De reuzeberenklauw, de wolhandkrab en de wasbeer: drie exoten die hier voet aan de grond wisten te krijgen. Wilfred Reinhold strijdt tegen die invasie van schadelijke en vreemde flora en fauna. Hij vertelt hoe de brulkikker weer verdween.

De reuzeberenklauw, de wolhandkrab en de wasbeer: drie exoten die hier voet aan de grond wisten te krijgen. Wilfred Reinhold strijdt tegen die invasie van schadelijke en vreemde flora en fauna. Hij vertelt hoe de brulkikker weer verdween.

Speciaal voor zijn missie tegen schadelijke vreemde snoeshanen is Wilfred Reinhold korter gaan werken. Twee dagen per week benut de oprichter van het platform Stop Invasieve Exoten voor zijn kruistocht. „Die begon in 2006 bij de eerste berichten over de Aziatische tijgermug die met Lucky Bamboo-plantjes naar ons land meeliftte. Ik schrok toen ik las hoeveel virusziekten deze verstekeling kan overdragen.”

Invasieve exoten – vogels, vissen, zoogdieren, reptielen, amfibieën, ongewervelden, planten, insecten en micro-organismen – vermeerderen zich snel en zijn schadelijk voor onder meer de inheemse natuur. „Ze zijn hier door menselijk toedoen gekomen, niet via de natuurlijke weg.” Vaak worden ze voor de hobby geïmporteerd. „Dan ontsnappen ze of worden in de vrije natuur gedumpt.” De nijlgans, de halsbandparkiet en de roodwangschildpad zijn daar voorbeelden van.

De Europese Unie heeft een Rode Lijst opgesteld van dieren en planten waarvoor niet alleen een verbod op import, verkoop en vervoer geldt, maar die ook door de overheid actief moeten worden aangepakt.

loading  

Onbegonnen werk? Nee, Wilfred Reinhold kent de succesverhalen. „Neem de brulkikker die in 2010 twee vennetjes in Baarlo terroriseerde met zijn boerende gekwaak. Een paar van die Amerikaanse joekels moeten ooit uit een privé-vijver zijn ontsnapt. De vennetjes werden leeggepompt, de duizenden brulkikkers werden gevangen en vernietigd.”

De stierkikker, zoals hij ook wel wordt genoemd, vreet alles op wat beweegt. „Hagedissen, muizen, padden, salamanders, kikkers. Bovendien draagt hij een voor andere amfibieën dodelijke schimmel bij zich. Als hij zijn gang had kunnen gaan, was al het leven om hem heen uitgeroeid.”

Korte metten

Ook met de Pallas’ eekhoorn werd korte metten gemaakt. Een paar roodbuikige knagers wisten bij een dierenhandelaar te ontsnappen. „In de bossen van Weert vermenigvuldigden ze zich tot een 250-koppig volk. Deze Aziatische diertjes joegen inheemse eekhoorns weg en knaagden schuttingen en leidingen kapot. Om de buurtbewoners mee te krijgen, werden de ’schatjes’ niet doodgemaakt maar gesteriliseerd en in de opvang geplaatst.”

Nummer drie van de verliezers is de huiskraai. „Rond 1993 zaten er drie in Hoek van Holland. Waarschijnlijk per schip meegekomen uit India of Zuidoost-Azië en door de bemanning gevoerd. Twintig jaar later waren het er vijfentwintig. Ze eten eieren en jonkies van andere vogels en dreigden zich naar Den Haag uit te breiden. De slimmeriken lieten zich echter niet vangen en werden afgeschoten. De operatie kostte zeker 25.000 euro.”

Het mag wat kosten, de bestrijding van de invasieve exoot. „De gemeente Amsterdam trekt acht miljoen uit om de voortwoekerende Japanse duizendknoop uit de toch al wrakke kademuren te krijgen.”

„De gevaarlijke reuzeberenklauw kwam als tuinplant uit de Kaukasus. Het veelkleurige Aziatisch lieveheersbeestje werd uitgezet in de strijd tegen bladluis, maar wist uit de kassen te ontkomen. De Chinese wolhandkrab zou als larve zijn meegelift in het ballastwater van vrachtschepen, de Japanse oester werd als kweekmateriaal in de Oosterschelde uitgezet.”

loading  

Dan zijn er de rivierkreeftjes die als stripfiguurtjes over de Hollandse kades paraderen. Het verhaal gaat dat koks de Amerikaanse beestjes te klein voor de pan vonden en ze in de sloot kiepten. Andere zouden met Houdini-kwaliteiten uit particuliere aquariums zijn ontsnapt.

In andere delen van Europa werden ze doelbewust uitgezet voor de vissport. „Ze vertroebelen het water en maken het andere soorten lastig om te overleven.” Er zit maar één ding op, weten topkoks: ze zijn lekker als voorgerecht! Weten ze zelf ook, ze hebben een kannibalistisch menu.

Geel gevaar

Nieuwe exoten maken hun opwachting. „De gele bieslelie die goed aardt op schrale, zanderige grond zoals in de duinen. Het plantje vermeerdert zich ten koste van inheemse orchideeën, parnassia en stijve ogentroost.”

Deze 20 tot 30 centimeter hoge Amerikaan is te koop bij tuincentra, wat van Wilfred Reinhold meteen zou moeten stoppen. „Ze zijn nog niet invasief, maar dat is een kwestie van tijd. Ze zaaien zich kwistig uit en om ze tegen te gaan, moeten ze stuk voor stuk worden uitgegraven.”

Nog meer geel gevaar: de ’bamboeboktor’, oker met een opvallende zwarte tekening. „Die komt mee in droge bamboestokken waarvan onder meer meubels worden gemaakt. Ook hij is nog niet invasief, maar dat kan snel gebeuren.”

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct