Weidegang koeien groeit voor het zesde jaar op rij

Weidegang levert een boer gemiddeld 13.500 euro op aan extra melkgeld. FOTO LC

Het percentage melkveehouders dat zijn koeien weidt is ook dit jaar weer gestegen.

Het nam toe van 83 naar 83,7 procent. Daarmee zit de sector ruim boven het niveau van 81,2 procent dat in 2012 als ondergrens werd vastgesteld in het Convenant Weidegang dat door tientallen partijen in de zuivelketen is ondertekend.

In 2014 bevond weidegang zich op een dieptepunt met 77,8 procent. Van weidegang is sprake als de koeien tenminste 120 dagen per jaar minimaal 6 uren per dag kunnen weiden. Zuivelbedrijven belonen weidegang met een premie, omdat de maatschappij veel belang hecht aan grazende koeien in het Nederlandse cultuurlandschap.

In de genoemde percentages is ook deelweidegang opgenomen. Daar is sprake als minimaal een kwart van de veestapel weidegang krijgt. Dit jaar was dat 6,2 procentpunt, in 2015 was sprake van een piek met 8,4 procentpunt.

Kampioen weidegang is Cono. Bij deze Noord-Hollandse zuivelcoöperatie, bekend van de Beemster Kaas, deed ruim 96 procent van de melkveebedrijven mee aan weidegang en bovendien ruim boven de normen. De koeien graasden gemiddeld 185 dagen van gemiddeld 10 uur in de wei. ,,Door dit vele weiden leveren onze boeren ook een extra bijdrage aan de vermindering van de stikstofuitstoot”, aldus een woordvoerster.

Bij FrieslandCampina deed 83,6 procent van de boeren dit jaar aan weidegang, net iets onder het landelijk gemiddelde. Het zuivelconcern meldt trots dat dit jaar 125 melkveebedrijven weidegang weer hebben opgepakt. Het particuliere zuivelconcern A-ware wil geen percentage geven. ,,De partijen hebben afgesproken geen individuele cijfers te verstrekken. We ondersteunen de sectordoelstelling”, aldus woordvoerster Tamara Chaloulakos.