BEELDBEWERKING LEEUWARDER COURANT. FOTO'S LC ARCHIEF

De Friese paradox: gelukkig met minder?

BEELDBEWERKING LEEUWARDER COURANT. FOTO'S LC ARCHIEF

Geld maakt gelukkig, het lijkt een waarheid als een koe. Maar minder geld maakt Friezen niet per definitie ongelukkig, blijkt uit onderzoek. Integendeel. Toch ‘it bêste lân fan d’ierde’?

‘Nu heb ik je bij de staart’’, dacht Henk Fernee, ,,eindelijk!’’ Grip op Het Ding, waar hij en zijn collega’s van het Fries Sociaal Planbureau geen raad mee wisten. Al anderhalf jaar stuitten zij bij herhaling op onlogische resultaten in onderzoeken naar welvaart en welzijn in Friesland.

,,We noemden dit verschijnsel ‘Het Ding’, want we wisten niet wat we ermee aanmoesten’’, zegt hij lachend. Ga maar na: complete bibliotheken aan studies naar welvaart, sociaaleconomische klasse, opleiding, gezondheid en welzijn laten altijd een verband zien tussen de mate van welvaart en het geluksgevoel van mensen. Met een simpele wetmatigheid: meer is beter.

Het verband is niet per se rechtstreeks, haast Fernee zich te zeggen. Maar het is er, onmiskenbaar. Nou ja, totdat in diverse studies van het Friese planbureau dingen uiteen begonnen te lopen.

Friezen maken bovengemiddeld veel gebruik van sociale voorzieningen. De bijstand, de Wajong-regeling (voor jonge mensen die door ziekte niet kunnen werken) en de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (die ondersteuning biedt om kwetsbare mensen zo lang mogelijk zelfstandig te laten wonen) vinden hier gretig aftrek. Dat wijst op mensen die het in de wereld zelf niet goed kunnen redden.

Maar de tevredenheid met de leefomgeving, de eigen provincie, de ervaren gezondheid en het geluksgevoel lijden er niet onder. Sterker nog: op al deze punten voelt de gemiddelde Fries zich beter dan welke andere Nederlander dan ook.

Lijkt vreemd

Op woensdag 7 november sleutelde Fernee aan de presentatie die hij een dag later zou houden op hogeschool NHL Stenden, over vitale regio’s. Ook daar zou hij vertellen over de uit de pas lopende uitkomsten onder inwoners van Friesland. ,,En toen wist ik het. Het Ding is een paradox. Het slechter hebben en toch gelukkiger zijn? Het lijkt vreemd, maar het kán wel. Dat is het mooie aan een paradox: het is een schijnbare tegenstelling, maar het is allebei waar!’’

Het Fries Sociaal Planbureau kun je beschouwen als een piepklein broertje van het grote Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). ,,We doen onafhankelijk onderzoek, bestaan nu drie jaar en krijgen subsidie van de provincie. We hebben vijftien medewerkers’’, somt Fernee op. De hoofdvraag die het Friese bureau probeert te beantwoorden is: ‘hoe gaat het met de Friese inwoners in veranderende omstandigheden?’

Dat het met de Friezen mentaal beter gaat dan je op grond van economische indicatoren mag verwachten is eigenlijk een fijne ontdekking, zegt hij. ,,Traditioneel is de gedachtegang: als de economie maar groeit is dat goed voor de samenleving. En daar worden mensen gelukkig van.’’

De laatste tijd krijgt dat beeld wel een nuancering. ,,Welzijn wordt er nu ook in meegenomen. En verwachtingen voor de nabije toekomst.’’ De economische term ‘bruto nationaal product’ krijgt daarbij een tegenhanger in de vorm van ‘bruto nationaal geluk’.

Mensen met een lagere opleiding verdienen gemiddeld minder dan mensen met een hogere opleiding. Ze zijn kwetsbaarder voor schommelingen in de economie: ontslag ligt sneller op de loer. Ze hebben dikwijls ook meer gezondheidsklachten.

Oranjerood

Op al deze maatstaven scoort Friesland gemiddeld onder het landelijk gemiddelde. Het levert voor deze provincie een oranjerood gekleurde kaart op, waarin grote delen van de provincie negatief afsteken bij heel veel andere landsdelen.

Maar de andere kant van dit verhaal is dat 79 procent van de Friezen hun eigen gezondheid als goed tot zeer goed ervaren: het hoogst van alle provincies. Landelijk is dat 76 procent.

En uit onderzoek naar ervaren geluk doet zich hetzelfde fenomeen voor. In Friesland is 92 procent (zeer) gelukkig en daarmee is de provincie landelijk koploper. Drenthe blijft met 91 procent in de buurt, maar Groningers zijn met een score van 87 procent minder content en blijven onder het landelijk gemiddelde van 88 procent.

,,Opmerkelijk’’, vat Fernee samen. En hij kan nog een hele trits andere cijfers uit zijn mouw schudden, waaruit blijkt dat Friezen het leven in deze provincie hogelijk waarderen. Het veiligheidsgevoel in de eigen buurt? Nergens anders in het land voelen mensen zich zo veilig als hier. Contact met de buren? Friezen en Drenten staan aan de top. Tevreden met de eigen woonomgeving? Friezen en Zeeuwen scoren het hoogst.

Hij wil een eerste aanzet geven in de discussie om deze paradoxale toestand te verklaren. De socioloog haast zich eraan toe te voegen dat dit maar een beginnetje is. ,,Laat economen, bestuurskundigen en historici zich er ook over buigen. Als mensen hier meer over denken te weten, dan horen wij het bijzonder graag.’’

Persoonlijk kapitaal

Fernee en zijn collega’s vermoeden dat Friezen minder dan elders gericht zijn op ‘kapitaal’ in de zin van economisch kapitaal: geld. Er zijn meer definities van kapitaal: persoonlijk, sociaal en cultureel. ,,Economisch kapitaal houdt in dat er voldoende inkomen en eigen vermogen is. Persoonlijk kapitaal gaat over een goede gezondheid en vitaliteit. Een effectief sociaal netwerk vormt sociaal kapitaal. En cultureel kapitaal wordt gevormd door je (culturele) voorkeuren, smaak, taalgebruik en reputatie.’’

,,Friesland is historisch gezien egalitairder dan elders. De verschillen tussen rijk en arm zijn hier minder groot. De traditie van samenwerken en elkaar helpen is hier diepgeworteld. Terpen werden vroeger al samen gebouwd.’’

En ook het vertrouwen in elkaar is hier groot en diepgeworteld. ,,Elkaar helpen is hier normaal. Burenhulp is iets vanzelfsprekends. Nergens anders in Nederland doen mensen zoveel vrijwilligerswerk als in Friesland.’’

Steviger

Fernee lacht: het woord ‘mienskip’ is in dit verband onvermijdelijk. Mensen hebben een netwerk nodig om gelukkig te kunnen leven, legt hij uit. ,,Het is heel belangrijk, om in geval van tegenslagen, te kunnen terugvallen op andere hulpbronnen.’’ In Friesland is dat netwerk gemiddeld genomen groter en steviger dan elders.

Het Fries Sociaal Planbureau put voor veel onderzoek uit gegevens van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Bij de presentatie in november, waar Fernee voor zijn gevoel ‘Het Ding’ eindelijk beet had en ‘de Friese paradox’ doopte, was ook directeur Kim Putters van het planbureau aanwezig. In gesprek met Fernee deed hij een poging het fenomeen te verklaren. De Friese identiteit, taal en trots – misschien moet de verklaring in die hoek gezocht worden.

,,Het kan, het klinkt ook aannemelijk, maar we weten het niet zeker.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct