Vandaag is het Linkshandigendag: Feiten en fabels over linkshandigen

13 augustus is het linkshandigendag. Alle feiten en fabels over linkshandigen op een rij.

Linkshandigen zijn beter in wiskunde.

Dat blijkt uit een onderzoek dat gepresenteerd werd op de British Psychological Society Annual Conference. Hoe goed iemand in wiskunde is hangt voor vijf tot tien procent af van zijn of haar dominante hand. Dat lijkt niet veel, maar dat is het statistisch gezien wel, zeggen onderzoekers.

Linkshandigen zijn creatiever en slimmer dan rechtshandigen.

De reden daarvoor zou liggen in het feit dat linkshandigen van jongs af aan naar oplossingen moeten zoeken voor alledaagse problemen, waardoor hun rechterhersenhelft (waar de creativiteit huist) beter ontwikkeld is. Neurowetenschapper Roel Willems vertelt dat dit wetenschappelijk nooit aangetoond is. Wel is het zo dat de hersenen van linkshandigen er anders uitzien, zegt Willems in dit artikel. Maar: ,,dat verschil heeft weinig gevolgen voor gedrag."

Linkshandig zijn is verboden. 

Niet waar. Althans, niet helemaal. Oudere generaties linkshandigen werd het op school om praktische redenen verboden met links te schrijven, soms met klappen van de lineaal tot gevolg. Links wordt vaak (onbewust) geassocieerd met iets negatiefs, terwijl rechts gelijkstaat aan 'goed'. In taal komt dat onderscheid duidelijk naar voren. Iemands rechterhand is een goede assistent, terwijl iemand met twee linkerhanden erg onhandig is.

Mannen zijn vaker linkshandig dan vrouwen.

Raar, maar waar. Er zijn tien procent meer mannelijke linkshandigen dan er vrouwelijke linksschrijvers zijn. Hoe dat precies komt is niet bekend. Een populaire verklaring is dat het samenhangt met de hoeveelheid testosteron in de baarmoeder. Mannen worden daaraan voorafgaand aan de geboorte meer blootgesteld. De rechterhersenhelft, die de linkerkant van het lichaam aanstuurt, is gevoeliger voor testosteron. Mannen zouden daardoor vaker linkshandig worden.

Het ontstaan van linkshandigheid

Hoe rechts- of linkshandigheid ontstaat is onbekend. Zowel erfelijkheid als omgevingsfactoren lijken een rol te spelen. Uit onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen blijkt dat twee rechshandige ouders 10 procent kans op een linkshandig kind hebben, terwijl dat percentage bij twee linkshandige ouders op 26 procent ligt. Het kan voorkomen dat eeneiige tweelingen, die eenzelfde genenset delen, links- en rechtshandig zijn. De kans dat een helft van een eeneiige tweeling linkshandig is, is dan wel weer wat hoger dan gemiddeld: 20 procent.

Toon reacties

Mis niets van het regionale nieuws. Ontvang onze dagelijkse nieuwsupdate, helemaal gratis.

Meer dan 22.249 nieuwsbriefabonnees

Je kunt je op elk moment weer uitschrijven

Lees hier ons privacy statement