uitrusting te financieren. Ook mag het aantal groene boa’s niet verder afnemen. ,,Wij doen overheidstaken en dan is een bijdrage op z’n plaats’’, zegt Marjolein Koek van Natuurmonumenten. De werkgevers gaan nog met politie en het ministerie van Justitie en Veiligheid in gesprek.

Bekijk hier de resultaten van de enquête

Volgens Koek neemt het aantal boa’s in buitengebieden (groene boa’s) af en laat de politie zich er minder vaak zien. ,,Vroeger deden we dit samen met hen, maar ze houden nog amper toezicht’’, zegt de woordvoerster. ,,Daar is ook een capaciteitsprobleem en de politie roeit met de riemen die ze heeft, maar de buitengebieden worden steeds leger. Je kunt op vierduizend hectare grond niet maar één boa hebben. En als je alleen tegenover tien sterke mannen staat, ga je niet ingrijpen.’’

Niet alle boa’s zijn uitgerust met bijvoorbeeld wapenstok, handboeien en pepperspray, iets wat wrevel wekt onder de ondervraagden. Bijna de helft (47 procent) wil beter bewapening om de soms onveilige situaties de baas te kunnen. Koek: ,,Je hebt soms te maken met stropers en drugsafval of mensen met een hond die door het lint gaan. Dan heb je te maken met politietaken en moet je handelend kunnen optreden.’’

Veilig dankzij wapenstok

Gjerryt Hoekstra van Staatsbosbeheer voelt zich juist dankzij die veiligheidsmiddelen senang in zijn werk. ,,Dat is echt wol needsaak, ik soe dit wurk leaver net dwaan as ik gjin wapenstok hawwe soe.’’ Hoekstra noemt het aangaan van een gesprek evenwel zijn belangrijkste wapen, al wordt dat ook steeds lastiger. Mensen houden er niet van te worden aangesproken op hun gedrag. ,,Mar as sy sjogge dat ik in wapenstok ha, dan ha je dochs in oar petear en binne minsken foarsichtiger.’’

Gemiddeld worden boa’s volgens de enquête vijf keer per jaar geconfronteerd met geweld. Hoekstra heeft tijdens zijn werk wel eens doodsbedreigingen gekregen. ,,Dan sizze se dat se my deameitsje sille, as ik in bekeuring útskriuw.’’

Het komt volgens hem regelmatig voor dat collega’s de confrontatie niet durven aangaan, omdat ze tegenover een meerderheid staan. ,,Dan kinst mei in grutte mûle mei dingen weikomme.’’ Hij noemt het daarnaast krom dat hij wel met bewapening rondloopt en zijn collega’s van It Fryske Gea niet. ,,We dogge itselde wurk.’’

De politie, die erover gaat, is echter nog niet te vermurwen. ,,Wy moatte oantoane dat wy in wapenstok nedich hawwe, mar wêrom hoecht de plysje dat net te dwaan? Sy brûke harren pistoal ek net in soad. Wy moatte earst platslein wurde foardat der aksje ûndernaam wurdt.’’

Boa’s van It Fryske Gea lopen wel eens weg bij gevaarlijke situaties. Bijvoorbeeld toen een toezichthouder in een vogelkijkhut mensen met boksbeugels en steekwapens tegenkwam. In zo’n geval staat de eigen veiligheid voorop en belt de boa de politie.

Eén van de kritiekpunten die de boa’s hebben, is dat de aanrijtijd van de politie - die soms over onverharde paden naar een incident moet rijden - te lang is. ,,Dat duorret soms wol trije kertier’’, zegt Sipko Sikkes, coördinator bij It Fryske Gea. ,,Dat kin dan ûnfeilich wêze. Ik skriuw sels ek wolris in kenteken op as ik yn it fjild bin en dan bist foaral dwaande mei it fêstlizzen fan in situaasje en net mei hanthaving. Dat bart hieltyd mear en dat is frustrearjend.’’

Sikkes ziet dan ook liever vandaag dan morgen dat zijn boa’s de minimale bewapening (handboeien en wapenstok) krijgen. Daarover is It Fryske Gea al twee jaar in gesprek met de politie, die toezichthouder van de boa’s is. De Friese korpsleiding moet wat hem betreft zo snel mogelijk toegeven. ,,Der wurdt muoilik oer dien, mar it is wol hiel wichtich. As de boa’s harren ûnfeilich fiele, kinne se har wurk net goed dwaan.’’

Kort geleden was er nog een gesprek tussen de politie en It Fryske Gea, maar dat heeft nog geen resultaat opgeleverd. ,,Wy wachtsje al in moanne op antwurd. Der moat wat barre, want de praktyk bewiist no de needsaak fan it bewapenjen.’’

menu