De tureluur.

Turen naar tureluurs in het Markermeergebied

De tureluur. FOTO SHUTTERSTOCK

Voor een vogelrijke wandeling is het Markermeergebied een aanrader. Al hebben de vogels het er zwaar.

,, Ik heb üffelte met bloempies aan me uis. Nagientje? ” ,, De leste dan .”

Het voelt als vakantie op het terras in de haven van Marken. Twee kletsende vrouwen glimlachen uitnodigend en nog voor de koffie komt zijn mij de beginselen van het Marker dialect bijgebracht. Ik leer over kladdig (smerig), üffelte (klompen) en oarre kaare (andere kinderen) en over het eiland Marken dat beslist geen museum wil zijn. ,,We leven hier doodnormaal hoor. Verschilt niets van andere dorpen”, zegt Trijntje Visser, een van de twee.

Volstrekt normaal, maar toch bijzonder. Alle reden voor een tocht over Marken, dat sinds 1957 met de aanleg van de dijk tussen Marken en het vasteland van Waterland geen echt eiland meer is. Vooral de vogels van het IJssel- en Markermeer trekken me. De vogelrijkdom is hier immers van internationale faam. Van roerdomp tot aalscholver en van kuifeend tot blauwborst; alles komt hier voor.

Het is zonnig, er staat een licht briesje. De was wappert droog en een schilder bouwt een steiger tegen een huis dat wel een verse lik groene verf kan gebruiken. In de lucht ruziet een groepje meeuwen luidruchtig.

loading

STRIJD TEGEN DE ZUIDERZEE

Marken mag dan geen museum willen zijn; de geschiedenis van het eiland is wel overal aanwezig. Het is hier altijd knokken geweest tegen het water. Eeuwen achtereen beukte de Zuiderzee op de dijken en de ene overstroming volgde op de andere. Honderden, misschien wel duizenden mensen lieten het leven.

Om veilig te zijn – of op zijn minst íets veiliger – legden de Markenaren terpen aan, werven op zijn Markens, en bouwden hierop hun huizen. Een deel van de werven werd alsnog door het water verzwolgen of brandde af. Van de oorspronkelijke 27 zijn nog 12 werven terug te vinden. Acht bebouwd en vier als bulten in het landschap. En inderdaad: wanneer ik even later de bebouwde kom uitloop zie ik achter me het dorp hoger liggen dan het omringende land.

Niet alleen de werven zijn nog zichtbare overblijfselen van het woeste waterverleden. De bevolking groeide rap en daarom werden paalwoningen bedacht. Toen de afsluiting van de Zuiderzee veiligheid bracht, kon de ruimte onder de paalwoningen worden opgevuld met ‘onderhuizen’.

Het is rustig, het aangename weer ten spijt. Zal wel door corona komen, want wordt Marken niet altijd overlopen door Chinezen, Japanners en Amerikanen? Van wie het gros denkt dat de bewoners op klompen lopen en klederdracht dragen? Ze hadden lang kunnen zoeken, want op Marken draagt niemand op een doordeweekse dag nog klederdracht, zo had Trijntje Visser al gezegd.

loading

VEEL VOGELS, WEINIG BOMEN

Tijd voor een wandeling aan de rand van het land. Links het weidse, zilveren water met daarboven wat afwisselend bewolke lucht, rechts het groene land waar grutto’s, tureluurtjes en kieviten luidkeels van zich laten horen. Het kan niet anders: dit weiland wordt niet intensief gebruikt. Hier hebben de weidevogels voldoende tijd hun eieren veilig uit te broeden en kunnen de kuikens genoeg insecten vinden – op boerenland is dat vaak onmogelijk.

Veel bomen staan er niet op Marken. Met een plukje hier en een plukje daar is het wel bekeken. Eeuwenlang wilden door de zilte Zuiderzee hier geen bomen groeien. Zelfs voor zoet hooi was de grond te zout. Met de bouw van de Afsluitdijk werd de zee zoet, heel langzaam spoelt het zout weg uit de bodem waardoor er inmiddels wel bomen kunnen groeien. Het kan, maar gelukkig is ervoor gekozen het open land open te houden. Lopend op de ene rand zie je het water aan de andere kant, zo smalletjes is Marken.

De basalten dijk is een tuin; tussen de stenen groeit margriet, koolzaad, distel en allerlei ander kruid. Een lijntje aalscholvers trekt voorbij. Op het water dobbert een groepje eendjes. Steeds opnieuw duiken ze onder, op zoek naar vis, planten of schelpdieren. Leuk spelletje: gokken waar ze bovenkomen.

loading

HARDE DIJK IS ONGUNSTIG

Een man tuurt door een kijker. Nieuwsgierig naar wat hij ziet raken we in gesprek over de bloemen op de dijk en de vogels op en boven het Markermeer. Op het eerste gezicht lijkt de natuur prima in orde. Door de vogelkijker zien we een groepje puttertjes, drie visdiefjes en vier meeuwen. Maar het gaat helemaal niet zo goed met het IJssel- en Markermeer zegt de man, die zich voorstelt als Leo Bruinzeel van Vogelbescherming Nederland.

Wijzend op de basalten dijk vertelt hij dat juist die harde dijken met daardoor abrupte overgangen van water naar land, ongunstig zijn. ,,Er zijn langs de kusten van het IJsselmeergebied veel te weinig ondiepe (riet)zones waar vissen kunnen paaien en opgroeien. En er wordt nog steeds gevist waardoor er minder voedsel voor visetende vogels is.”

Rietzones zijn ook belangrijk voor zeldzame vogels als de roerdomp en kleine karekiet. Ze broeden er, voert Bruinzeel aan. Kluten, visdiefjes en andere zogeheten kalegrondbroeders missen de kale stukjes land die niet meer kunnen ontstaan nu het waterpeil onnatuurlijk en constant is.

,,Er worden steeds weer plannen voor windmolens en zonnepanelen gemaakt, de zandwinning, de recreatiedruk; de vogels komen daardoor in de knel. Dat terwijl het IJsselmeergebied internationaal van groot belang is.”

Grote zorgen bij de Vogelbescherming, een verhaal om somber van te worden. Al komt de organisatie in actie. Met lobbyen en het uitbrengen van adviezen, en door samen met andere natuurorganisaties ondiepe oeverzones aan te leggen. Natuurmonumenten heeft de Marker Wadden aangelegd, vijf schitterende eilanden middenin het Markermeer. Hier kunnen vogels broeden die op kale grond hun nest maken.

loading

HET PAARD VAN MARKEN

Op naar de vuurtoren op de punt van het land. Het Paard van Marken wordt deze ‘wachter’ genoemd. Al in 1700 stond op dezelfde plek een vuurbaak. Bijna anderhalve eeuw later werd de oude baak vervangen door een toren met een woonhuis.

Trijntje Visser is er opgegroeid, vertelde ze eerder bij de koffie. ,,Het was best eenzaam. Er kwamen bijna nooit vriendinnetjes spelen.” In haar jeugd werd de toren nog verlicht met een gaskousje; inmiddels is alles elektrisch. Voor boten is en blijft het lichtbaken belangrijk. Tot bijna 17 kilometer ver is het te zien.

Niet dat er nog vissers de Markerhaven binnen hoeven te varen. Met de afsluiting van de Zuiderzee kwam ook een einde aan de tijd van vissen, netten boeten, kaken, afslaan, verschepen en verkopen. Ooit waren de Markervissers graag geziene walvisvaarders; nu werkt het overgrote deel van de bevolking ergens op het vasteland.

De vuurtoren betekent het keerpunt en een heel ander uitzicht. De werven, bebouwd en onbebouwd, vormen kleine bulten in het vlakke land. Vogels blijven steeds dichtbij, twee knobbelzwanen vliegen zoevend over. Het blauw in de lucht wordt steeds grijzer. Terug in de haven wacht een Marker Maagd, het plaatselijk biertje.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct