De combinatie van een uitzonderlijk warm voorjaar, extra verraderlijke muien en de coronapandemie bezorgen de Reddingsbrigade handenvol werk

Van zoper tot zeeschuim: dit zijn de vijf grootste gevaren van de zee

De combinatie van een uitzonderlijk warm voorjaar, extra verraderlijke muien en de coronapandemie bezorgen de Reddingsbrigade handenvol werk Foto: ANP

Niet voor de eerste keer dit jaar nam de Noordzee dit weekend mensenlevens. De combinatie van een uitzonderlijk warm voorjaar, extra verraderlijke muien en de coronapandemie bezorgen de Reddingsbrigade handenvol werk. 

,,Vanwege corona beperken veel Nederlanders zich tot uitstapjes in eigen land. Mensen die niet zijn opgegroeid aan de kust, zijn minder bekend met de gevaren van de zee’’, zegt  Leon van Went van de Reddingsbrigade in Noordwijk. Hij waarschuwt voor de vijf grootste gevaren. 

1. Muien

Het was een heldhaftige actie van een 37-jarige Pool bij het strand van Julianadorp. Hij zag hoe drie Duitse kinderen in problemen kwamen, en probeerde ze te redden, maar verdronk daarbij zelf. Het tragische ongeluk is niet het eerste dit jaar waarbij vermoedelijk een mui zwemmers in grote problemen bracht. Afgelopen vrijdag speelde dat waarschijnlijk ook een rol in het Zuid-Hollandse Monster waar een 15-jarige jongen uit Den Haag verdronk. Twee weken geleden werd er dagenlang gezocht naar een 14-jarig Duits meisje bij Ameland dat eveneens naar zee werd ‘gezogen’.   

Het gevaar van een mui is de heel sterke stroming die kan ontstaan tussen twee zandbanken in. ,,Je kunt ernaast staan zonder dat je er erg in hebt. Zodra je een stap opzij zet kun je door de muistroom mee de zee in worden gezogen’’, zegt Leon van Went van de Reddingsbrigade in Noordwijk.

Wat je nooit, maar dan ook nooit moet doen", waarschuwt hij. Is er tegenin zwemmen. ,,De stroming kan gerust 15 kilometer per uur zijn. De beste zwemmers ter wereld halen 8 kilometer per uur. Dus dat haal je nooit. Laat je meevoeren, de zee in. Dat gaat tegen je intuïtie in, maar is echt het beste. Zodra de stroming minder sterk is, zwem je een stukje parallel aan de kustlijn. Je komt dan vanzelf op of voor een zandbank terecht. Rust daar even uit en zwem verder naar de kust.’’

Muien komen overal langs de Nederlandse kust voor. Waar zandbanken zijn, zijn muien. Ook bij pieren en strekdammen ontstaan muien als het laagwater wordt. Vanaf het strand, de boulevard of de duinen zijn ze meestal goed te zien, tipt Van Went. ,,Het zijn de plaatsen met geen of weinig korte golven, die snel omslaan.’’

De Reddingsbrigade heeft de indruk dat er dit jaar meer verraderlijke muien zijn dan andere jaren. ,,We hebben lang westenwind gehad, waardoor de ruimtes tussen de zandbanken diep zijn uitgesleten. Daardoor is veel hoogteverschil ontstaan. Het ene moment sta je tot je borst in het water, het volgende moment maar tot je schenen. Daardoor ontstaat hevige stroming richting zee als het water zich bij eb terugtrekt.’’

2. Aflandige wind

Dit gevaar loert op de mooiste stranddagen. Het is oostenwind, de zee is vlak. Wat is er dan heerlijker dan verkoeling zoeken al ronddobberend op de rug van je opblaaskrokodil? Dat gaat nogal eens mis, waarschuwt Van Went. ,,Mensen vallen in slaap en worden ondertussen door de wind steeds verder de zee op gevoerd.’’ Vrijdag hadden de Reddingsbrigades aan de hele kust hun handen vol aan zulke incidenten. ,,Er stond een pittige wind, kracht 3 à 4. In Noordwijk hebben we twee meisjes uit zee gehaald die al 300 meter waren afgedreven. Ook moesten we een aantal keer in actie komen voor afgedreven opblaasflamingo's en strandballen waar niemand bij bleek te zwemmen.’’

  loading

Vaak loopt het voor zwemmers die zo in problemen komen goed af, omdat ze tenminste iets hebben waar ze op kunnen blijven drijven tot er hulp is. Maar toch kan het in een uitzonderlijk geval uren duren voordat iemand wordt gevonden. Dat overkwam de Russische zwemster Olga Kulda twee jaar geleden bij het Griekse eiland Kreta. Ze dobberde 21 uur op zee voordat ze werd opgemerkt door een vliegtuigje en ze kon worden gered. 

3. Zandbanken

Op een zandbank omsloten worden door water. Het klinkt als iets dat je nooit zal overkomen, als je een beetje oplet. Maar op de Waddeneilanden, op de Zandmotor bij Monster en in bijvoorbeeld het Zeeuwse Renesse kan je dat zomaar gebeuren, met soms tragische gevolgen. Zo verdronk  vorig jaar maart  een 45-jarige Belgische vrouw met haar hondje bij Renesse. Ze zat met haar twee kinderen en een vrouw uit Renesse op de zandbank. De reddingsbrigade had deze laatste drie wandelaars snel gevonden, maar de hulp voor de Belgische vrouw kwam te laat.

Bij laag water is een zandbank niet altijd te herkennen als zandbank, verklaart Van Went. ,,Je kunt er een heel stuk over lopen zonder dat je het in de gaten hebt. Maar het geultje waar je doorheen bent gelopen, stroomt bij vloed vol. Ineens is het dan een brede sloot waardoor je niet meer weg kan. De stroming eromheen kan enorm sterk zijn, met water dat nog sneller stroomt dan muistroming.’’

4. Zoper

Nog zo'n verraderlijk fenomeen: de zoper. Een sterke stroming parallel aan de kust die op mooie zomerdagen ontstaat bij toenemende zuidwestenwind. ,,Die stroming kan zo sterk zijn dat je niet meer op je benen kunt blijven staan. Je voelt de grond onder je voeten vandaan slaan. Als dat gebeurt terwijl je het niet verwacht, kun je een paniekreactie krijgen. Als je dan ook nog water binnenkrijgt doordat een golf omslaat, kan het snel verkeerd gaan.’’

De Reddingsbrigade moet regelmatig in actie komen voor mensen die een heel eind zijn meegesleurd langs de kust. Om te oefenen voor zulke reddingsacties laten Van Went en zijn collegastrandwachten zich twee kilometer stroomopwaarts afzetten met de auto, vertelt hij. ,,Binnen een kwartier staan we dan soms weer op de oorspronkelijke plek.’’ Vooral langs de kust van de Waddeneilanden komt het fenomeen zoper regelmatig voor.

5. Zeeschuim

Het was aanvankelijk een verbijsterend raadsel: hoe konden op één dag vijf ervaren surfers, geoefende zwemmers, in de hun zo bekende zee bij Scheveningen verdrinken? Het bleek een dodelijke combinatie van omstandigheden die zorgde voor een metershoog, verstikkend zeeschuim. Het was voorjaar, er was veel algengroei. Het eiwit van de algen was door de ongebruikelijk harde wind uit het noord-noordoosten opgeklopt tot een metersdikke laag. ,,Bij ons in Noordwijk zie je hoogstens 20, 30 centimeter algenschuim op het strand liggen. Daar raak je hoogstens een kleine hond in kwijt’’, zegt Van Went. ,,Maar in de haven van Scheveningen heeft het zich opgehoopt. Het kon daar geen kant meer op.’’

loading

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct