'Friese musea moeten handen meer ineenslaan'

Naast het Fries Museum krijgen Museum Belvédère, Museum Drachten, het Fries Scheepvaart Museum, het Natuurmuseum en de combinatie van Museum Martena en Koninklijk Eise Eisinga Museum geld. Foto: ANP

Alleen door ‘over de schutting heen te kijken’ en niet ‘naar binnen gekeerd’ te blijven, kunnen de Friese musea van maatschappelijke betekenis blijven.

De adviescommissie die de Friese museale infrastructuur onder de loep nam, ziet dat de museumsector in de provincie een kwaliteitsslag nodig heeft om in de toekomst betekenisvol te zijn. Onder musea is het nu ieder voor zich. Alleen door ,,over de schutting heen te kijken’’ en de samenwerking te zoeken met musea uit hetzelfde speelveld kunnen ze relevant blijven, zegt voorzitter van de onafhankelijke commissie Minke Schat, afkomstig uit Dokkum en directeur van Museum Panorama Mesdag in Den Haag.

Gisteren adviseerde de commissie om zeven musea de komende vier jaar met provinciaal geld te ondersteunen. Naast het Fries Museum krijgen Museum Belvédère, Museum Drachten, het Fries Scheepvaart Museum, het Natuurmuseum en de combinatie van Museum Martena en Koninklijk Eise Eisinga Museum geld. Zeven aanvragen werden niet gehonoreerd. De provincie neemt de adviezen een-op-een over. Museumdirecteuren kunnen beroep aantekenen.

Friese museumlandschap

De adviescommissie bekeek het Friese museumlandschap ‘door de oogharen’ en ziet dat veel musea zich op dezelfde terreinen begeven. ,,Dat kan beschouwd worden als de rijkdom van de cultuur in Fryslân, maar het legt tegelijk ook inherente zwaktes bloot’’, oordeelt de commissie. Ze adviseert om de musea te clusteren rond oorlog, sociale geschiedenis en wetenschap, om ,,betekenisvol te kunnen zijn en om voldoende inhoudelijke kwaliteit te kunnen waarborgen’’.

Lees ook | Bekijk hier welke culturele organisaties de komende jaren geld krijgen van de provincie

Het Planetarium en Museum Martena krijgen steun op voorwaarde dat ze gaan samenwerken. ,,Beide begeven zich op het terrein van wetenschapsgeschiedenis’’, zegt Schat. ,,Tussen beide musea zit 100 meter, dan moet je samenwerken en komen tot eenzelfde visie op wetenschapsgeschiedenis.’

Aanvragen

De commissie ziet dat bij veel musea die een aanvraag indienden een ‘visie op het eigen bestaan te wensen overlaat’. ,,Groter is niet altijd beter’’, zegt Schat. ,,Meer kwaliteit wel.’’ Volgens de commissie kan samenwerken leiden tot een fusie, maar dat moet niet het doel zijn.

Kind van de rekening is het Fries Landbouwmuseum in Leeuwarden. Volgens de commissie wil het museum te veel en zijn de plannen bombastisch. Bovendien houdt het zich afzijdig in het debat dat gaande is over landbouw. Volgens Schat moet het museum hun ,,stem pakken’’ en ,,onderdeel worden van dat debat’’. Het museum blijft aan de zijlijn staan, terwijl er alle reden is om ,,actueel en maatschappelijk relevant te zijn. Noem de discussie over stikstof, maar ook biodiversiteit en de nieuwe manier van boeren. De urgentie ontbreekt.’’

Ondernemerschap

De adviescommissie vindt wel dat het Fries Landbouwmuseum tot de museale infrastructuur behoort. De commissie adviseert de provincie om via andere wegen het museum te ondersteunen. Gedeputeerde Sietske Poepjes (CDA, cultuur) zal in gesprek gaan met de museumdirectie. ,,Mar foar dizze ronde is it dien foar it museum. Dat is in bittere pil.’’

De commissie is erg te spreken over Museum Belvédère en Museum Drachten. Die krijgen voor het eerst structureel provinciaal geld. Lovend is Schat over Belvédère, dat ‘excellent’ scoort op alle vlakken, zoals inhoudelijke profilering, kwaliteit, professionaliteit en ondernemerschap.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland