Friese Indiëherdenking klein, maar wel twee keer

Jakob Hoogsteen (links), secretaris van stichting Indiëmonument Friesland, luistert tijdens de bescheiden herdenking ‘s morgens in het Rengerspark naar de trompettist, voor de kranslegging. FOTO HOGE NOORDEN/JACOB VAN ESSEN

Publiek was er niet, bij de herdenking van Friese militairen die in Nederlands-Indië en Nieuw-Guinea zijn omgekomen. Wel waren er in Leeuwarden twee ceremonies.

Elke laatste woensdag van augustus worden bij het Indiëmonument in het Leeuwarder Rengerspark de 168 Friese militairen herdacht die in Nederlands-Indië zijn omgekomen. Normaal is dat een grootse gebeurtenis, met genodigden, veteranen, muziek en sprekers. ,,Toen deze herdenkingen in 1993 begonnen, waren er wel drieduizend man’’, memoreerde Jakob Hoogsteen, secretaris van stichting Indiëmonument Friesland en al 25 jaar actief bij de herdenking betrokken.

Vanwege corona werd het dit jaar bescheiden gehouden. Er hadden honderd man bij gemogen, maar Hoogsteen had gezegd: ,,Dan ga ik niet bij het hek staan.’’ Hij had er geen trek in nummer 101 weg te moeten sturen. Bovendien hadden alle stoelen anderhalve meter uit elkaar moeten staan: ,,Dan is meteen het halve park vol.’’

Belang van herdenken, ook zonder publiek

De herdenking werd afgelast. Wel was er gistermorgen een bijeenkomst zonder publiek, met het stichtingsbestuur, van wie voorzitter Roel Sluiter een praatje hield, en Sybrand Buma, de burgemeester van Leeuwarden, die het belang van herdenken onderstreepte. ,,De beslissing om in Indië en Nieuw-Guinea te vechten lag niet bij onze militairen. Maar velen gaven wel hun leven. Het is belangrijk om dit besef hier en nu samen te delen. En om dit elk jaar op deze dag te blijven doen.’’

Daaraan vooraf blies een trompettist de taptoe. En secretaris Hoogsteen (85) maakte bekend dat dit na 25 jaar zijn laatste keer was. ,,Het is mooi genoeg. En die dag nadert snel, dan moet er iemand zijn die het overneemt.’’

Tweede ceremonie

Zo sober was ook al de herdenking geweest van 75 jaar Leeuwarder bevrijding op 15 april, waar enkel Buma en commissaris Arno Brok bij waren. ,,Dit kan niet. Dit kan absoluut niet’’, had Gerard Frijling toen gedacht, de voorzitter van Friese afdeling van de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reserve Officieren. ,,Dit konden we niet zomaar voorbij laten gaan.’’ Met anderen besloot hij vandaag een eigen ceremonie te houden, met militair eerbetoon.

Die was gistermiddag, ook met Hoogsteen erbij, en drie mannen in uniform die nog eens twee kransen neerzetten. Precies toen de ceremonie begon, hield de regen op en brak de zon door. Speeches werden niet gehouden, er werd zwijgend gesalueerd. Hoogsteen vond het ,,meer dan geweldig dat jullie dit gedaan hebben’’.

Na afloop kreeg hij een kruikje berenburg, ,,onze huisdrank in Havelte’’, met het embleem van Johan Willem Friso op het etiket - als dank voor zijn inzet.