Grutto op paal.

Analyse: Polarisatie helpt de grutto niet

Grutto op paal.

Weidevogels komen er maar niet bovenop, de spanning tussen boer en natuurbeschermer loopt hoog op. Die polarisatie helpt de grutto niet.

Weidevogelbeschermers en boeren zijn niet te benijden. Beiden niet. De één stelt alles in het werk om nesten op te sporen, te beschermen en in overleg met boeren een plan te maken voor het gefaseerd maaien van het land, maar ziet uiteindelijk dat er amper kuikens groot worden. De jongen komen om van de honger of vallen ten prooi aan roofdieren. Gefrustreerd haken vele nazorgers af.

Tegelijk wijst de beschuldigende vinger nadrukkelijk richting de boer die, zo wordt gesteld, alleen maar aan productie denkt. Aan opbrengst, dus aan geld.

Impasse

Maar, brengt die boer er tegenin, hij heeft de weidevogels in zijn hart gesloten, doet mee aan agrarisch natuurbeheer en houdt zich aan de beperkingen die daarbij horen. Maar als het dan toch nog misgaat, door predatie of in ruimere zin het hele landbouwsysteem, krijgt hij de schuld.

Het is in een notendop de impasse waar de weidevogeldiscussie nu in verzandt.

De zaak lijkt hopeloos verloren, investeringen lijken weggegooid geld. Alleen al de provincie steekt jaarlijks 10 miljoen euro in het weidevogelbeheer en dat is vooralsnog onvoldoende om het tij te keren. Onderzoekers van Rijksuniversiteit Groningen lopen al zoveel jaren rond in de Súdwesthoeke dat de meeste kennis wel beschikbaar is. Boeren zeggen en tonen lokaal ook aan welwillend te zijn, natuurbeschermers doen mee. Kortom: kennis, geld en goede wil zijn er. En toch wordt het niet beter.

Lange adem

Gewezen wordt naar de politiek, naar de beleidsmakers. Die hebben plannen, maar het vergt een lange adem voordat het tot resultaten komt. Eerst is er de provincie, die geld steekt in collectief weidevogelbeheer. De in die collectieven verenigde boeren zitten in gebieden die voor de vogels nog kansrijk zijn. Daar wordt aan legselbeheer gedaan met uitgestelde maaidata.

'De individuele boer zit gevangen in een systeem'

In zwaardere beheerpakketten gaat het waterpeil omhoog, wordt kruidenrijk gras ingezaaid en komt strorijke mest op het land. Tegelijk worden vos en zwarte kraai bestreden en loopt er een proef waarbij de steenmarter wordt gedood. Dat alles in het besef dat ook predatie een rol van betekenis speelt.

De maatregelen geven aan waar het in het gangbare boerenland aan schort op het gebied van biodiversiteit: drooglegging, monocultuur van raaigras en mestinjectie. Dat zijn onderdelen van de tegenwoordige intensieve bedrijfsvoering op de boerderij, ontstaan door een systeem dat uitgaat van het voeden van zoveel mogelijk monden, met een product dat zo goedkoop mogelijk op de wereldmarkt wordt gebracht. Zuivelgiganten stimuleren dat, banken gaan er in mee.

Hervorming

Nog maar net komt de gedachte op dat dit een doodlopende weg is, dat de individuele boer gevangen zit in een systeem en dat de landbouw als geheel naar een duurzamere manier van werken moet. In de regio lopen al initiatieven, de voorlopers zijn enthousiast. En Den Haag?

De landelijke politiek reageert traag. Verantwoordelijk minister Carola Schouten wacht op de uitkomst van het Deltaplan Biodiversiteit. Negentien partijen, waaronder boeren, natuurbeschermers, wetenschappers, banken en bedrijven, komen in september met dit plan dat uitgaat van natuurinclusieve landbouw. Die kant moet het op: met de sector zelf op zoek naar hervorming van de landbouw. Dat kost tijd. Een systeem dat tientallen jaren overeind bleef, zal ook decennia nodig hebben voor een omwenteling. Hopelijk is het dan niet te laat voor de grutto.

Halbe Hettema en Aan Dirk van der Meulen zijn respectievelijk natuur- en landbouwredacteur van de LC

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct