Boeken Die Iedere Man Gelezen Moet Hebben (volgens vrouwen)

Vrijdag is het Internationale Vrouwendag. Acht vrouwelijke redacteuren brengen een ode aan hun favoriete boek dat ze mannen zouden aanraden.

Knettergek en poeslief

Op een dag als deze durf ik het bijna niet te bekennen, maar ja, het is waar: ik houd ontzettend veel van mannenboeken. Wat dat zijn? Er zit iets ronkends in, iets actiefs, ze zijn vol van wendingen, verrassingen, het bruist en schuimt van vitaliteit en mag hier en daar de grens met het betamelijke overschrijden. Ik weet het: deze definitie van mannenboeken snijdt geen hout. Maar vooruit, ik ben eerlijk, en geef openheid van zaken. Wie de mannenboeken schrijven waar ik zo van houd? Ik noem er een paar: Peter Buwalda, Kurt Vonnegut, David Mitchell, Philipp Meyer, Ken Kesey.

Waar menig vrouwenboek (een genre dat overigens ook prima geschreven kan worden door mannen, om het nog ingewikkelder te maken) een iets trager tempo heeft, meer ruimte biedt aan het beschrijven van emoties en landschappen, barst een mannenboek zowat uit zijn voegen van de gezwollen dialogen en plotwendingen. In een mannenboek komen trouwens ook echte mannen voor. Mannen met baardgroei, zwetende mannen, sexy mannen, briesende en onbezonnen mannen, mannen met auto’s, jazz, sigaretten en bier. Ja, ik ben ook hierin tamelijk voorspelbaar. Het boek dat iedere man moet lezen, is volgens mij On the road van Jack Kerouac. Knettergek, poeslief, spiritueel en spijkerhard. (Ook geschikt voor vrouwen, trouwens.)

Kirsten van Santen

On the road - Jack Kerouac

‘Ik denk dat ik het wel kan’

Als je me vraagt welke boeken een man zou moeten lezen (om iets van vrouwen te begrijpen), schieten me een aantal Engelse titels door het hoofd. She’s come undone bijvoorbeeld of The end of your life bookclub (sowieso leuk vanwege alle tips die voorbij komen). Romans die ik in het Engels heb gelezen, omdat ik jarenlang naar Schotland op vakantie ging en daar in poundshops mijn slag sloeg. Boeken die indruk maakten en die hier niet zouden misstaan.

Maar het is belangrijker te weten waar die door vrouwen zoveel gebruikte quote vandaan komt: ‘Ik heb het nog nooit gedaan, dus ik denk dat ik het wel kan’. Lees over het meisje met de rode vlechten, die met haar aapje Meneer Nilsson in een villa woont, over een tas vol gouden munten beschikt en die zo sterk is dat ze haar paard op kan tillen. Het is – verontrustend genoeg – nog altijd een van de weinige vrouwelijke helden/rolmodellen in kinderboeken.

Ze was mijn voorbeeld (ik wilde jarenlang ook zeerover worden) en ze heeft me gesterkt in nieuwsgierigheid, recalcitrantie en het geloof dat je als meisje alles kunt. En Pippi Langkous (over haar heb ik het) is bovenal grappig.

Met dank aan Astrid Lindgren, die nog meer mooie, dwarse kinderboeken schreef.

Gitte Brugman

Pippi Langkous - Astrid Lindgren

Vrije vrouwen

Op mijn veertiende had ik maar één zorg: of ik ooit een fijne man zou vinden. Op mijn zestiende vond ik Guus, een jonge muzikant met lang zwart haar, en ik was gelukkig. Als student prees ik mezelf omdat ik anders was dan andere vrouwen. Rationeler, stabieler en lang niet zo jaloers.

Doris Lessing leerde mij hoe onzinnig dat alles was. The Golden Notebook, haar radicale boek over de groeiende vrijheid van vrouwen in de jaren dertig tot vijftig, veranderde alles wat ik jaren had geloofd.

De hoofdpersonen Anna en Molly worden free women genoemd, vrouwen die zonder man kunnen. ‘Nog altijd definiëren ze ons op basis van onze relaties met mannen’, verzucht Anna. Plots zag ik het overal: vrouwen zijn geweldig. Mannen heb ik helemaal niet nodig.

Is dit een Boek Dat Iedere Man Gelezen Moet Hebben? Geen idee. Jean Pierre, de vriend van mijn boekenclubgenoot Esther, werd er chagrijnig van. Jean Pierre is de dichter Rawie, de man die Esther in zijn columns steevast omschrijft als De Jonge Vrouw Die De Beste Jaren Van Haar Leven Aan Mij Vergooit.

Een lieve term. En toch, ook Esther wordt nog altijd gedefinieerd aan de hand van haar relatie met een man. Wat de kritiek van Rawie op The Golden Notebook precies is, weet ik niet. Dankzij Doris Lessing weet ik dat wat een man vindt ook geenszins uitmaakt.

Maaike Wind

The Golden Notebook - Doris Lessing

Gedachtestroom

Dit boek is niet het meest toegankelijke van wat hier wordt aangeraden. Dat geef ik direct toe. Scholieren die de roman voor hun lijst lezen, ervaren Mrs Dalloway van Virginia Woolf als een kwelling. Waarom dan toch een aanrader? Via literatuur kun je 1001 levens en gebeurtenissen meemaken zonder dat je er zelf bij was en je laten meevoeren in de gedachtestroom van de karakters. Dat is waar deze uitgave uit 1925 in uitblinkt. In dit geval volg je een dag uit het leven van Clarissa Dalloway, die de voorbereidingen treft voor een feest dat ‘s avonds zal plaatsvinden.

Woolf was deel van de Britse Bloomsbury Group, waarin schrijvers, kunstenaars en intellectuelen zich aan het begin van de twintigste eeuw verzamelden. Ze maakten zich los van de Victoriaanse conventies. Mrs Dalloway sluit daar naadloos op aan. Door thema’s te behandelen als feminisme, psychische aandoeningen en homoseksualiteit was de roman in zijn tijd een vooruitstrevend werk en heeft het sindsdien nooit aan kracht en relevantie ingeboet. Mocht al het bovenstaande niet overtuigend genoeg zijn of blijkt het boek toch een te stevige kluif, dan mag je als alternatief de film The Hours kijken. Maar er gaat uiteindelijk niets boven het meedeinen op de stream of consciousness.

Linda Zeggelaar

Mrs Dalloway - Virginia Woolf

Doe waar je zelf zin in hebt

Het is misschien geen literair hoogstandje zoals andere boeken in deze lijst, maar als ik mensen moet uitleggen wat feminisme is, sla ik ze het liefst met dit pamflet om de oren.

Damn, Honey! is geschreven door Marie Lotte Hagen en Nydia van Voorthuizen. Het is precies wat de achterflap zegt dat het is: een positief pleidooi om te doen waar je zelf zin in hebt.

In iets meer dan tachtig pagina’s schoppen de twee schrijfsters aan de hand van persoonlijke anekdotes misvattingen onderuit. Wat voor misvattingen? Nou, dat seks alleen om de man draait bijvoorbeeld. Of dat we in Nederland niet mogen zeuren over feminisme omdat alles hier al zo goed geregeld is. Of dat uitdrukkingen als ‘meisjes plagen, kusjes vragen’ oké zijn. Heb je ooit uit moeten leggen waarom het niet fijn is om nageroepen te worden op straat, maar kon je daar niet de juiste woorden voor vinden? Na het lezen van dit pamflet wel. Ook handig: achterin het boekje staat een lijstje met leestips.

Het is niet mijn lievelingsboek. Dat is nog steeds Harry Potter. Maar hé, ook in die boeken spelen vrouwen een belangrijke rol. Let wel: in de boeken. Die ‘sterke vrouwen’ zijn in de films naar de achtergrond verdwenen.

Hoe dan ook, als mannen willen weten om wat voor dingen veel vrouwen zich zoal druk maken dan is Damn, Honey! een mooi begin.

Patriecia Kolthof

Damn Honey! - Marie Lotte Hagen en Nydia van Voorthuizen

Net zo rebels als Joop

Het ultieme meisjesboek is een eeuw oud. En De H.B.S.-tijd van Joop ter Heul van Cissy van Marxveldt is nog even fris als honderd jaar geleden.

Ik las het boek voor het eerst bij mijn oma, waar het al decennia op de slaapkamer stond waar mijn moeder en tante als kind sliepen. In het grootouderlijkhuis heerste nog altijd een strikte scheiding tussen jongens- en meisjesboeken. Op de kamer waar mijn ooms opgroeiden moest je zijn voor Arendsoog en Old Shatterhand.

Joop bleek gelukkig totaal geen tuttige damesroman. Joop is juist rebels. Kleding, mannen en make-up vindt ze volstrekt oninteressant. Ze luistert noch naar haar ouders, noch naar haar leraren maar gaat volstrekt haar eigen gang.

Ik las het opnieuw tijdens mijn studie Nederlands. Toen werd ik getroffen door Joops vrijheidsdrang. Mijn vriendinnen en ik doopten onszelf de Jopopinoloukico-club; onze app-groep heet nog steeds zo. Want ook wij wilden rebels zijn.

Ik las het onlangs weer. Nu troffen me de humor en de briljante schrijfstijl. Het is jammer dat Joop uiteindelijk voor de bijl gaat en in het traditionele huwelijksbootje stapt. Maar wie zich beperkt tot de HBS-tijd heeft daar heel geen last van. Joop ter Heul is tijdloos, tien keer beter dan Arendsoog.

Esther van der Meer

De H.B.S.-tijd - Joop ter Heul

Een vrijdenkster

De jaren 70 liepen ten einde, maar voor het feminisme was een nieuwe dageraad aangebroken. Talloos waren de vrouwenpraatgroepen, elke vrouw was lesbisch behalve zij die het nog niet wist, de vrouwenstrijd was hip&happening en iedereen die niet meedeed was dat niet.

Uit de gelederen verhief zich een vrouw. Haar naam was Renate Rubinstein (1929-1990), columniste voor Vrij Nederland. Een vrijdenkster met een hekel aan keizers die pretenderen kleren te dragen.

In 1979 verscheen haar bundel Hedendaags feminisme, negen kritische stukken over het feministisch gedachtegoed. Ze stroopte haar mouwen op, doopte haar pen in vitriool en zette zich af tegen de van dogmatiek vergeven gekte die de vrouwenbeweging binnen was geslopen.

‘Ik ben zelf een vrouw en heb besloten dat ik vrouwen au serieux zal nemen. Het is een hele stap, je ziet het nog maar zelden iemand doen, maar er zit niks anders op, ik ga dezelfde intellectuele eisen stellen als aan mannen.’ Om verderop te constateren: ‘Geen man die in vrouwen de intelligentie zo haat als deze zich ‘zusters’ noemende kleuterschooljuffrouwen.’

Trots was de vrouwenbeweging destijds niet op deze onafhankelijke denkster. Een verraadster, zo oordeelden de zusters, en nog wel uit eigen kring! Maar haar onbevreesde, dwarse aanklacht is nog steeds een aanrader voor mannen én vrouwen met een hekel aan dogmatiek.

Inki de Jonge

Hedendaags feminisme - Renate Rubinstein

Impressies van een simpele ziel

Powervrouwen had je niet in de jaren vijftig. Wel Annie M.G. Schmidt. De spotlustige redactrice van de Amsterdamse krant Het Parool had een feilloze antenne voor de innerlijke commentaarstem van de vrouw, bij voorkeur De Huisvrouw.

Schaterend las ze de tirannieke, beschaamde of verongelijkte tekstwolkjes boven de vrouwenhoofden voor. Op papier dan. De recalcitrante juf Helma in De Luizenmoeder staat met haar tintelend sarcasme op Schmidts schouders.

Elk van haar boeken is goed, maar als instapmodel voor mannen raad ik Impressies van een simpele ziel aan, uit 1951. ’s Avonds voor het slapen één verhaaltje, en je bent als man zomaar thuis in het woelige gevoelsleven van De Vrouw. Het geworstel met de slanke lijn, de psychologie van het damestoilet, en Dingen Die Je Als Dame Niet Doet, noem een zijstraat en het staat er in.

Mannen kunnen bij Schmidt ook over zichzelf lezen. Door vrouwenogen natuurlijk. ,,Mannen zijn erg, als ze ziek zijn. Mannen zijn heel erg, als ze met andere mannen mannig doen. Mannen zijn ’t allerergste, als ze pas een auto hebben.’’ Oké, bijna zeventig jaar oud, deze tekst, maar nog altijd vers.

Irene Overduin

Impressies van een Simpele ziel - Annie M.G. Schmidt
Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement