De Lelylijnbrief die niet mocht komen

O, o Den Haag. ILLUSTRATIE LC

Een wekelijkse kijk op politiek Den Haag. In deze aflevering: schermutselingen op hoog niveau over een spoorbrief die er niet mocht komen.

Alle insiders zaten er klaar voor. Donderdagmiddag klokslag vijf uur zou het ministerie van Infrastructuur komen met het langverwachte haalbaarheidsonderzoek naar de Lelylijn, dat nieuwe spoortraject tussen Lelystad en Groningen dat het Noorden dichter bij de Randstad moet brengen.

Het rapport kwam niet. Bestuurders in Noord-Nederland bleven verbijsterd achter. In Den Haag blijkt de Lelylijn onderdeel te zijn geworden van hoog politiek spel.

Het rapport en de bijbehorende brief hadden op het ministerie van Infrastructuur aan de Rijnstraat alle gremia doorlopen. Ze waren zelfs de allerhoogste ambtenaar gepasseerd, directeur-generaal Mobiliteit Kees van der Burg, en maandag in vertrouwelijkheid doorgestuurd naar de mede-opdrachtgevers in Noord-Nederland. In de loop van donderdag zei staatssecretaris Stientje van Veldhoven ‘ho’. De stukken over de Lelylijn blijven tot de herfst in de la.

Gedeputeerde Avine Fokkens moet vrijdag nog duidelijk moeite doen om haar ergernis te verhullen. De formele reactie luidt dat zij ‘erg teleurgesteld’ is, maar in huize Fokkens klonken deze week minder fraaie termen. ,,Het lijkt wel alsof het kabinet die spoorlijn gewoon niet wíl.’’

loading

Vorig jaar kwam er een motie van de Tweede Kamer aan te pas om een haalbaarheidsonderzoek af te dwingen naar dat nieuwe spoortraject. Het ministerie huurde Studio Bereikbaar in, een Rotterdams bureau dat blijkens de eigen website ‘bereikbaarheidsambities tot uitvoering brengt’.

Nu is de naam van het bureau best toepasselijk, sneert Wim van Wegen, fractievoorzitter van D66 in de Noordoostpolder en bestuurslid van de Initiatiefgroep Lelylijn. ,,Maar ik weet niet of wíj er zoveel mee bereiken.’’

Een vijf uur durend algemeen overleg over infrastructuur draaide donderdag in de Tweede Kamer uit op een grote sof. Vrijwel alle fracties pleitten vóór de Lelylijn en vóór sneller openbaar vervoer naar Noord-Nederland, maar staatssecretaris Van Veldhoven trapte telkenmale op de rem. Ze sprak van lastige keuzes die extra onderzoek vergden. Waar het Amsterdamse project Zuidasdok moeiteloos een miljardje meer mocht kosten, ging de Lelylijn op de lange baan. Als klap op de vuurpijl betoogde Inframinister Cora van Nieuwenhuizen dat Nederland te klein is voor het bestaan van een periferie.

De uitkomsten van het Lelylijnrapport zijn van groot belang. Politieke partijen schrijven deze zomer hun verkiezingsprogramma. De spoorlijn wordt in 2021 onderdeel van het grote Haagse formatiespel. De conclusies die nu geheim moeten blijven, zijn voor het Noorden niet onvoordelig. De geschatte aanlegkosten zijn tussen de 4,3 en 6,4 miljard euro. Dat is minder dan de 7,1 miljard euro die nodig is om het bestaande spoor op te waarderen tot een snel spoor. Bureau Bereikbaar berekende op speciaal verzoek van Van Veldhoven ook de optie van een snelle buslijn door de Flevopolder, hét stokpaardje van de staatssecretaris. Dat idee wordt genadeloos afgeschoten. Een buslijn levert geen enkele tijdwinst op en krijgt geen automobilist van de auto in het openbaar vervoer.

,,Wij stonden handenwrijvend klaar’’, zegt Van Wegen, wiens initiatiefgroep een nieuwe campagne zou aanslingeren. Fokkens filosofeert dat de staatssecretaris wellicht uit haar hum is vanwege die afgeschoten buslijn. Zuinigjes: ,,Ik moet in het algemeen concluderen dat er bij het kabinet wat minder enthousiasme is voor noordelijke projecten.’’ Geluk bij een ongeluk: de noordelijke provincies waren mede-opdrachtgever van het Lelylijn-rapport. De uitkomsten liggen bij deze op straat. Of ze het kabinet nu aanstaan of niet.

saskia.van.westhreenen@lc.nl