Hoe werkt groepsimmuniteit? En hoe helpt het ons in de strijd tegen het coronavirus?

Op Kbs De Burchtgaarde in Breda krijgen de kinderen handenwasles in verband met het coronavirus. Hoesten en niezen doe je in je elleboog. FOTO RENE SCHOTANUS

In afwachting van een vaccin of medicijn om de verspreiding van het nieuwe coronavirus af te remmen moeten we de komende tijd gecontroleerd groepsimmuniteit opbouwen, zei premier Mark Rutte maandagavond in zijn televisietoespraak. Wat is groepsimmuniteit? En hoe helpt het ons in de strijd tegen het coronavirus?

Is groepsimmuniteit iets nieuws?

Nee. Groepsimmuniteit kennen we nu ook al bij ziektes zoals de mazelen. Er zijn genoeg mensen immuun voor dit virus, veelal door de inentingen die ze als kind hebben gekregen. Wie immuun is voor een bepaalde ziekte kan deze ook niet doorgeven. Mocht er onverhoopt toch iemand de mazelen krijgen dan is de kans miniem dat er een grootschalige epidemie uit breekt.

Wanneer is er sprake van groepsimmuniteit?

Dat verschilt per virus. Voor de mazelen, een ontzettend besmettelijke ziekte, geldt dat 95 procent van de bevolking immuun moet zijn om een uitbraak te voorkomen. Dat percentage is in grote delen van Nederland behaald door middel van het Rijksvaccinatieprogramma. In bepaalde gebieden van Nederland, zoals in de Bible Belt, waar het vaccinatieprogramma door een deel van de bevolking wordt afgewezen, zie je dat het virus nog steeds uit kan breken en tientallen mensen ziek worden.

Hoe groot moet het percentage immune Nederlanders zijn om het coronavirus te stoppen?

Dat is moeilijk te zeggen. Van ziektes zoals de mazelen weten we hoe besmettelijk ze zijn, bij het coronavirus is dat voorlopig een stuk minder helder. Jaap van Dissel, hoofd van het RIVM, schatte onlangs bij Nieuwsuur dat zo’n 60 tot 65 procent van de bevolking de ziekte gehad moet hebben om op het punt van groepsimmuniteit te komen. Public Health England, de Engelse RIVM, komt tot een minder rooskleurige schatting, zij verwachten dat 8 op de 10 mensen het virus gehad moeten hebben om groepsimmuniteit te bereiken.

Bij de eerste onderzoeken naar het virus in China lijkt het erop dat iedere zieke twee anderen besmet. Wie kijkt naar de uitbraak in Nederland zag dat het land binnen tien dagen van nul naar duizend bevestigde besmettingen ging. Het virus kan zich dus razendsnel verspreiden. En dat is ook nodig om groepsimmuniteit te bereiken. Er zullen eerst heel veel mensen ziek moeten worden voordat er een kantelpunt komt. Dat kan maanden duren, zoals premier Rutte maandagavond ook zei.

Lees ook | Is het een griepje of is het corona? Zo herken je de symptomen en dit kun je doen om besmetting te voorkomen

Allemaal zo snel mogelijk ziek worden dus om het virus eronder te krijgen?

Het virus moet zich inderdaad onder zoveel mogelijk mensen verspreiden om groepsimmuniteit te bereiken. Het virus vrijelijk rond laten gaan is echter niet verstandig. Ook Rutte zei maandagavond dat de overheid daar met klem niet voor kiest. De meeste mensen hebben weliswaar enkel lichte klachten zoals verkoudheid en kortademigheid maar een deel krijgt ernstiger klachten en moet worden opgenomen in het ziekenhuis. In China belandde uiteindelijk 15 procent van de patiënten in het ziekenhuis en 5 procent zelfs op de intensive care. Het sterftepercentage lijkt rond de 2 procent te liggen.

Het verspreiden van het virus moet dus gecontroleerd gebeuren om de zorg niet te overbelasten. Zie het als een spelletje tikkertje zoals medisch bioloog en wetenschapsjournalist Jop de Vrieze het op Twitter noemde. Uiteindelijk wordt iedereen getikt maar je wil wel zo lang mogelijk in het spel blijven. Om het spel zo lang mogelijk door te laten gaan, zijn maatregelen zoals het sluiten van scholen, horeca en sportclubs genomen.

Hoe kan je het opbouwen van groepsimmuniteit gecontroleerd laten verlopen?

Dat kan op verschillende manieren. Zo werd in China eerst gekozen voor het volledig in quarantaine brengen van de miljoenenstad Wuhan. Uiteindelijk kreeg de Chinese overheid het virus eronder maar er kon niet voorkomen worden dat het uiteindelijk toch de wijde wereld introk. Een stad is namelijk nooit helemaal af te sluiten. Er is altijd wel iemand die het virus onder de leden heeft en toch door de barrières weet te komen. Eenmaal buiten de stadsgrenzen gelden de regels van de quarantaine niet, ontmoeten mensen elkaar en kan het virus razendsnel overspringen doordat mensen hoesten en niezen.

Het aantal zieken neemt vervolgens exponentieel toe. Twee zieke mensen kan zo in een week groeien naar 128 zieken.

Om het tempo waarin het virus rondgaat te vertragen moet het sociaal verkeer dus grondig ingedamd worden. Hoe minder mensen contact met elkaar hebben, hoe minder kans er is dat het virus zich verspreidt. Ondertussen hebben zij die wel ziek zijn de tijd om te herstellen, wat ongeveer twee weken lijkt te duren. Uiteindelijk zal een groot deel van ons eraan moeten geloven om het virus eronder te krijgen. Maar niet allemaal tegelijk.

Hoe ziet de verspreiding van een virus eruit? De Washington Post maakte een simulatie met een fictief virus en liet het rondgaan onder verschillende omstandigheden: geen maatregelen, strikte quarantaine (zoals in Wuhan), het licht beperken van sociaal verkeer (Nederland voor 13 maart) en het zwaar beperken van sociaal verkeer (Nederland na 13 maart). Klik hier om de simulaties te bekijken.

menu