.

Wandelen in eigen regio: Vorstelijk rondje Beetsterzwaag

.

Thuis in het Noorden loopt een deel van het Vorstelijk Koningspad, een rondwandeling van 17 kilometer vanuit Beetsterzwaag.

De zon breekt met ragfijne stralen door het wolkendek. De scheuren in het grijs verbreden zich. De grauwsluier van de ochtend valt uiteen in pluizig dons met stukken blauw er tussen. Vlinders dansen uitgelaten boven de zoet geurende Lippenhuisterheide. Koolwitjes en Atalanta’s rijgen hun pas de deux en acrobatische vluchtelementen aaneen tot een vrolijke choreografie. Een mens kan moeilijk chagrijnig blijven bij het zien van zo’n fijnzinnig ballet.

Oernatuur kom je in Nederland niet veel tegen. Toch zijn er plekken waar we ons kunnen voorstellen hoe het oorspronkelijke ruige landschap er heeft uitgezien. Zoals bijvoorbeeld het woud op de flank van beekdal Alddjip. Maar nee, we worden op het verkeerde been gezet. Want de uitgestrekte bossen bij Olterterp zijn door mensenhanden aangelegd. Met dank aan een Heer van Stand uit de 18e eeuw, die er behagen in schepte het landschap naar zijn hand te zetten.

Jac. P. Thijsse roemde tijdens zijn rondgang door Friesland in 1918 de ‘gaafheid en landelijkheid’ van het Friese landschap en de bossen van Olterterp. In zijn beschrijving van de groene oase tussen de met heide begroeide zandruggen rept de schrijver Pier Winsemius al veel eerder in 1622 van ‘vermaekelycke bosschagien seer rijckelijck begaeft met wilt als rheen, hasen, vossen ende wilde swijnen.’ Ook korhoenders, patrijzen, valken en snippen vielen ten prooi aan de jacht. Tot in 1712 werd in de afgelegen streek op wolven gejaagd.

In Edinburgh is de Royal Mile, de 1,5 kilometer lange kasseienweg door de oude binnenstad tussen twee kastelen, de grootste toeristenattractie. De 1,5 kilometer met adellijke huizen die de monumentale smaakmakers van Beetsterzwaag vormen, genieten nog niet zoveel bekendheid. Toch liggen de royale landgoederen er fantastisch bij.

De nieuwe rijken vestigden zich in de zeventiende eeuw op de zandrug. Lopend over de Hoofdstraat rijgen de landgoederen zich aaneen als kralen in een ketting. Het Kerkepad Oost voert achter Van Harinxmastathe langs naar het vroegere Slot Olterterp, de laatste in het Opsterlands adelspad.

loading

loading

loading

Adelijk stempel

Het adellijke geslacht Van Boelens heeft in Olterterp een onuitwisbaar stempel nagelaten. Door zijn huwelijk in 1721 met Rinske Lycklama à Nijeholt, een andere machtige familie in Beetsterzwaag, wist Ayzo van Boelens het familiefortuin aanzienlijk uit te breiden. Het paar betrok Huize Olterterp.

In 1744 schonk Ayzo vijfhonderd gulden ten bate van de torenbouw van de Sint-Hippolytuskerk in Olterterp, waarvan de spits driehonderd jaar na dato nog net boven het bladerdak van omringende beuken uitsteekt. Een gedenksteen in de toren herinnert aan de royale schenking van Van Boelens.

Na de dood van de raadsheer van Friesland liet kleinzoon Ambrosius Ayso van Boelens in 1793 het Slot Boelens bouwen. Het slot werd in 1906 afgebroken en vervangen door een elegant landhuis, dat tegenwoordig als hoofdkantoor van landschapsbeheerder It Fryske Gea dient.

Ambrosius Ayso legde de basis voor het huidige parklandschap. Hij liet de tuin om het familieslot inrichten naar de mode van de Engelse landschapsstijl met aangename vijverpartijen waarin het landhuis zich spiegelde, romantische hoekjes en slingerpaden.

loading

loading

Aanzienlijke dennenbossen

Volgens Johan Herman Knoop heeft die bebossing een duidelijk aanwijsbare oorsprong, zoals blijkt uit zijn historische beschrijving van Friesland in 1763. ‘Zommige Heeren van Friesland hebben zedert 25 à 30 Jaaren, in navolging van enige Heeren in Engeland, gepractiseerd op hunne Landgoederen in de schraale Sand- en Heidegronden Pijn- en Denne-bomen te zaaijen, ende Bomen dus, zonder verplanting te laten opgroeijen.’

Ayzo van Boelens startte rond 1798 op zijn landgoed Olterterp met de ‘aankweking van grove den’ op grote schaal waardoor aanzienlijke dennenbossen ontstonden die ‘de gehele gedaante van het landschap op de gunstigste wijze herschapen’. Bij zijn overlijden in 1831 zijn de loftuitingen niet van de lucht in zijn necrologie.

‘Gij inwoners van Olterterp, moogt u bijzonder beroemen hem eene gehele reeks van jaren als uwen weldoener in uw midden gehad te hebben. (...) Schoone bosschen, smaakvol afgewisseld door wandelwegen en waterkommen door hem aangelegd, hebben barre heide en dampige moerassen vervangen.’

Terwijl ik het pad afloop naar een door de adel aangelegde vijver kruisen vuistdikke libellen mijn pad. Uitbundig vliegen ze af en aan en scheren over het zandpad. De bramen in de berm kleuren rood met af en toe een vroeg diepzwart. Het is muisstil in het bos, beuken met kruinen zo hoog als het middenschip van een gotische kathedraal staan aan weerszijden van de laan.

loading

loading

loading

Kunstwerken in boomstammen

Ik volg een stukje het Groot Friesland pad, de jongste loot aan de stam van lange afstand wandelpaden. In de stammen van bomen zijn kunstwerken uitgebeiteld die teruggrijpen op het rijke verleden.

Door het Alperbosch slingert het pad zich over de heide naar het Hemrikkerveld en het in de voorlaatste ijstijd gevormde beekdal van het Koningsdiep of Alddjip. Vanaf de fiets- en wandelbrug over de rivier, die verderop als Boorne redelijk imposant is maar hier nog het karakter van een beekje heeft, is het uitzicht over de Hemrikkerscharren ronduit fantastisch.

Voor de recent gebouwde uitkijktoren van Staatsbosbeheer sla ik linksaf het zandpad in. Door het charmante Berchleaneboskje bereik ik de Opsterlânske Kompanjonsfeart. Die turfvaart liet de adel graven om in de veengebieden in Zuidoost-Fryslân het bruine goud te delven waarmee zij hun landgoederen en luxe levensstijl konden betalen.

Het legde tevens het fundament onder de sociale revolutie die rond 1900 in Schoterland uitbrak en de socialisten voor het eerst op het pluche hielp, niet alleen in het gemeentehuis in Beetsterzwaag maar ook in de Tweede Kamer in Den Haag. Over de Âld Hearrewei, let op adders en ringslangen die op het zandpad liggen te zonnen, gaat het terug naar Beetsterzwaag. Een vorstelijk rondje.

loading

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 4,99 per maand. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct