De Bloemist | Van bloemen, mannen en goden

FOTO LC

De handel van florist Willem de Graaf uit Leeuwarden bloeit volop in coronatijd. Toch draait het hier om veel meer dan geld verdienen. Vandaag aflevering 6 van een docusoap.

Voor de stoep langs de Brandemeer staat een auto met een oudere man erin. Met zijn overjas aan, dun haar, de handen aan het stuur kijkt hij af en toe spiedend de bloemenkiosk binnen.

,,Niet direct omkijken’’, zeg ik samenzweerderig tegen de mevrouw voor me, die uitzoekt welke bloemen ze gaat kopen. ,,Maar er zit een man in een auto naar u te kijken.’’

Ze kijkt om, schiet in de lach en zegt: ,,Op mien leeftied mut je pakke wat je krije kin. Dan bin je tefreden met alle aandacht.’’

Drukte

Zo gaat het hier vaak, op deze zonnige vrijdagmiddag. Stellen komen aanrijden, de vrouwen kopen bloemen, de mannen blijven in de auto zitten. ,,Het is druk’’, zegt bloemist Willem. ,,Maar dat is op vrijdag meestal. Je had gisteren moeten zien. Zo’n drukke donderdag had ik nog niet meegemaakt.’’

Misschien komt het van deze stukjes, zeg ik. ,,Iedereen leest het wel’’, zegt de bloemist. ,,Want ze beginnen er vaak over. Kiek...’’ en hij haalt een plastic mapje tevoorschijn, met uitgeknipte afleveringen van deze serie erin. ,,Kreeg ik van een klant.’’

,,Ik stuur ze naar Rebecca’’, zegt een andere klant. Rebecca! Dat roept herinneringen wakker. ,,Die kwam hier al toen ze een meisje van zes was’’, zegt Willem en geeft met zijn hand aan hoe klein ze toen was. ,,En nou woont ze in Hamburg en het se kienders.’’ Zo lang staat hij hier al, bedoelt hij, en voor die tijd deed zijn vader dat.

Daar komt de eerste man van vanmiddag. Hij zoekt twee bossen uit en rekent af. ,,Kinstou oek weer thúskomme’’, rolt er van Willems lippen. Dat zegt hij vaker, dat hoor je zo. En daar is Mina Hamstra. Gestifte lippen, een kleurig sjaaltje om, een brede glimlach. Ze komt hier al een jaar of dertig, denkt ze.

Offer aan de goden

Ze zoekt chrysanten en bekijkt het aanbod. ,,Witte, heb je die niet meer?’’ Nee, zegt Willem - de donderdag is onverwacht druk geweest. ,,Dan neem ik twee van die rooie’’, zegt ze kordaat. ,,Het is voor mijn moeder, die offert ze aan de goden.’’

Aan de goden?

Daar wil ze buiten best wat meer over vertellen, terwijl haar man verderop in de auto zit te wachten. Haar moeder is hindoe, net als Mina zelf trouwens, en dan is het gewoonte om bloemen aan de goden te offeren. Het hindoeïsme heeft er vele, van wie de bekendste Brahma, Vishnu, Krishnu, Rama en Ganesha zijn.

,,Mijn moeder offert elke dag bloemetjes aan de goden, en dan gaan er veel bossen door’’, zegt Mina. Want bloemen die je aan de goden hebt geofferd kun je daarna niet in een vaas zetten of - erger nog - weer gebruiken. Dat is niet gepast, eigenlijk hoor je ze erna in stromend water te gooien.

,,De ene week koopt mijn moeder ze zelf, de andere week doe ik het. Zelf offer ik ook, maar alleen op zondag.’’ Elke week een paar bossen, dat loopt wel op. ,,Maar mijn moeder zegt altijd: als je overal geld voor hebt, dan heb je ook geld voor de bloemen voor de goden.’’

Mina groet, en loopt naar haar man, verderop in zijn auto.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland