Landbouwminister Carola Schouten.

Van 2200 geblokkeerde melkveebedrijven krijgen er uiteindelijk 100 een boete

Landbouwminister Carola Schouten. FOTO ANP

Het Openbaar Ministerie heeft circa honderd melkveehouders boetes opgelegd tussen de 700 en bijna 24.000 euro vanwege de zogenaamde vaarzen- en meerlingenfraude eind 2017.

Het OM overweegt daarnaast circa twintig melkveehouders te dagvaarden. Dit omdat de veehouder niet akkoord is gegaan met de boete of omdat er nog andere dossiers spelen.

Al deze bedrijven – merendeels gaat het om grote melkveebedrijven – hielden in totaal drieduizend runderen te veel. Een deel van hen werd niet alleen verdacht van opvallend veel vaarzen en meerlingen, maar ook van het houden van zogenaamde spookrunderen. Het ging om koeien met ,,vrije oormerken uit de vrije voorraad.’’

Bij ongeveer de helft van de bedrijven is volgens het OM waarschijnlijk bewust onjuist gehandeld. Deze bedrijven hebben de hoogste boetes opgelegd gekregen. Bij de andere bedrijven was waarschijnlijk sprake van slordigheden. Ze zijn wel beboet omdat sprake is van een onterecht voordeel als de onjuiste invulling van het I&R-systeem (identificatie en registratie) onopgemerkt was gebleven. Eerder waren de bedrijven al gekort op hun Europese landbouwsubsidies en de vergoeding voor agrarisch natuurbeheer.

Kleine administratieve slordigheden

Het ministerie van landbouw en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit verdachten in januari 2018 maar liefst 7700 melkveebedrijven – bijna de helft van de totale sector – van strafbare feiten met vaarzen en meerlingen. Dat was een paar weken later aanleiding om 2100 bedrijven te blokkeren. Het leidde tot een schok in politiek Den Haag, maar al snel was duidelijk dat het merendeel van deze blokkades onterecht was en dat er sprake was van kleine administratieve slordigheden. Het leverde landbouwminister Carola Schouten een fikse deuk op in haar imago. De sector voelde zich te kijk gezet als een stelletje fraudeurs. Nadien heeft Schouten hiervoor haar excuses gemaakt.

De vaarzenfraude speelde eind 2017 toen de melkveehouderij in Nederland een fosfaatreductieplan was opgelegd. Een plan dat door het ministerie en de sector was opgetuigd om weer uit te komen onder het fosfaatplafond. Dat plafond was overschreden kort na de afschaffing van de melkquotering in april 2015.

Vaarzentruc

Vrijwel alle melkveehouders waren verplicht om vee af te stoten. Een enkele boer, zo blijkt nu, probeerde de krimp te beperken of te ontlopen via de vaarzentruc. Die werkt als volgt: een vaars is een jong volwassen koe die nog niet heeft afgekalfd en dus nog geen melk produceert. Zo’n koe staat voor minder fosfaat in de boeken dan een volwassen koe die melk levert. Voor een boer was het lucratief om een vaars zo lang mogelijk vaars te laten blijven, ook als ze had gekalfd. Dat kalf werd toegeschreven aan een andere koe die daardoor op papier een meerling op de wereld had gebracht.

Een ander onderdeel van de vaarzentruc was koeien kopen in Duitsland en deze in Nederland registreren als vaars. Het bleek echter dat ook het Nederlandse I&R-systeem niet naar behoren werkte. In veel gevallen bleek het systeem de kalfdata die boeren hadden ingevuld niet over te nemen. Daardoor kregen de dieren automatisch de status van vaars. De maatschap Zeinstra in Noardburgum verhaalde destijds in de krant over de sores met deze buitenlandse invoer. Hun bedrijf werd ook geblokkeerd maar een paar dagen later weer vrijgegeven.

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct