Dit is de slotaflevering van 20 in 2020, een serie waarin jonge mensen ons dit jaar een kijkje gaven in hun leven. We geven het laatste woord aan Ebeltje Boekema-Hut uit Leek, met haar 109 jaren de oudste dame van Noord-Nederland. Zij werd 20 op 31 augustus 1931.

,,Och, dat is lang geleden dat ik 20 werd. Alles was anders, toen. Ik werkte thuis, op onze boerderij aan de Haspelwijk bij Zevenhuizen. Ik stond om een uur of zes op. Hielp met koeien melken. En dan was er het werk in huis. Wasmachines waren er nog niet, je haalde water bij de pomp, dan kookte je de witte was uit op het vuur en legde het op de bleek, en dan deed je de rest van de was, steeds donkerder kleuren, in hetzelfde sop. En op zaterdag het straatje netjes schrobben voor de zondag, net zo lang tot het brandschoon was, dan met wit zand indweilen, alles netjes in streepjes aanharken, en dan begon het zaterdagavond te regenen en was zondag je hele werk weer vort. Haha, ja, dat gebeurde.

Het was een goed, huiselijk leven in een veilige wereld. Je leefde bij de dag. Mijn moeke was streng, maar rechtvaardig. Het was écht gezellig bij ons thuis, we hadden altijd jongvolk over de vloer. Wij zijn echt letterlijk met het geloof grootgebracht. We moesten het Onze Vader hardop uitspreken tegen mijn moeder om te laten horen dat we het kenden. Het was een veilige wereld.”

Je moet ijdel wezen

,,Tegenwoordig studeren de meisjes. Ik niet. Ik wou niks worden. Ik had vier oudere zusjes en twee broers en ik ging op mijn twaalfde van school. Ik mocht wel doorleren als jongste meisje, maar dat wou ik niet. Ik had de neus wel in de lucht. Ze riepen me wel eens na: ‘Eigenwieze strontzak’. Ik hield van mooie kleren. Dan fietste ik met mijn zusjes naar Groningen en daar kochten we dan een jurk of een manteltje bij C&A of bij Meijering. En dan fietste ik met mijn tenen omlaag gebogen over de trappers. Dat stond mooier. Je moet ijdel wezen. Dat ben ik nog. Ik doe graag een ketting om, ik hou van een lekker geurtje. Maar aan lippenstift of zo, deed ik niet.

Ik deed overal aan mee. Ik zat bij de jongens-en meisjesvereniging, en ik hield van zingen. Ik zat in het koor van de Hervormde kerk en in het zangkoor bij meneer Holman van het muziekkorps Zevenhuizen. Daar was ik sopraan, de eerste stem, zo noemden we dat. Naar het café ging ik niet. Café! Dat woord mochten we niet eens uitspreken. Dat was niks voor ons, kloar.’’

Een zoentje bij het afscheid

,,Nu drinken jonge mensen gewoon, maar wij niet. Ja, met oud en nieuw kreeg je een glaasje pruimen op alcohol dat mijn moeder zelf had gemaakt, maar alleen als de visite weg was. Kerst vierden we ook niet zo groot, er was een grote kerstboom in de kerk met echte kaarsen en een emmer met water en een spons voor het geval hij in de brand zou vliegen. En wij mochten dan als meisjes chocola schenken voor de zondagschoolkinderen, heel deftig waren we, met mooie witte schortjes om.’’

,,Ik vond jongens leuk, hoor. Ze brachten me wel eens thuis van het koor en dan kon je zoenen bij het afscheid. Een zoentje. Tuurlijk. Tuuurlijk! Zonder zoentje hoefden ze niet weer te komen hoor.’’

Wij ontmoetten ze in het echt

,,Jonge mensen ontmoeten elkaar nu op de computer. Dat vind ik niks. Dat is niet écht. Wij ontmoetten ze in het echt. Ik heb mijn man Lammert Boekema uit Niebert ontmoet toen ik 22 was. Het was op het Bosfeest in Roden, ik was daar samen met mijn vriendin, en toen liepen er ineens twee jongens achter ons. Die ene zei: ik wil achter haar lopen, en hij wees naar mij. Toen zei die ander: kan me niks schelen, het is toch maar voor één keer.

Maar met Lammert was het niet voor een keer. Altijd als ik ergens zong stond hij stiekem te kijken. Een keer trok de dirigent het gordijn open en daar stond Lammert. ‘Kom er maar bij staan’, zei de dirigent toen. Hij was een mooie jongen hoor. Prachtige slag in het haar. De foto van ons hangt boven mijn bed. We zijn getrouwd toen ik 24 was en altijd bij elkaar gebleven, 56 jaar lang. Hij is 80 geworden.’’

Een veilige, onbezorgde jonkheid

„Mensen scheiden tegenwoordig. Dat vind ik heel erg voor de kinderen, dat lijkt me zo onveilig. Als je elkaar het jawoord geeft, geef je vertrouwen. En er kan heus wel wat zijn, maar als je van elkaar houdt, kom je altijd weer bij elkaar terug.”

Ik heb een veilige, mooie, onbezorgde jonkheid gehad. Had ik in deze tijd jong willen zijn? Daar kan ik niks over zeggen, in die tijd was ik dat gewoon en daar stond ik niet bij stil. En zo is het ook goed. Maak wat van je tijd. Wees je ouders gehoorzaam. Kijk niet voor- of achterom, dat heeft geen zin. Leef in je eigen tijd.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Extra
20 in 2020
Instagram
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct