Afgelopen nacht sliep ik in een hotel in Leeuwarden. Ik ontbeet dus met een grote groep mensen. Het ontbijtbuffet bestond uit minstens tien soorten brood, drie bereidingen van ei, drie soorten yoghurt, meer dan vijftien soorten beleg en acht soorten koffie, alle uit een automaat. De hotelgasten laadden hun bordjes vol. Ik kreeg het niet op.

Eergisteren zat ik op een terras. Ik had zin in een biertje. Ik: „Een biertje graag”. Het meisje van de bediening: „Wat voor biertje wil je?” Ik: „Wat voor biertje heb je?” Zij: „Van de tap of uit de fles?” Ik: „Dat maakt me niet uit, doe maar iets lekkers.” Zij: „Oh, maar dat kan ik niet voor u beslissen, hoor. We hebben er zo ongelofelijk veel. Ik pak de bierkaart wel even.” Uiteindelijk koos ik voor een gewoon biertje.

Wat hebben we er nu aan dat er twintig soorten suikerwater op de gemiddelde menukaart van een café staan? En dat we in de supermarkt uit talloze soort pre-mixed poeders die hoofdzakelijk bestaan uit te veel vet, suiker en zout kunnen kiezen? Worden we daar beter van? Hm, ik denk het niet. Het maakt ons eerder ongelukkiger, dikker en dommer.

Het maakt ons dommer

Het maakt ons dommer, want dankzij deze voedselomgeving kunnen we niet meer koken en voor onszelf denken. We zijn de echte smaken vergeten en proeven niet meer. Je kan prima vier of vijf dagen per week aardappels of groenten uit het seizoen eten zonder dat het verveelt. Maar dan moet je wel kunnen koken. En dat hebben we onszelf afgeleerd.

Het maakt ons dikker, want door een teveel aan keuzes kies je alles maar. En dus luister je niet meer naar je lichaam en prop je alles naar binnen. Met als gevolg dat we in Nederland gemiddeld steeds vaker overgewicht hebben.

Keuzes maken ongelukkig en kunnen je zelfs depressief maken. Het maakt niet uit wat je kiest, maar dat je kiest. En dat wordt ons bar moeilijk gemaakt. Per dag maken we 35.000 keuzes. En nu moeten we ook nog eens kiezen tussen cola met suiker, zonder suiker of zonder suiker maar dan in een verpakking die specifiek op mannen ‘gebrand’ is. Dat laatste heet marketing en heeft al helemaal niets met goede laat staan met gezonde voeding te maken.

Want dat is ook een groep mensen die het voor ons verziekt: de marketeers. Omdat bedrijven continu de markt vervuilen met nieuw bedachte oplossingen voor problemen die niet bestaan beelden we ons in dat het belangrijk is om de keuze te hebben en elke dag iets anders avontuurlijks te eten.

Ik wil gewoon dat iemand me vertelt wat lekker is

In een ideale wereld zit ik op een terras waar ik kies uit koffie, thee, een lekkere appelsap of een gewoon biertje. Niet vier verschillende tosti’s. En ik wil gewoon dat iemand me vertelt wat lekker is.

De beste supermarkt is niet een supermarkt waar je te veel keuze hebt. De beste supermarkt is een supermarkt waar ze spullen verkopen die gezond en lekker zijn. En dat je ervan uit kunt gaan dat wat je er koopt gewoon goed is, en uit de buurt.

Of dat niet een beetje elitair is? En of je dan niet onder de streep duurder uit bent? Dat lijkt me niet. De keuze hebben uit onnodige dingen die ons ziek en gestrest maken, dat is pas elitair. En de logistiek wordt van minder producten alleen maar goedkoper, dus kan de boer misschien ook ietsje meer gaan verdienen. Win-win. Als je minder te kiezen hebt, dan weet je ook niet wat vies is.

Wilbert van de Kamp (32) is oprichter van Omapost, werkt aan duurzaam en lokaal eten in Noord-Nederland en doet elke donderdag vrijwilligerswerk op een boerderij.

Je kunt deze onderwerpen volgen
Economie
Duurzaam eten en drinken
Duurzaamheid
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct