Een pas gedekte kudde schapen. Schapen worden in Nederland gehouden voor vlees, melk en wol.

Hoe je met schapenwol niet alleen warme truien maar ook drainage-buizen kan maken

Een pas gedekte kudde schapen. Schapen worden in Nederland gehouden voor vlees, melk en wol. FOTO LC/JAN DE VRIES

Ooit had Nederland een bloeiende schapenwolindustrie, met grote wasserijen en spinnerijen. Daar is niks van over. Toch poppen er in Nederland soms nog nieuwe toepassingen op. Het Leeuwarder bedrijf GrainPlastics bedacht iets.

Nederlandse schapenwol heeft in feite de afvalstatus. Schapenhouders krijgen een paar centen de kilo, dikwijls te weinig om de scheerkosten te dekken. China heeft de industrie in de loop der jaren naar zich toegetrokken en bepaalt de prijs. Bijna alle Nederlandse schapenwol gaat er in balen van 450 kilo per containerschip naar toe. Binnenlands resteren piepkleine nichemarkten. Thuisspinners, kunstenaars en viltliefhebbers nemen hoogwaardige wol af. Bescheiden afzet is er ook in de dekbedden-, matrassen- en isolatie-industrie. Daar lijkt nu een kleine markt bij te komen: die voor drainagebuizen.

Drijvende kracht is GrainPlastics in Leeuwarden. Deze fabrikant van leidingsystemen voor onder meer glasvezelkabels, water, gas en waterstof is met drainagebuizen op de noordelijke markt de grootste speler. Traditioneel zijn deze buizen omwikkeld met kokosvezels en vezels uit de textielindustrie. In 2016 introduceert GrainPlastics een nieuwe variant: een mantel van vezels van afgedankte kunstgrasvelden. En nu dus: schapenwol. De eerste 16 kilometer buis met een huls van schapenwol liggen sinds kort onder de grond in IJsselmuiden.

Drainagebuizen? Dat zijn flexibele, geperforeerde binnenbuizen van hergebruikt polyethyleen die door een vezelige omhulling worden behoed voor dichtslibben. Ze gaan meestal zo’n 60 centimeter diep de grond in en doen daar decennialang hun ontwaterende werk. Het eeuwige leven hebben ze niet. Zodra de omhullingen al te zeer verslibben, is het tijd voor nieuwe leidingen.

loading

De meeste boeren laten de oude gewoon liggen, hoewel de Leeuwarder fabriek daar prima weer nieuwe van kan maken. ,,Al onze drainagebuizen zijn van gerecycled granulaat’’, zegt directeur Jos van Steijn. Toen hij een kleine twee jaar geleden de leiding kreeg over de fabrieken in Leeuwarden (circa 50 werknemers) en Hoogeveen (40), vond hij dat de bedrijven veel meer zouden kunnen doen aan innovatie en duurzaamheid. ,,Je wilt dat de volgende generatie ook nog iets heeft aan onze aardbol’’, motiveert hij.

De kokos- en textielvezels zijn weliswaar afvalproducten, maar qua duurzaamheid niet per se de meest ideale keuze: kokosvezels hebben een imposante transportvoetafdruk en het textielafval is niet biologisch afbreekbaar.

Het idee om met schapenwol te werken kwam, vertelt Van Steijn, van verkoper Karel van Dijk, drainagespecialist én schapenhouder voor de hobby. De lange levensduur, de waterdoorlatendheid en de lage prijs spraken in het voordeel van het materiaal. Maar zou schapenwol op alle grondsoorten even goed gedijen? En welke kwaliteit vezel was er nodig? Welke bewerkingen moest het materiaal ondergaan? ,,We zijn gewoon gaan proberen.’’ Niet tot louter plezier van de werknemers trouwens. ,,Ze moeten wennen aan de schapenlucht.’’

loading

Eerst experimenteerde Van Dijk met ruwe wol van Friese schapen. ,,Maar dat wilde niet. De machines struikelden erover en liepen vast.’’ Het winnende materiaal kwam uiteindelijk van een handelaar in restproducten van de bewerkingsindustrie in de Benelux. Proeven in verschillende grondsoorten toonden aan dat ,,de zeefwerking overal prima is en vooralsnog het beste in zandgrond’’. De optimale dikte van de omhulling bleek nog een hersenkraker: ,,Hoe dikker, hoe zwaarder. Een rol moet onder de 50 kilo zijn, dan is hij hanteerbaar.’’

Door rond te vragen onder klanten werd de eerste afnemer gevonden, draineur Doornwaard Drainage & Grondverzet in Grafhorst, die er een weiland in IJsselmuiden mee uitrustte. Hoe lang die eerste partij meegaat? Van Steijn verwacht er veel van, maar de praktijk zal het leren. In de agrarische, maar ook in de natuur- en projectenmarkt. Met het oog op het laatste is het voor de directeur nu zaak om voorschrijvers voor het nieuw product te winnen, de functionarissen die aanbestedingseisen opstellen. Een KOMO-keur moet extra vertrouwen geven.

loading

De prijs? Die is vergelijkbaar met die van de klassieke materialen. Als de andere kant vraagt: ‘wat schiet ik er dan mee op?’, brengt Van Steijn de aardbol en de volgende generatie weer in stelling. ,,We zullen er alles aan doen om deze omhulling belangrijk te maken. Minstens net zo belangrijk als kokosvezels, kunstgrasvezels en vezels uit de textielindustrie.’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct