'De natuur ontwikkelt zich goed, was het idee'

Wethouder Rob Jonkman (CU) bij het polderhoofdkanaal. Er zijn opnieuw juridische problemen met het kanaal. Foto Jilmer Postma

,,Wij dachten dat we op de goede weg waren’’, zegt wethouder Rob Jonkman van Opsterland. De verbazing over de rechterlijke uitspraak dat natuurcompensatie niet goed is uitgevoerd, is groot.

Op het Provinsjehûs in Leeuwarden en het gemeentehuis van Opsterland sloeg het in als een bom: het oordeel van de rechtbank Noord-Nederland over de natuurcompensatie voor het Polderhoofdkanaal (Nij Beets-De Veenhoop). Essentie: die compensatie is niet conform de verplichtingen uitgevoerd. De provincie moet optreden.

Opsterland is het formele aanspreekpunt voor de uitvoering. Wethouder Rob Jonkman, die het project in portefeuille heeft, is politiek de eerstverantwoordelijke. Hij moet ervoor zorgen dat de gemeente de ontheffing Flora- en faunawet respecteert, die in 2013 door toenmalig staatssecretaris Sharon Dijksma is verstrekt.

Bent u verbaasd over de uitspraak van de rechtbank?

Jonkman: ,,Die is verrassend, ja. Eerder hebben de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland en de provincie kritisch naar de uitvoering gekeken. Het oordeel was steeds dat de natuur zich goed ontwikkelt. Met hun handhavingsbesluiten in de hand dachten wij dat we op de goede weg waren.’’

Hij merkt wel op dat de RVO en het provinciebestuur – mogelijk – een andere insteek volgden dan de rechtbank. De Rijksdienst en het college van gedeputeerde staten hebben zich in respectievelijk 2016 en 2017 gebogen over een verzoek tot handhaving, omdat inwoners van het gebied constateerden dat de ontheffing niet naar de letter is uitgevoerd. Zij vellen een bestuurlijk oordeel. In beide gevallen was de conclusie dat er geen reden is tot handhaving. De rechtbank toetst juridisch.

Waarom is van voorschriften van de ontheffing afgeweken?

Jonkman: ,,De gemeente heeft de werkzaamheden in het kanaal uitgevoerd, de natuurcompensatie is door de provincie uitgevoerd. Die is na voltooiing opgeleverd. De provincie wilde het graag zelf doen. We hebben daar een aparte overeenkomst over afgesloten.’’

Als ontheffinghouder bleef de gemeente, die ook zelf een deel van het karwei uitvoerde, hoofdverantwoordelijk. Maar de provincie nam een belangrijk deel van het werk over.

Jonkman: ,,De ontheffing was het uitgangspunt. Maar als je gaandeweg het project denkt dat het op engineeringniveau handiger of beter is om het anders te doen, kan dat. Daar zijn ecologen bij betrokken. We hebben de resultaten laten monitoren en die waren goed. Misschien niet naar de letter, wel naar de geest. Uitgangspunt was dat de natuurwaarden in de compensatiegebieden vergelijkbaar zouden zijn met die in het Polderhoofdkanaal.’’

Volgens bureau Altenburg & Wymenga (Feanwâlden) zijn bij dit soort projecten ,,kleine aanpassingen’’ gebruikelijk. Het bureau schrijft dit in een onderzoek dat in opdracht van Opsterland is verricht. Jonkman wijst op een uitspraak uit 2014 van de Raad van State over het Polderhoofdkanaal, die ook ruimte lijkt te laten voor aanpassingen.

Moest er op natuur bezuinigd worden?

,,Nee. Waarom is een project dat in eerste instantie maar een paar miljoen euro zou kosten – 1,8 miljoen voor het herstellen van twee sluizen om een vaarweg te kunnen openen – op een paar euro na 20 miljoen geworden? Omdat we natuur wilden compenseren! En dan blijkt het ook nog aan te slaan. Het is geen weggegooid geld. Het was hier trouwens niet zo dat de gemeente Opsterland het Polderhoofdkanaal per se open wilde maken. Nee, de gemeenschappen van Nij Beets en De Veenhoop wilden het. En wij werkten mee.’’

Onderzoek zegt dat een reeks voorschriften niet of deels is uitgevoerd. Wat kost herstel?

Jonkman: ,,Voor de gemeente zal dat wel meevallen. Op een paar plekken hebben we geen palenrij gemaakt. Maar we hebben elders meer oever gerealiseerd. Verder hebben wij, in tegenstelling tot wat er is gezegd, wél viswerende maatregelen genomen. De meeste onzekerheden zullen wellicht niet niet bij het kanaal zelf zitten maar bij de compensatiegebieden. Dat ligt bij de provincie.’’