De Tijdlijn: Mieters

In honderd jaar kan er een boel gebeuren. Deelnemers aan De Tijdlijn weten er alles van. In deze nieuwe serie, vandaag deel 4, zet iemand met veel levenservaring een punt. Wat was voor hem of haar een bijzonder moment of een speciale gebeurtenis?

Eerst even de algemene kennis testen: weet iedereen wie Eduard Douwes Dekker was? Precies. Multatuli natuurlijk, de schrijver van Max Havelaar.

In juni 2002 werd Max Havelaar door de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde uitgeroepen tot het belangrijkste Nederlandstalig letterkundige werk aller tijden. In 2004 eindigde Multatuli op de 34e plaats in de verkiezing van De grootste Nederlander.

En wat heeft dat nu te maken met de 97-jarige Martje Wenniger uit Oldeberkoop? Het curieuze feit wil dat zij in de oorlog verkering kreeg met onderduiker ‘Eddie’ Douwers Dekker, student uit Delft en inderdaad, nazaat van.

Liefde

Eddie lag eind 1943 met difterie op zijn duikadres in Oldeberkoop en Martje verpleegde hem. Daar sloeg de liefde toe, en dat moment mag op de Tijdlijn. Want de affaire kreeg grensoverschrijdende gevolgen.

Martje woonde bij heit en mem op de boerderij en ging naar de nieuwe huishoudschool in Oldeberkoop. De boerderij lag lekker achteraf, zodat Eddie met een gerust hart veilig langs kon komen.

Na de oorlog vertrok het stel echter naar Den Haag, naar de familie van Eddie. Martje werd ondergebracht bij een tante van de familie en begon bij Schoevers aan een opleiding voor een betrekking op kantoor.

Mieters

,,Ik neamde har tante Fine. Sy wenne allinnich, want har man wie stoarn.’’ Het waren intense tijden, die naoorlogse jaren. Martje verhaalt van studentenfeesten, gala’s en rode lopers. En de opkomst van het modewoord ‘mieters’.

,,Alles wie mieters yn dy tiid.’’ Nou ja, alles. De verkering met Eddie niet, want die ging uit. ,,Ik hie al sa’n gefoel dat der in oar yn it spul wie,’’ zegt Martje. Maar zee zat niet bij de pakken neer en vertrok naar Londen. Naar vrienden van tante Fine. Om Engels te leren.

Pas toen mem overleed, keerde ze terug naar Oldeberkoop. Daar koppelde een nicht van Herman Wenniger het famke fan Londen aan de boerenzoon uit Haule. ,,Wy hiene wol in klik.’’

Huwelijk

Ook vlinders in de buik, net als eerder met Eddie? ,,Nee, dat hast net mear op dyn tritichste.’’ Maar wel een lang en gelukkig huwelijk, dat eindigde in 2007, toen Herman op zijn 86e overleed. Ze waren 53 jaar getrouwd. Hadden jarenlang een boerenbedrijf in Haule en verhuisden daarna naar Bakkeveen. In Haule viel ze wel op, je kon zien dat ze over de grens had gekeken. Lachend: ,,Ik wie hip yn Haule.’’

Sinds twee maanden woont Martje nu in Goutum, bij het gezin van haar dochter Klaske. Tot die tijd woonde ze zelfstandig in Bakkeveen. En een bejaardenhuis was geen optie.

,,Ik hie sa graach yn myn eigen hûs stjerre wold, mar it koe net mear. Ik wol alles, mar ik kin niks. Ik bin wol fyftjin kear yn ’e tún fallen en koe net wer oerein komme. Ik lei as in skiep op ’e rêch. It is wol apart, ik ha noait siik west mar ha allinnich fan dy brike dingen. Datst hieltyd falst.’’

Ûnsin

Dat ze ook behoorlijk slechthorend is, is niet zo’n punt vindt ze. ,,It measte wat minsken sizze is dochs ûnsin.’’

Ze heeft haar eigen kamer met tv en badkamer. Aan de muur hangt een tekening van de boerderij in Oldeberkoop, die Eddie maakte. Hij kon goed tekenen, is later architect geworden.

,,Mar hy libbet ek net mear. Alles is fuort. Ik ha my sûnder Herman noait allinnich field mar it wie froeger wol oars. Gjinien hie jild en je holpen elkoar. No is it allegearre jild en minsken wolle net mear wat foar in oar dwaan.’’

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement