Het bekritiseerde rapport werd gepresenteerd bij Proeftuin De Welle in Koufurderrige.

Het Veenweideprogramma is volgens de 8 betrokken gemeenten te beperkt

Het bekritiseerde rapport werd gepresenteerd bij Proeftuin De Welle in Koufurderrige. FOTO NIELS DE VRIES

De reikwijdte van het Veenweideprogramma is te beperkt, vinden de acht betrokken gemeenten.

De veranderingen die nodig zijn in de veenweidegebieden overstijgen volgens de gemeenten de landbouw- en watertransitie waarop nu de nadruk ligt. Het vorige week gelanceerde Veenweideprogramma 2021-2030 bevat maatregelen om de veenafbraak, bodemdaling en CO2-uitstoot in Frieslands Lege Midden te beperken.

,,Wanneer we de grote opgaven zoals klimaatadaptatie, energietransitie en biodiversiteit voor ogen hebben, denken we dat er op de lange termijn meer verandering nodig is’’, schrijven de colleges van Dantumadiel, De Fryske Marren, Heerenveen, Leeuwarden, Opsterland, Smallingerland, Súdwest-Fryslân en Weststellingwerf in een gezamenlijke reactie. ,,We kunnen niet alleen investeren in ‘vasthouden van het bestaande’, maar moeten ook kijken naar nieuwe economische dragers.’’

‘Slimme groei’

De gemeenten noemen verschillende opties om de plannen te verbreden. Ze vragen planologische experimenteerruimte voor duurzame energiewinning, bepleiten een ,,slimme groei’’ van recreatie en toerisme en zien kansen voor landelijk wonen nu steden overlopen en thuiswerken meer de norm is.

Hoewel het Veenweideprogramma vorige week ook namens de gemeenten werd gepresenteerd, lezen de colleges er in terug dat provincie en Wetterskip Fryslân het voortouw hebben genomen. Dat de nadruk ligt op landbouw en waterhuishouding is af te lezen aan de kostenraming. Van de benodigde 549 miljoen euro is 417 miljoen bedoeld voor aanpassingen in de landbouw en 102 miljoen voor watermaatregelen.

Inhaalslag maken

Om op gelijke voet te kunnen meepraten, moeten de gemeenten een serieuze inhaalslag maken, zegt wethouder Roel de Jong van De Fryske Marren. Provincie en waterschap praten al jaren over veenzaken, terwijl de gemeenten pas net instappen. ,,As de rieden meidwaan wolle, moatte se wol de kâns ha har de matearje eigen te meitsjen’’, zegt De Jong, die namens de gemeenten meeschreef aan het programma.

Daarvoor willen de acht colleges de inspraakperiode gebruiken die nog tot eind december loopt. Ze nemen het Veenweideprogramma eerst voor kennisgeving aan en leggen hun gezamenlijke concept-zienswijze in december voor aan de gemeenteraden.

Proeven opzetten

De colleges voorzien dat het veenweideplan nog flink zal worden versleuteld op grond van de reacties. Landbouw- en natuurpartijen namen bij de presentatie al afstand. De gemeenten beslissen in het voorjaar of zij meegaan in het programma. Roel de Jong sluit niet uit dat zij tegen die tijd tot verschillende keuzes komen.

In het Veenweideprogramma wordt voorgesteld een subsidieregeling in het leven te roepen waarmee huiseigenaren kunnen laten onderzoeken in hoeverre funderingen schade lijden door lage waterstanden en bodemdaling. De gemeenten ondersteunen dit. ,,Dan witte eigners wêr’t se oan ta binne en krije wy ek in konkreter ynsjoch yn de problemen’’, schetst De Jong.

Streven is om in 2022 te besluiten over nadere maatregelen. De gemeenten stellen voor in de tussentijd proeven op te zetten waarmee concrete hulp kan worden geboden, ,,bijvoorbeeld via procesondersteuning of het verstrekken van een lening.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct