Coronacrisis treft Zuidwesthoek het hardst binnen Friesland

Landustrie in Sneek produceert onder meer waterkrachtvijzels. Zuidwest-Friesland kent een relatief grote industriesector.

De economie in Zuidwest-Friesland wordt bovengemiddeld hard getroffen door de coronacrisis, zo verwacht de Rabobank. Voor de totale Nederlandse economie voorspellen de onderzoekers van de bank een krimp van 5,2 procent.

In perifere provincies zoals Groningen, Limburg en Zeeland ligt dat percentage hoger terwijl de afname van de economische bedrijvigheid in het centrum van Nederland – de regio’s Utrecht en Den Bosch – wel ‘meevalt’: min 4,4 procent. Friesland, hoewel ook perifeer, doet het relatief gezien goed met een gemiddelde krimp van ruim 5,3 procent. 

In Friesland ondervindt Zuidwest-Friesland de meeste economische hinder van de coronacrisis. De Rabo-onderzoekers voorspellen voor dit deel van Friesland een krimp van 5,5 procent.

Verbazing om cijfers

De verklaring is dat de Zuidwesthoek een regio is met veel industrie – die heeft een aandeel van 21 procent, landelijk is dat 12 procent – aangevuld met een grote transportsector. Dit zijn sectoren die relatief gezien fors krimpen.

Algemeen-directeur Wessel Veenstra van transportbedrijf Veenstra Fritom in Heeg reageert enigszins verbaasd op de cijfers. ,,De transportsector is uiteraard geraakt door de crisis, maar er zijn sectoren die het veel zwaarder hebben. En binnen de transportsector zijn het vooral de sierteelt- en horecavervoerders geweest die veel omzet hebben zien verdwijnen. En dat dat type transport heb je hier weinig in Zuidwesthoek.”

Veenstra Fritom heeft de crisis tot nu redelijk goed doorstaan. Het bedrijf heeft met een andere werkverdeling alle werkgelegenheid kunnen behouden. Dat geldt zowel voor de vaste medewerkers (140 fte) als de circa veertig ingehuurde zelfstandige chauffeurs.

Regionale verschillen worden groter

Dat de coronacrisis vooral de perifere provincies treft, noemt de Rabobank zorgelijk: ,,Dit betekent dat de regionaal economische verschillen nog groter worden dan ze nu al zijn. De perifere regio’s verloren in de afgelopen decennia al aandeel in de nationale economie. De coronacrisis vergroot de opgave waar deze delen van Nederland al voor stonden.”

,,De provincie wil zeker een rol spelen in die opgave”, verklaart gedeputeerde Sander de Rouwe (CDA). ,,Ons pakket coronamaatregelen voor het mkb is Fryslân-breed. Maar mochten de regionale verschillen te groot worden, dan sluit ik gerichte maatregelen niet uit. Dit alles in overleg met het bedrijfsleven en de gemeenten.”

Provinciale maatregelen zijn wel degelijk effectief, beweert De Rouwe. Als voorbeeld noemt hij de noodoproep die het mbo-onderwijs deed uitgaan over het tekort aan stageplaatsen. De oproep viel in goede aarde. De Rouwe: ,,We hadden binnen acht weken een subsidieregeling opgetuigd en die sloeg direct aan.”