Van de sabotage bij Dronrijp zijn geen foto’s, maar Rypster schilder Sjoerd Rinsma gaf een impressie op deze aquarel, met meer daglicht dan er om elf uur ’s avonds zal zijn geweest.

9 april 1945: De bevrijders staan voor de deur

Van de sabotage bij Dronrijp zijn geen foto’s, maar Rypster schilder Sjoerd Rinsma gaf een impressie op deze aquarel, met meer daglicht dan er om elf uur ’s avonds zal zijn geweest.

Franse parachutisten landden bij Appelscha, Canadese soldaten trekken op naar Friesland, de opdracht tot sabotage is gegeven. Op 9 april 1945 kon de bevrijding van deze provincie niet lang meer duren.

Even had het erop geleken dat op vrijdag 6 april 1945 de bevrijding van Friesland was begonnen. Een vliegtuig kwam laag over bij de Smoorhoek in Harkema-Opeinde en een parachutist daalt neer. ,,Binne jim dêr einliks’’, zeiden de Harkemasters. ,,No, it hat lang genôch duorre.’’ Maar de parachutist begint te schieten en iedereen vlucht weg. Het blijkt een pop van hout en jute, met een schietmechanisme, bedoeld om de Duitsers schrik aan te jagen.

Offers

De laatste dagen hadden in Friesland offers gevraagd. In de Makkumer visconservenfabriek, een basis van het plaatselijk verzet, deed de Duitse SD een inval, na verraad. Er waren die zaterdag 7 april tal van arrestaties, wat ertoe leidde dat verzetsmannen Sjoerd Adema, Koos Keller, Bob Dijkstra en Henk Lemson, en boer Fetze Elgersma en onderduiker Hermanus Falkena uit Schraard werden doodgeschoten bij de marechausseekazerne aan de Laan. Het was een rommelige executie, de zes lijken tuimelden over elkaar heen.

Een dag eerder had de SD een graf laten graven bij de Zandvoorderhoek, in Gaasterland, en daar vijf mensen neergeschoten. Dat waren Durk Dijkstra uit Tersoal, de IJlsters Jujen Hoomans en Hendrik Huizinga, Gerrit Vlietstra uit Drachtstercompagnie en de Amsterdammer Herre Winia.

Maar lang kon het niet meer duren, Canadese divisies trokken op naar Friesland. Zevenhonderd Franse en Belgische parachutisten waren in de nacht van zaterdag 7 april 1945 geland in Drenthe en bij Haulerwijk en Appelscha. ,,Het was een prachtig gezicht hoe die kerels door het land liepen’’, zou boer Tjamme Rooks uit Appelscha later zeggen. ,,In tempo, overal dwars doorheen. Ze hadden een grote tang bij zich en knipten het prikkeldraad stuk.’’

'De fles is leeg'

Een parachutist zou zondag sneuvelen bij een gevecht met Duitse soldaten bij Haulerwijk. Zijn naam, Henri Pintaud, staat op een monument in het dorp. Op die zondag klonk over de geallieerde radio de codeboodschap ,,De fles is leeg.’’ Zo wisten de Binnenlandse Strijdkrachten in deze provincie – zo’n 2500 man – dat ze ,,sabotage op weg, rail en water’’ moesten plegen.

Dat gebeurde massaal op maandag 9 april, vandaag 75 jaar geleden. Bruggen worden opengedraaid, bomen worden geveld om wegen te versperren. Befaamd werd de actie bij Dronrijp, waar de rails werden losgeschroefd en de bielzen opzijgeschoven. Pas de volgende dag – even werd gevreesd dat de sabotage was ontdekt – passeerde rond elf uur ’s avonds een goederentrein uit Leeuwarden, die met vijf wagens ontspoorde. De klap was tot tien kilometer verderop te horen en de Duitsers waren razend. De meedogenloze represailles – zie de krant van komende zaterdag – lieten niet lang op zich wachten.

In Sneek slaan tien jonge saboteurs op de vlucht, wanneer ze op een bijeenkomst de SD zien naderen. Twee mannen, Jan Dijkstra en Jan-Willem van der Kouwe, springen in het water en houden een roeibootje op als schild. Van der Kouwe wordt in zijn rug geschoten als hij op de wal klimt en fluistert Dijkstra toe dat hij alleen verder moet. Die wordt even later dodelijk getroffen. Van der Kouwe overleeft.

menu