Deze 10 auto's zijn grandioos mislukt: van de Fiat Multipla tot de Ford Scorpio

Tien lelijke auto's.

Te duur, te lelijk, op het verkeerde moment of net niet goed genoeg: talloze modellen zijn voortijdig op het autokerkhof beland. Dit zijn volgens de autoredactie van het Algemeen Dagblad de 10 grootste mislukkingen op een rij.

1. BMW Z3 Coupé: de tennisschoen

loading  

Door zijn markante vorm stond de BMW Z3 Coupé bekend als de ‘tennisschoen’. Je vond hem mooi of lelijk, een tussenweg leek er niet te zijn. Kennelijk was die tweede groep veruit in de meerderheid, want de auto bleef qua verkoopaantallen ver achter bij zijn evenknie, de BMW Z3 Roadster. De concurrentie met de Porsche 911 bleek al helemaal een verloren strijd. In tegenstelling tot Porsche heeft BMW een armetierige historie als het gaat om sportieve, gesloten tweezits coupés.

2. Ford Edsel: marketingmisser

loading  

In 1957 introduceerde Ford een nieuw merk, vernoemd naar de zoon van Henry Ford, Edsel. De auto moest de ruimte opvullen tussen het ‘goedkope’ merk Ford en het veel duurdere Mercury, maar de Edsel kon de verwachtingen niet waarmaken. De auto was te prijzig, bood te weinig kwaliteit en voegde weinig toe aan de bestaande markt. Bovendien werd de opzienbarende grille omschreven als een ‘lachende paardenmond’ en ‘geopende vagina’. Alles bij elkaar betekende dit al gauw de doodsteek voor het nieuwe merk. Na 110.850 exemplaren werd de productie gestaakt. Ontwerper Roy Brown was een illusie armer en Ford ruim een kwart miljard dollar.

3. Fiat Multipla: het lelijke eendje

loading  

Als Donald Duck een auto was geweest, had hij Multipla geheten. De eerste versie van de Fiat Multipla was in de basis vooral een vernieuwende auto. Hij beschikte over zes afzonderlijke zitplaatsen in twee rijen, waardoor je - heel uniek - met zijn drieën voorin kon zitten. Bovendien reed hij helemaal niet slecht. Wat eraan mankeerde was zijn uiterlijk. De Multipla gold al snel als het lelijke eendje in autoland. Thuisland Italië kon nog enige waardering opbrengen voor de theepotvorm, in de rest van Europa sloeg de auto nauwelijks aan. Fiat haalde bakzeil: zelfs een minder extreme facelift kon de Multipla niet meer redden.

4. Ford Scorpio: koeienogen

loading  

De Ford Scorpio uit 1988 heeft nooit een fantastisch imago gehad. Toch beschikte de eerste generatie over voldoende kwaliteiten om een groep kopers aan te trekken die het ietwat saaie uiterlijk voor lief namen. De metamorfose van de auto in 1995 bleek een onverstandige zet van Ford. Deze designrevolutie omvatte een nieuwe grille en bolle koplampen, waardoor de voorkant eruitzag als een koeienkop. De achterkant was zo mogelijk nog erger, met zijn veel te grote kofferdeksel en te laag geplaatste achterlichten. Dat koningin Beatrix in een verlengde versie van de Scorpio reed, maakte de Nederlandse autokopers niet minder teleurgesteld. In vrijwel alle landen namen de klanten massaal afscheid van het model, waarna Ford zich van schrik helemaal terugtrok uit het topklasse-segment.

5. Volkswagen Phaeton: te volks

loading  

De VW Phaeton is een typisch bewijs van de hoogmoedswaan van voormalig VW-topman Ferdinand Piëch. Hij dacht met deze auto in één keer het gat tussen Volkswagen en de topklasse te kunnen dichten. Aan de auto ligt het niet, het is zijn afkomst die niet deugt. Koopkrachtige automobilisten willen niet ruim 80.000 euro neertellen voor een pompeuze Passat als voor hetzelfde geld genoeg merken met een minder volkse uitstraling te vinden zijn. De verkopen zijn daarom altijd ver achtergebleven bij de verwachtingen. Alleen de Chinezen toonden enig enthousiasme.

6. Mercedes Vaneo: pausmobiel met ster

loading

Je hoefde niet helderziend te zijn om te voorspellen dat de Mercedes Vaneo geen lang leven beschoren was. Er klopt namelijk niets aan dit model. De Vaneo ziet eruit als een pausmobiel, is veel te duur en opereert in het verkeerde segment. Hij verloor dan ook de slag van vergelijkbare, maar veel goedkopere ruimtewagens als de Citroën Berlingo, Opel Combo en Renault Kangoo. Bovendien voegde de Vaneo, behalve wat extra laadruimte, niets toe aan de destijds succesvolle A-klasse. Mercedes geeft inmiddels schoorvoetend toe dat de Vaneo ‘niet heeft gebracht wat ervan mocht worden verwacht’.

7. De Lorean: terug naar de toekomst

loading  

John De Lorean was een omstreden zakenman die in de jaren 80 de sportwagen van zijn dromen probeerde te bouwen. Het oorspronkelijke prototype, met roestvrijstalen carrosserie en vleugeldeuren, zag er stoer en veelbelovend uit. Naarmate het productiestadium naderde, werden vanwege de hoge kosten steeds meer elementen geschrapt. John De Lorean wist nog wel tien miljoen pond los te weken bij de Britse premier Margaret Thatcher om een fabriek in Noord-Ierland op te zetten, maar dat geld stak hij grotendeels in eigen zak. Met zijn jongensdroom liep het slecht af. In totaal werden in vier jaar tijd niet meer dan 8333 auto’s gefabriceerd. Een hoofdrol in de filmtrilogie Back to the Future heeft de auto niet kunnen redden.

8. Renault Avantime: nét niet

loading  

De Renault Avantime probeerde op allerlei fronten vernieuwend te zijn, maar dat wilde nét niet lukken. De 45.000 euro kostende auto had weliswaar drie deuren en een aflopende daklijn, maar was geen coupé. Hij was luxueus, maar geen zakenlimousine. Het dak kon ver open, maar dit was geen cabrio. Hij had een krachtige motor, maar was net niet sportief genoeg. De mix van automobiele liflafjes dreef zelfs de mensen bij Renault tot wanhoop, want aan wie de auto moest worden verkocht, wisten ze zelf eigenlijk ook niet. In de twee jaar dat de auto werd gebouwd, bleef de teller steken op een kleine 5000 exemplaren. Toch bleek de Avantime uiteindelijk de perfecte voorbereider voor een nieuwe designkoers van Renault: de op de Avantime geïnspireerde Mégane werd vervolgens wel een succes.

9. Mercedes S-klasse 1991: volgevreten pad

loading  

Luxe, comfortabel en uitermate betrouwbaar. De Mercedes S-klasse was in 1991 vermoedelijk de beste auto ter wereld. Alleen het design bleek minder geslaagd. De S-klasse was te groot en te log en zag er simpel gezegd uit als een volgevreten pad. De wagons van de autotrein van de Duitse spoorwegen moesten zelfs worden verbreed om plaats te bieden aan deze Helmut Kohl onder de auto’s. Het kwam dan ook voor niemand als een verrassing dat de auto in 1997 werd vervangen door een veel slankere S-klasse.

10. Honda Logo: voor de senioren

loading

De Honda Logo was in 1999 de eerste kleine Honda sinds jaren. Het model moest de concurrentie aangaan met auto’s als de Peugeot 206, Ford Fiesta en Renault Clio, maar was veruit de duurste in dat segment. De Logo had bovendien de belabberdste standaarduitrusting: zelfs een toerenteller, een klokje, of een lampje in de kofferbak konden er niet af. Op één onderdeel wist de Logo te scoren: driekwart van de bestuurders van de Honda Logo bleek 60 jaar of ouder te zijn. Daarmee stond de Honda eenzaam bovenaan in het seniorenklassement.