Lokaal verbouwd spelt trekt 'bewuste consument' naar molen

Rolf Wassens en Dirk Doeglas malen onder meer spelt uit Kloosterburen. FOTO MARTINE VAN DER LINDEN

De molenstenen van De Joeswert in Feerwerd vermalen maandelijks ongeveer achthonderd kilo Oberkulmer Rotkorn uit het nabijgelegen Kloosterburen. De molenaars kiezen bewust voor dit spelt. ,,Mensen willen weten waar hun eten vandaan komt.''

Op een grijze woensdagmiddag beginnen de wieken van De Joeswert langzaam te draaien. Al snel is het ‘zingen’ van de maalstenen hoorbaar. Een vertrouwd geluid voor Rolf Wassens. Hij werd in 1980 beroepsmolenaar op De Joeswert. Enkele jaren geleden stopte hij, maar als vrijwilliger is hij nog erg betrokken.

Eigen maalbedrijf

Toen Rolf rond zijn twintigste als leerling-molenaar begon, was er weinig betaald werk in. Het zou een hobby worden, was zijn plan. Maar in de jaren zeventig ontstond grote vraag naar volkorenbrood, dat gezonder bleek dan witbrood. ,,En mensen kwamen erachter dat graan malen met stenen beter is dan graan walsen.” Goed nieuws voor de korenmolens, dus.

Rolf begon als tweede molenaar op een molen in Schiedam, maar na een paar jaar kwam De Joeswert vrij. Hij greep zijn kans om hier als beroepsmolenaar te werken. Het was aanvankelijk ploeteren om rond te komen, maar na verloop van tijd kwam dit maalbedrijf tot bloei.

Spelt op molenstenen

Halverwege de jaren negentig kwam hij in contact met Hanny Hiddema uit Pieterburen, die met haar nieuwe stichting Speltproject Pieterburen bekendheid wilde creëren voor Oberkulmer Rotkorn uit Kloosterburen. Rolf wilde meteen meewerken.

,,Je hebt spelt uit bijvoorbeeld Duitsland en Rusland, maar je kunt aan de korrel niet zien wat voor ras het is. Er zijn speltrassen die worden gekruist. Van spelt uit Kloosterburen weet ik zeker dat het pure spelt is, precies hetzelfde spelt als zevenduizend jaar geleden. En bij het verbouwen ervan worden geen bestrijdingsmiddelen gebruikt.”

Het malen van spelt vraagt om een specifieke werkwijze. ,,Het moet voorzichtig. Spelt mag niet te warm worden door de wrijving van de maalstenen, anders wordt het meel te vettig. Maar het maalt wel heel mooi, het meel is heel zacht.”

Boost door subsidie

Rolf stapte als secretaris in het bestuur van stichting Speltproject Pieterburen. ,,Maar Henny was de kartrekker. Ze kreeg eind jaren negentig zelfs Europese subsidie. Die heeft ze ingezet voor promotie. Dat heeft gezorgd voor veel bekendheid voor onze spelt. De vraag groeide enorm en is tot de dag van vandaag groot.”

Nadat Rolf stopte als beroepsmolenaar, nam Dirk Doeglas het stokje van hem over. Samen met Libbe Kooistra is hij nu de vaste molenaar. ,,Ik word voor de grap wel ‘de CEO’ genoemd”, vertelt hij in het winkeltje naast de molen. ,,Naast dat ik molenaar ben, ben ik vooral bezig met de in- en verkoop.”

Traceerbaar eten

Hij kiest er bewust voor om speltmeel in het assortiment te houden. ,,Voor het speltproject Pieterburen malen we ongeveer tweehonderd kilo per maand. Acht zakken volkoren.” Een deel ervan komt twaalf kilometer verderop terecht bij Bakkerij Peters in Leens , die ook betrokken is bij het speltproject Pieterburen en al ruim twintig jaar speltmeel afneemt van de molen. Daarnaast zijn zakjes speltmeel in de winkel verkrijgbaar. Er zijn mensen die er specifiek voor naar de winkel komen, vertellen de molenaars.

Dat maakt het speltproject zo leuk, volgens Dirk. ,,Mensen vinden het mooi dat dit spelt uit de buurt komt en ik vertel er graag over. Mensen willen steeds vaker weten wat ze eten. Die trend was al gaande, maar ik denk dat corona dit nog wat versterkt.”

Consument bepaalt

Sowieso is het sinds de corona-uitbraak drukker in de molenwinkel, merkt Dirk. ,,Mijn verklaring is dat mensen nu niet meer in de bedrijfskantine kroketten kunnen eten en daarom thuis goed voor zichzelf zorgen met lekker en gezond eten.”

Of het lokaal verbouwen, verwerken en verkopen van voedsel iets is waarnaar bedrijven in de toekomst meer zouden moeten streven? Rolf vindt van wel. ,,Dan weet je als consument wat je koopt. En de boer weet voor wie hij het verbouwt, dat lijkt me voor hem ook wel fijn. Maar het is uiteindelijk de consument die bepaalt.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra
Eten & drinken
Waddengebied