Salariskloof man en vrouw begint al bij zakgeld: jongens krijgen 2 euro meer dan meisjes

Ouders geven hun zonen maandelijks 2 euro zakgeld meer dan hun dochter, blijkt uit onderzoek van Deloitte.

Het accountantskantoor deed naspeuringen onder 500 kinderen naar aanleiding van de Week van het Geld, die maandag van start gaat. Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) zegt dat naar de reden van dit verschil nog geen onderzoek is gedaan.

Digitaal en contant

Het onderzoek brengt ook aan het licht dat kinderen gemiddeld 5 euro meer ontvangen als hun ouders het zakgeld digitaal overmaken in plaats van contant geven. Volgens de onderzoekers maakt het spaarvarken tegenwoordig al op jonge leeftijd plaats voor de pinpas en internetbankieren.

Dat verschil in digitaal en contant is er ook aan de uitgavenkant. Gemiddeld besteden kinderen met een bankpas 12,30 euro per maand, contant geven ze 8,25 euro uit. Doordat de `contant/kinderen`minder krijgen, houden ze uitindelijk minder over.

Karin Radstaak van het Nibud heeft wel een verklaring voor het verschil: ,, Ouders en kinderen hebben bij digitaal geld vaak minder gevoel, omdat het niet tastbaar en zichtbaar is."

Verantwoordelijk

Ruim 11 procent van de kinderen zegt helemaal geen zakgeld te krijgen. Radstaak: ,,Sommige ouders betalen liever zelf alles voor kinderen, soms vinden ouders dat er onvoldoende geld is en soms is het cultureel bepaald."

Ruim de helft (56 procent) van de 10 tot 12-jarigen heeft een eigen pinpas. Onder de 12-jarigen is dit aantal gestegen naar 64 procent. De kinderen noemen een pinpas ‘superhandig’, maar of ze er ook verantwoordelijk mee kunnen omgaan, is de vraag. Zo zegt 12 procent zijn of haar pincode aan een onbekende te geven als daarom wordt gevraagd. Eén op de zeven kinderen schermt zijn of haar pincode niet af. 14 procent heeft weleens de pincode te vaak fout ingetoetst, waardoor de pinpas werd geblokkeerd.

Met digitaal geld kun je digitaal shoppen, dat beseffen kinderen goed. Toch gaan de kinderen daar iets voorzichtiger mee om. Zo zal 65 procent eerst naar zijn of haar ouders toestappen om te vragen of een website veilig is. Dat is maar goed ook, want meer dan de helft (62 procent) ziet geen verschil tussen een beveiligde en een onbeveiligde website.