Functioneren van jeugdbescherming staat in Friesland onder druk

Het functioneren van jeugdbescherming staat onder druk in Friesland. Zorgprofessionals uiten twijfels over de deskundigheid van een deel van de medewerkers. De gecertificeerde instellingen herkennen de druk, maar niet de kritiek.

Uit gesprekken en mailwisselingen die de Leeuwarder Courant de afgelopen maanden voerde met ouders van onder toezicht gestelde kinderen, zorgprofessionals, de uitvoerende instanties en de rechterlijke macht, doemt duidelijk een beeld op van de problemen bij de jeugdbescherming. De afgelopen drie maanden zochten zeven wanhopige ouders onafhankelijk van elkaar contact met de krant vanwege grieven over jeugdzorg. In alle gevallen hadden de ouders te maken met een of meer uit huis geplaatste kinderen. Rode draad in hun kritiek is te veel macht bij de gezinsvoogden, gebrekkige communicatie en incapabele medewerkers.

'Ik had nooit hulp moeten zoeken'

Bij twee van de ouders leidde een melding van mogelijke kindermishandeling en problematisch gedrag van een kind ertoe dat de melder uiteindelijk zelf uit de ouderlijke macht werd gezet, zonder dat de melding is onderzocht. In hoeverre dit laatste klopt is onduidelijk, het is in elk geval niet met hen en de professionals om hen heen gecommuniceerd. ,,Ik had nooit hulp moeten zoeken. Ik ben mijn kind kwijtgeraakt en dat kan iedereen overkomen”, waarschuwt Hendrik-Jan Oussoren uit Appelscha.

Lees ook: 'Met een stoornis sta je bij jeugdzorg met 10-0 achter'

Enkele onafhankelijke professionals (twee psychiaters, een psycholoog, een pedagoog en een begeleider) uit de zorg ondersteunen de kritiek van de ouders. Ze hebben in hun werk vergelijkbare ervaringen gehad met de voor jeugdbescherming gecertificeerde instellingen in Friesland. Dat zijn het Regiecentrum Bescherming en Veiligheid, het Leger des Heils en de William Schrikker Groep. Het kennisniveau van de voogden over vooral psychiatrische problematiek is onvoldoende, er wordt niet met hen samengewerkt, de handelwijze werkt escalaties in de hand, er wordt niet of slecht gecommuniceerd en de rapportages rammelen, vinden ze.

Zwartboek

De kritiek sluit naadloos aan bij wat sociaal pedagoog Harry Berndsen uit Burdaard vorig jaar na jarenlang onderzoek in een zwartboek naar buiten bracht. De kern van Berndsens kritiek luidde dat conclusies van instanties lang niet altijd op objectiveerbare feiten zijn gebaseerd, terwijl de Jeugdwet dat wel voorschrijft. Sinds het uitbrengen van zijn rapport Keteninfantiliteit in de Jeugdzorg is er niets veranderd, zegt Berndsen. ,,Ik heb veel reacties gehad van mensen die zich erin herkenden en om hulp vroegen. Maar niet van de instanties en de politiek, die zwijgen.”

'We zien de kritiek niet terug in de getallen'

Ook zorgaanbieders die een probleem hebben met jeugdzorg belanden in een vicieuze cirkel, zegt psychiater Elbert-Jaap Schipper uit Sneek. ,,Ouders en kinderen lijken bijna volledig afhankelijk van de voogden, terwijl die lang niet alle kennis in huis hebben. Heel zorgelijk. Het systeem is failliet.” De professionals zijn terughoudend met meldingen van vermoedens van ernstige mishandeling van kinderen bij Veilig Thuis, omdat ze twijfels hebben of hun melding wel in goede handen is. Sinds 1 januari is de meldcode aangescherpt voor acht beroepsgroepen, vooral in de zorg en het onderwijs.

De uitvoerende instanties herkennen zich niet in de kritiek. ,,Die komt van een erg klein deel van de duizenden cliënten en samenwerkingspartners die wij hebben”, zeggen de directeuren Marianne Sinot en Jeanette Nijland van Regiecentrum Bescherming en Veiligheid, waar ook Veilig Thuis onder valt. Met Jeugdbescherming & Reclassering van het Leger des Heils en de William Schrikker Groep zijn ze verantwoordelijk voor de uitvoering van jeugdbeschermingsmaatregelen, zoals ondertoezichtstellingen en uithuisplaatsingen. Volgens Regiecentrum zijn er vorig jaar van de 33 klachten -– die ingediend zijn bij de onafhankelijke externe klachtencommissie – 3 gegrond verklaard. ,,We zien de kritiek ook niet terug in de getallen.”

Discussie

Het Leger des Heils ziet dat er wel veel discussie is over communicatie en rapportage. Maar dat ligt niet aan de kwaliteit daarvan. De complexe problematiek neemt toe en dat vraagt volgens het Leger des Heils om afgewogen woorden. ,,Dan doe je het al gauw niet goed”, meldt woordvoerder Galiëne Pott vanuit het landelijke hoofdkantoor in Utrecht.

Zowel Regiecentrum als het Leger des Heils wijst erop dat hun medewerkers hooggeschoold zijn, veelal ervaren en geregistreerd ook. De gezinsvoogden toetsen hun inzichten intern bij gedragswetenschappers en vertrouwensartsen. Psychiaters hebben ze niet in dienst. Adviezen worden extern ingewonnen. Dat gaat goed, vinden de instellingen en ook de Raad voor de Kinderbescherming. Die laatste instantie is onafhankelijk en adviseert de rechter.

Vertrouwen

De Raad voor de Kinderbescherming heeft vertrouwen in de Friese gezinsvoogden, laat gebiedsmanager Robert Vonk weten. ,,Wij hebben over het algemeen genomen geen reden aan te nemen dat er slecht gecommuniceerd wordt door de gecertificeerde instellingen. Dat er te vaak escalerend wordt geopereerd zien wij niet. De gezinsvoogden werken onder hoge druk, dit maakt het werk niet eenvoudig.” Kinderrechter Tilly van der Hoeven beaamt dat de ene beslissing makkelijker is dan de andere. ,,Natuurlijk twijfel ik wel eens wat ik moet beslissen, maar als ik eenmaal beslis sta ik daar helemaal achter. Toch ben ik blij dat er hoger beroep mogelijk is, want een andere/hogere rechter kan er natuurlijk anders over denken dan ik en dan heeft degene die niet zijn zin heeft gekregen nog een kans om het voor te leggen.’’

De Leeuwarder Courant publiceert de komende twee weken verschillende artikelen over de jeugdbescherming.

Lees ook: 'Met een stoornis sta je bij jeugdzorg met 10-0 achter'

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement