Waarom testen niet-besmette mensen soms toch positief? En acht andere vragen over coronatesten

Een medewerker van de GGD neemt een test af in de teststraat in Veendam. FOTO CORNÉ SPARIDAENS

Een van de belangrijkste wapens in de coronabestrijding is het testen. Medisch microbioloog prof. dr. Bert Niesters geeft dinsdag een lezing voor de Medische Publieksacademie over diagnostiek naar het coronavirus.

Waarom zijn coronatesten nodig?

Van SARS CoV2 is bekend dat mensen zonder dat ze weten dat ze ziek zijn, toch al erg besmettelijk kunnen zijn. Om meer zekerheid te geven, moet je mensen testen.

Om de pandemie in toom te houden, kun je natuurlijk ook kijken naar het aantal patiënten in de ziekenhuizen. Maar als de overheid beleid wil maken, is dat een beetje laat. Het kan zeven tot tien dagen duren voor iemand die besmet is daadwerkelijk ziek wordt.

Wat is er mis met coronatesten?

Niets. Toch is er wel eens discussie over. De uitslagen van de coronatesten zeggen hoeveel mensen het virus bij zich dragen. De GGD’s en virologen kunnen ook zien hoeveel virus iemand bij zich draagt, dus hoe hoog de kans is iemand anders te besmetten. Het aantal besmettelijke personen dat rondloopt in Nederland is een belangrijke graadmeter voor de pandemie.

Maar er zijn ook beperkingen. De meest gebruikte test, de PCR-test (PCR staat voor Polymerase Chain Reaction), vindt ook heel kleine hoeveelheden virus. Ook als mensen maar een paar ‘virusjes’ in zich hebben, totaal nog niet ziek zijn en waarschijnlijk ook helemaal niet besmettelijk. En soms vindt de test ook resten van het virus, weken nadat iemand besmettelijk is geweest.

,,Wij zien die lage hoeveelheden virus als een soort grijszone: als we dit hebben gevonden, moet je morgen nog een keer getest worden om te zien of er nu meer virus is’’, zegt Bert Niesters.

Bestaat er geen betrouwbaardere test?

Nee. De PCR-test is de meest betrouwbare die in de medische wereld in gebruik is. De methode wordt ook al jaren ingezet bij allerlei andere ziektes, van AIDS-HIV tot hepatitis en bij het controleren van infecties bij transplantatiepatiënten. Maar geen enkele test is altijd voor de volle honderd procent betrouwbaar.

Niesters maakt daarom deze vergelijking: ,,Als je bij tienduizend mannen een zwangerschapstest afneemt, is de kans vrij groot dat er één zwangere tussen zit.’’ Oftewel: als je maar vaak genoeg test, is er altijd wel een kansje dat het een keer mis gaat. ,,Daarom moet je testen gebruiken met een goed beleid, zodat je kunt zeggen: jij hebt het wel, jij hebt het niet, en bij jou ben ik gewoon niet zeker, laten we nog een keer testen.’’

Hoe werkt de PCR-test?

De PCR-methode is een indirecte manier om een virus aan te tonen. Simpel gezegd vindt de test een stukje erfelijk materiaal van het virus, het zogeheten RNA. Er bestaat nog wel een directere manier om een virus aan te tonen, en dat is de ouderwetse methode van het opkweken in een laboratorium. Dan wordt er wat van het virus op cellen in een kweekbakje gedaan, en kijkt de laborant dagelijkst of er een effect van het virus op die cellen is te zien.

Deze klassieke methode wordt al ruim twintig jaar niet of nauwelijks meer gebruikt in de medische laboratoria. Moderne methodes, zoals de PCR, zijn minstens even betrouwbaar en zijn een stuk handiger. Om een gevaarlijk virus op te kweken in een lab, moeten dat lab en de laboranten die er werken extreem goed beveiligd zijn. Het onderzoek duurt dan veel langer en is veel arbeidsintensiever. De PCR is ook gevoeliger dan de kweekmethode en de meeste virussen zijn helemaal niet kweekbaar.

In het begin van de coronacrisis, in februari en maart, is in Duitsland de PCR-test voor het SARS2-coronavirus ontwikkeld, samen met een aantal laboratoria van de wereldgezondheidsorganisatie WHO. In die dagen is ook op verschillende plekken het virus nog op de klassieke manier met viruskweekbakjes aangetoond, en is daarmee ook gecheckt of de PCR altijd betrouwbaar is.

Pas toen die checks goed bleken uit te pakken, is de PCR-test naar SARS CoV2 massaal ingezet. De test mag als betrouwbaar worden gezien.

loading

Hoe kan het dat er soms topsporters positief worden getest die even later ineens weer negatief blijken te zijn?

,,Hoe minder virus je bij je draagt, hoe minder de uitslag zegt. De test werkt beter bij mensen met klachten.’’

In het algemeen zijn artsen en andere medici niet gewend om gezonde mensen te testen. Een coronatest is in hun ogen vooral bedoeld om patiënten goed te kunnen behandelen en besmette personen te vinden.

Maar de samenleving vraagt iets anders. Vanwege alle beperkende maatregelen willen mensen weten of ze besmettelijk kunnen zijn. Het meest bekende voorbeeld zijn de topsporters. Voetballers, wielrenners, autocoureurs en andere professionele sporters worden al geruime tijd zeer regelmatig getest terwijl ze helemaal geen klachten hebben. De kans op een foutje is dan ook groter, net als bij die zwangere man.

Daar komt bij dat de PCR-test geen uitslag geeft zoals een zwangerschapstest met ‘ja’ of ‘nee’. De PCR-test geeft een bepaalde hoeveelheid virus aan, een getal. Ieder laboratorium heeft bepaald bij welke waarde de uitslag positief is, of negatief. En ook wanneer de test herhaald moet worden of een nieuw sample moet worden afgenomen om zekerheid te bieden.

Mensen die bij de GGD of in het ziekenhuis een test laten doen, krijgen alleen de einduitslag te horen: wel of niet positief. In werkelijkheid staat er een getal op de uitslag. Er zijn sportartsen en andere afnemers van testen onder sporters, die dat getal ook doorgeven aan de sporter zelf of zijn begeleiders. Dan kunnen die begeleiders of sporters zelf de uitslag interpreteren. Dat gaat niet altijd goed.

Welke coronatesten zijn er?

In Nederland zijn op dit moment twee soorten testen in gebruik; de PCR-test en de antigeen-sneltest. Daarnaast zijn de ademtest en de LAMP-test in ontwikkeling, maar die laten we even buiten beschouwing omdat ze nog niet in praktijk gebruikt worden.

De PCR-test (zie hierboven) is de ‘gouden standaard’. Hij wordt gebruikt in de teststraten van de GGD’s, waar iedereen zich gratis kan laten testen. Maar ook ziekenhuizen en huisartsen maken doorgaans gebruik van de PCR-test. Dat gebeurt met een ‘swap’, een lang wattenstaafje dat diep de keel en neus in gaat.

De andere test die sinds enkele maande veel gebruikt wordt is de antigeen-sneltest. Het is een klein apparaatje vergelijkbaar met een zwangerschapstest, waarin slijm wordt gedaan uit de keel- en neusswap. Het apparaatje geeft binnen een kwartier uitslag: positief of negatief.

Terwijl de PCR-test erfelijk materiaal, RNA, vindt van het virus, gebruikt de antigeentest de oppervlakte-eiwitten die aan de buitenkant van het virus zitten. Het wattenstaafje gaat in een buisje met vloeistof, het mengsel gaat op de kleine test-cassette en daar verschijnt dan in een kwartier tijd wel of niet een streepje op.

Wat is beter, de antigeen-sneltest of de PCR-test?

,,De PCR-test is zonder twijfel de beste test. Het is de meest exacte test en daarmee dus ook de meest betrouwbare.’’

Toch is daarmee niet alles gezegd. Soms is het juist handig om een minder precieze test te gebruiken. Bijvoorbeeld als je gezonde mensen gaat testen vlak voordat ze in een omgeving komen waar ze anderen zouden kunnen besmetten. De sneltest slaat alleen maar op ‘positief’ als iemand vrij veel virussen bij zich heeft, dus als die persoon ook echt besmettelijk is. De PCR-test slaat ook op positief als iemand maar weinig virusdeeltjes bij zich heeft. Mensen kunnen best besmet zijn met het virus maar nog niet besmettelijk zijn, of niet meer.

Wanneer gebruik je welke test?

Er is een discussie gaande over het massaal testen van mensen zonder klachten. Dat kan om twee verschillende redenen. Er zijn landen of regio’s die de corona-epidemie onder controle proberen te krijgen door in één klap de hele bevolking van een stad of regio te testen. Dan worden dus niet alleen de mensen met klachten er uit gepikt maar iedereen die het virus bij zich draagt.

Welke test is dan handig? De PCR-test. ,,Dan heb je de meeste kans dat je iedereen er uit kan pikken.’’

Maar massaal gezonde mensen testen kan ook op een veel kleinere schaal. Je zou voor de ingang van scholen, bedrijven, voetbalstadions of festivals iedereen die naar binnen wil eerst kunnen testen. Dan zou je iedereen die positief is meteen kunnen weigeren zodat binnen de coronaregels losgelaten kunnen worden.

Welke test is dan handig? De antigeen-sneltest. Die filtert binnen een kwartier mensen die besmettelijk zijn er uit. Als het festival, de voetbalwedstrijd of de schooldag niet te lang duurt, is er een vrij grote kans dat er binnen niemand is die anderen kan besmetten.

,,Maar het is alleen garantie tot de voordeur’’, waarschuwt Niesters. ,,Je kan het ene moment nog niet besmettelijk zijn en de volgende dag wel.’’ Het is en blijft een risico-inschatting.

Wat is het risico van het testen van gezonde mensen?

Niesters vindt het massaal testen van gezonde mensen best riskant. ,,Als de verspreiding laag is, dus als maar heel weinig mensen het virus bij zich dragen, is in principe de PCR-test een betere methode dan de antigeen-sneltest. Je pikt met een PCR eerder de mensen eruit die het virus bij zich dragen. Maar ook een PCR is er afhankelijk van of de keel- en neusswap wel goed wordt afgenomen.’’ Als mensen weinig snot of slijm hebben en het wattenstaafje gaat niet echt diep genoeg in de neus, dan is de kans aanwezig dat er geen virus aan het wattenstaafje zit, terwijl iemand toch wel degelijk besmet is. ,,Het zou een vals gevoel van veiligheid kunnen geven.’’

Economen en sommige andere virologen kijken meer naar de maatschappelijke en sociale gevolgen. Zolang de coronapandemie voortduurt, blijft de samenleving grotendeels op slot. Dat kunnen we niet eeuwig volhouden en leidt tot allerlei bijkomende problemen en achterstallige zorg. Zij hameren er daarom op dat massaal testen een mogelijkheid kan zijn om toch weer bepaalde activiteiten toe te staan. Weliswaar niet voor honderd procent veilig, maar iets is beter dan niets.