De Deense containerreus Maersk zag vorig jaar zijn winst ontploffen. Niet alle reders profiteren van de grillige markt. Het veel bescheidener Holwerda Shipping in Heerenveen schoot bijvoorbeeld flink in het rood.

Ze zijn wel wat gewend bij Holwerda. De rederij, in 1889 in Gasselternijveen opgericht, wist zelfs twee wereldoorlogen te overleven. Tegenwoordig stuurt het scheepvaartbedrijf vanuit de Heerenveense villa De Nijhorst een vloot van negen containerschepen over de Noordzee en de Oostzee. De miljoenen containers die reuzen als Maersk, MSC en Hapag-Lloyd vanuit China aanslepen, worden door kleinere partijen als Holwerda verder over Europa verdeeld.

Vroeger spraken ze van coasters, tegenwoordig heet deze tak van koopvaardij ‘short sea shipping’. Al sinds 2008 is de Europese kustvaart aan het kwakkelen. JR Shipping bezweek bijkans aan de schrale vrachttarieven, het eveneens Harlinger Abis Shipping kwam de magere jaren zelfs helemaal niet te boven. Met de hoogconjunctuur van voor de pandemie leek het tij gekeerd. Toen kwam 2020.

Geen werk

Nadat China in januari zijn fabrieken stillegde, kwamen eind maart de containerfeeders Fenja, Freya, Marja en Vanquish van Holwerda Shipping zonder werk te zitten. Dat heeft wekenlang geduurd. Een deel van de bemanning moest aan boord blijven, de opgelegde reisbeperkingen maakten een vertrek naar huis onmogelijk.

Pas in de loop van het derde kwartaal kwam het containertransport weer op gang. Holwerda wist weer enkele chartercontracten af te sluiten. Over het hele jaar gezien bleek covid-19 er flink te hebben ingehakt. Aan het einde van 2020 moest de Friese rederij omzetverlies van 2,8 miljoen euro wegboeken, ruim 20 procent van het totaal.

Dat teleurstellende resultaat staat in schril contrast met de megawinsten die grote containerrederijen als Hapag-Lloyd, One en Maersk in het coronajaar binnenhaalden. Die laatste, ’s werelds grootste containerverscheper, zag zijn brutoresultaat zelfs met 47 procent stijgen naar een totaal van 6.6 miljard dollar. Zulke uiteenlopende bedrijfsresultaten tijdens een pandemie, waar komt dat door?

,,Je kunt zulke grote bedrijven niet met ons vergelijken’’, antwoordt reder Roelof Holwerda. ,,Die hele grote rederijen hebben gewoon heel veel macht. Zij bepalen de prijzen. Wij zijn maar een heel klein schakeltje in dat geheel. Als kleine reder word je uitgeknepen.’’ Daar komt bij dat de kustvaart nog altijd zucht onder de overcapaciteit die ontstond toen Duitse banken massaal nieuwe schepen zijn gaan financieren. ,,Vroeger had je zo’n 250 containerfeeders in ons gebied varen, tegenwoordig zijn het er 450’’, zegt Holwerda. Zoveel concurrentie drukt de prijs. Net zo kwistig als met scheepshypotheken zijn de Duitse bankiers nu met executieveilingen.

Uitstel van aflossing

De scheepvaartonderneming uit Heerenveen doet zaken met de Rabobank. ,,Een veel vriendelijkere bank’’, vindt de reder. De laatste drie kwartalen verleende Rabo uitstel van aflossing. Toch lijkt ook het geduld van de huisbankier op te raken. Eind december kreeg Holwerda de mededeling dat Rabobank ,,wegens de uitzichtloze exploitatie’’ zijn relatie met de rederij en zijn vennoten op termijn wil beëindigen.

Die vennoten, dat zijn de honderden particulieren en bedrijven die via zogenaamde scheeps-cv’s hun geld hebben belegd in Holwerda-schepen. De onheilsboodschap van de bank heeft sommigen aardig gedeprimeerd. ,,Het is natuurlijk ook wel frustrerend voor onze vennoten’’, begrijpt Holwerda. Zelf is hij allerminst somber. Op dit moment zijn de vrachttarieven weer omhoog aan het schieten. ,,Die liggen inmiddels 25 procent hoger dan een jaar terug’’, zegt Holwerda. ,,Daardoor is dit hele verhaal veel minder dreigend geworden. We moeten gewoon nog even volhouden.’’

In december verkocht de rederij de MS Fenja, vanwege de hoge hypotheek een probleemschip, voor 2,7 miljoen euro. Rabobank wil dat Holwerda Shipping nog eens zes schepen van zijn vloot verkoopt. De reder wil daar liever een jaar of vijf mee wachten. ,,In normale tijden zou de MS Fenja 6 miljoen euro moeten opbrengen’’, zegt Holwerda. ,,Als straks al die gedwongen Duitse verkopen achter de rug zijn gaat de prijs weer omhoog.’’

Hij benadrukt dat zijn rederij alle rekeningen heeft betaald. ,,Wij verdienen ons geld met schepen. Die overcapaciteit zagen wij in 2007 al, dus wij zijn geen nieuwe gaan bouwen. Wij verdienen voor onze vennoten, niet aan onze vennoten.’’

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct