De provincie Fryslân rekent de komende tien jaar op ruim 10.000 nieuwe huizen. Maar waar moeten die aan voldoen en waar moeten ze komen?

Friesland vergrijst en ontgroent. De provincie telt nu vooral 50-plussers en in 2040 zijn deze mensen 70 jaar en ouder. Dan vormen ze nog steeds de grootste leeftijdsgroep. Nieuwe aanwas blijft uit. Friesland telt nu 650.000 inwoners, in 2050 zullen dat er iets meer dan 605.000 zijn.

Maar voordat het zover is (of ooit zover komt), zal het aantal huishoudens de komende tien jaar stijgen. Meer mensen wonen alleen of komen uiteindelijk alleen te wonen. Friesland zal groeien van 295.000 naar zo’n 305.000 huishoudens in 2030.

En daarom zijn er de komende jaren huizen nodig. Ruim 10.500, gokt gedeputeerde Klaas Fokkinga (FNP, wonen) op basis van de bevolkingsprognoses. Dit voorjaar praat Provinciale Staten over het woonbeleid dat Fokkinga opstelde. Want die 10.500 huizen, waar moeten ze komen te staan en waar moeten ze aan voldoen?

Al plannen voor 13.000 huizen

,,It giet net allinne om nijbouhuzen’’, zegt Fokkinga. De gedeputeerde maakt op dit moment een rondje langs de velden om te kijken welke woningbouwplannen er bij gemeenten liggen. Een ruwe eerste schatting leverde al 13.000 nieuwe woningen op. ,,Mar’’, zegt Fokkinga, ,,dat binne faaks ek âlde plannen. Yn it proses kinne dy feroarje.’’

De gedeputeerde is er niettemin blij mee. Hij spreekt van een overcapaciteit aan plannen en ,,dat is in goed teken, want leaver tefolle as te min’’.

Maar, zegt Fokkinga, er schuilt ook een gevaar in. Het gaat vaak om nieuwbouwwijken, aan de rand van een dorp of stad. De provincie wil echter een ‘donuteffect’ voorkomen. ,,Mije dus dat der net genôch wenten binne yn it sintrum fan in doarp of stêd, en dat alle nijbou der omhinne boud wurdt.’’

‘Wy bouwe gjin wenten’

Fokkinga vraagt Provinciale Staten om zich uit te spreken tegen te veel nieuwe huizen aan de randen van een woonkern met het doel het Friese landschap te beschermen. Hij wil dat gemeenten veel meer gaan kijken naar leegstaande gebouwen in dorp of stad. Ongebruikte kerken, lege kantoorpanden, vervallen huizen. ,,Mar: wy bouwe gjin wenten. Dat dogge gemeenten. Wy moatte sjen nei in goeie ferdieling.’’

En daarbij is er nog veel ongewis. Fokkinga heeft meer vragen dan antwoorden. Verandert de coronacrisis de woonbehoefte? Zet de trek van de Randstad naar het platteland door? Willen mensen grotere huizen?

,,En de diskusje oer de Lelyline is ek fan ynfloed.’’ Volgens studies kan de komst van de snelle spoorverbinding zorgen voor tienduizenden nieuwe inwoners, en dus extra behoefte aan nieuwe huizen. Fokkinga waarschuwt wel dat niet alleen Heerenveen en Drachten moeten profiteren, maar heel Friesland. ,,En dan kinne alle prognoazen wer it jiskefet yn.’’

En wat nu als er straks 10.000 nieuwe huizen staan en het aantal inwoners inderdaad daalt? Wat moet er dan met de woningen gebeuren? ,,Dat binne de lestige kwestjes. Dêrom sjogge wy ek net te folle foarút. No earst foar trije jier. Huzen steane der ek net fan hjoed op moarn. Mar it hat ús oandacht. Wy moatte net bouwe foar de leechstân.’’

Een oplossing is het bouwen van tijdelijke woningen, zegt Fokkinga. Hij wil een ‘fleksibele wenskyl’ onderzoeken, speciaal voor seizoenwerkers, arbeidsmigranten of studenten. ,,Der is in grut tydlik wenferlet.’’

Om op korte termijn effect te sorteren, werkt Fokkinga aan een herstructureringsfonds. Meer dan 70 procent van de Friese woningen is in particulier bezit. De gedeputeerde wil met een fonds woningeigenaren aansporen hun huizen sneller te verduurzamen en toekomstbestendig te maken. ,,Dêr is no de grutste winst te heljen. Us besteande huzen moatte wy klearmeitsje foar de takomst.’’

In 2020 groeide het totale inwoneraantal van Friesland met zo’n 1500. Van de gemeenten op het vasteland groeide Weststellingwerf relatief het hardst (0,81 procent). Voor een groot deel is dat het gevolg van de aantrekkingskracht van het nieuwbouwplan Lindewijk in Wolvega.

Het eerste gedeelte van de wijk, met 600 woningen, is volgend jaar klaar. Er wonen dan in totaal 1600 mensen. Het tweede gedeelte van het plan, goed voor 200 huizen, is gereed in 2030. Hieronder portretten van nieuwe bewoners van De Lindewijk.

‘We wilden naar een gelijkvloers appartement’

loading

Adrie de Vos (68): ,,We hebben in totaal vijftig jaar in Vollenhove gewoond, de laatste twintig jaar in een vrijstaande woning. Maar mijn man Gerrit, die nu 72 is en voor zijn pensioen op het Waterloopkundig Laboratorium werkte, kreeg een herseninfarct en later epilepsie en het ging allemaal niet meer helemaal zoals hij het wilde. Het traplopen, het werk in de tuin… Het werd wat veel. Het gaat nu heel goed gelukkig, maar je weet niet wat de toekomst brengt.

We wilden naar een gelijkvloers appartement en waren al een tijdje op zoek. Wolvega was niet onze eerste keus, maar toen we zagen dat er hier een complex zou worden gebouwd, zijn we er toch voor gegaan. We werden ingeloot. In september kregen we de sleutel, in oktober zijn we hier komen wonen. We hebben gezegd: als het niet bevalt, gaan we weer weg. Maar tot nu toe bevalt het.

We zitten op de derde verdieping, helemaal bovenin. En ik moet zeggen: het is prachtig. Als ik door het raam kijk, zie ik het water en de bruggetjes en een deel van de Lindewijk. De omschakeling is best groot natuurlijk, zeker ook door de coronatijd waarin andere mensen fysiek ontmoeten lastig is. Te veel contact met de buren hebben, kan niet. Wel zit ik bij de Vereniging van Eigenaren en dat geeft afleiding en brengt ons in contact met anderen, ook al is het veelal telefonisch.

Ik ben opgegroeid in De Blesse, dus na lange tijd ben ik weer terug in Weststellingwerf. Wolvega is heel erg veranderd in de tussentijd, veel groter geworden. Maar ik vind het wel mooi hoor. Je hebt hier meer winkels dan in Vollenhove. Nu maar hopen dat de coronatijd snel voorbij is. Dan kunnen we helemaal genieten.”

‘Strategisch gezien zitten we hier goed’

loading

Gerben Sloothaak (33): ,,Mijn vrouw Jacoline (31) en ik wonen sinds mei in de Lindewijk en het voelt voor ons alsof het elke dag vakantie is. Onze achtertuin grenst aan het water. Anderhalve week geleden stapten we zo vanuit huis het ijs op om te schaatsen. In de zomermaanden kunnen we met het bootje weg. We varen zo richting de Linde en de Tsjûkemar. Of we gaan zwemmen of suppen. Ideaal.

We woonden hiervoor in Dronryp. Dat was mij te klein. Het speelde een rol bij de wens om te verhuizen. Belangrijker nog was het feit dat we dichter bij ons werk wilden wonen. Ik heb in Joure een adviesbureau in infrastructuur. Mijn vrouw Jacoline, die is opgegroeid in Wolvega, werkt bij ziekenhuis Nij Smellinghe in Drachten en ook een dag in de week bij ons bedrijf. Volgende week openen we een tweede kantoor in Zwolle. Dus strategisch gezien zitten we hier heel goed. En ook nog vlakbij de snelweg.

We hebben op meerdere plekken gekeken, ook naar bestaande bouw. We vonden niet het geschikte huis, of het was heel snel weg. Toen zijn we overgeschakeld naar nieuwbouw. De Lindewijk was niet het goedkoopst, maar het is wat ons betreft de prijs meer dan waard. We dachten: doen we het niet, dan krijgen we absoluut spijt. En als we het doen, dan doen we het goed.

We hebben een kavel gekocht en een architect gezocht. Die heeft alles voor ons uitgetekend. Vervolgens vonden we een aannemer. Uiteindelijk duurde de oplevering wat langer dan we hadden gehoopt en er zijn nog steeds wat restpuntjes die moeten worden opgelost, maar het huis voelt als een lot uit de loterij. Ik ben opgegroeid in Den Helder en heb daarna al in heel wat plaatsen in Nederland gewoond, maar we zijn van plan om hier heel lang te blijven.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Friesland
Woningmarkt
Instagram
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct