Cabaretier Patrick Nederkoorn.

Wat als het water komt?

Cabaretier Patrick Nederkoorn. FOTO JEAN-PIERRE JANS

We wanen ons veilig achter onze dijken, maar, zo stelt theatermaker Patrick Nederkoorn, wat als de zee oprukt en Nederland onbewoonbaar wordt? ,,Het perspectief dat wíj de vluchtelingen zijn, geeft zoveel denkstof.’’

Wat als de vloed ons treft? Als de dijken doorbreken. Als alle 17 miljoen Nederlanders moeten vluchten en in hun achteruitkijkspiegels hun land kolkend ten onder zien gaan?

Wat zou Patrick Nederkoorn dan het meeste missen?

De cabaretier kijkt peinzend naar buiten, voorbij zijn balkon, voorbij de driehoogflats van de Amsterdamse Rivierenbuurt. ,,Onze steden. Wat zou ik daar graag een aantal van willen meenemen. Op een karretje, zo mee naar Duitsland.’’

Een stad. Op een karretje. Hij grinnikt zelf bij het idee.

Het gedachtenexperiment dat Nederkoorn (1983) een paar jaar geleden begon, blijft een bron van nieuwe inzichten, hersenspinsels, vaak komisch en luchtig, maar altijd voorzien van een bodempje ernst.

Het begon met een artikel in een Duitse krant, die repte van ,, die Enthollandisierung der Erde ’’, de ‘onthollandisering’ van de wereld. Het stuk zette uiteen over sombere klimaatprognoses en de gevolgen daarvan voor Nederland. Het onderlopen van ons land zou – al werd maar de helft van de prognoses werkelijkheid - slechts een kwestie van tijd zijn, las Nederkoorn.

Het duizelde hem.

,,Ik vond dat zó’n sterk beeld. Wij zijn zo aan het idee gewend dat vluchtelingen naar óns komen. Het perspectief dat Nederland ook het land van vertrek zou kunnen zijn, dat wíj de vluchtelingen zijn, geeft zóveel denkstof.’’

Bijvoorbeeld: waar moeten die 17 miljoen Nederlandse klimaatvluchtelingen dan naartoe? Hoe? Openen andere landen hun armen wel voor ons?

Nederkoorn bouwde een voorstelling op dat thema, Die orangene Gefahr , waarmee hij sinds juni vorig jaar in Duitsland rondtoerde, tot corona de boel onderbrak. Nu werkt hij aan een Nederlandstalige bewerking, Hoogtij , de try-outs moeten volgend voorjaar beginnen.

'Als in Nederland de dijken al breken, hoe groot schat jij dan de kans dat het in België wél goed zou gaan?’

Het ‘oranje gevaar’ betreft de eindeloze sliert Hollanders die in Nederkoorns scenario in Duitsland klimaatasiel zoekt.

Want dat land lijkt de theatermaker zelf het meest geschikt om naartoe te vluchten. ,,Een degelijk land. Zeker als je het vergelijkt met België. Als in Nederland de dijken al breken, hoe groot schat jij dan de kans dat het in België wél goed zou gaan?’’

Nee, dan liever Duitsland.

Maar: zouden onze oosterburen zomaar een Nederlander in huis nemen?

Als een soort verkenner, een vooruitgeschoven klimaatvluchteling, legt Nederkoorn die malle vraag tijdens zijn voorstellingen over de grens alvast een beetje in de week. ,,Duitsers zijn supervriendelijk, zeggen altijd ‘ja’. Maar dan begin ik over de Nederlandse volksaard. Dat we luidruchtig zijn, dwingend soms’’ – een disclaimer met een knipoog.

Die orangene Gefahr gaat namelijk ook over identiteit, over wederzijdse vooroordelen en onderlinge cultuurverschillen. Niet voor niets schetst de cabaretier de oostwaartse exodus van de Nederlanders als een eindeloze optocht van caravans over de Autobahn . ,,Op de linker weghelft’’, precies zo’n trekje waar menig Duitser oranjejeuk van krijgt.

Het artikel over de Enthollandisierung bleek een voedingsbodem voor soms absurdistische bespiegelingen, die op hun beurt grappensalvo’s voortbrachten. Maar het stuk over de donkere klimaatprognoses stemde Nederkoorn ook tot zelfreflectie.

,,Ik was een volkomen naïeveling. Hoe meer ik mij in zeespiegelstijging en andere klimaatproblemen ging verdiepen, des te sterker realiseerde ik me hoe gebrekkig mijn kennis hierover was.’’

Hij begon zich te ergeren aan de houding van ‘wij-zitten-hier-toch-wel-veilig’. Bij zichzelf (,,Ik begin het ook nog maar pas te ontdekken’’) maar ook bij anderen. De gedachte dat de watersnoodrampen voorbij zijn, geschiedenis. Dat we de zee nu wel bedwongen hebben en blijvend achterover kunnen leunen. ,,Ik heb het idee dat we onze wateridentiteit een beetje zijn kwijtgeraakt.’’

'Bij het coronavirus zag je ook hoe ontstellend traag wij reageren op een ramp'

De blik op klimatologische vraagstukken is soms vertroebeld geraakt door nonchalance, constateert de in Amersfoort geboren theatermaker, die beslist niet de onheilsprediker wil uithangen.

,,Het is niet zo dat ik nu ineens heel paniekerig ben, maar ik vind het lastig als mensen zulke dingen negeren, wegduwen. Daar hebben we een handje van in Nederland. Bij het coronavirus zag je ook hoe ontstellend traag wij reageren op een ramp. In Italië lagen de ic’s vol en wij bleven volhouden dat het ons vast niet zou overkomen. Ik vind het belangrijk om mensen na te laten denken over kwetsbaarheid.’’

Dat klinkt zwaar, maar Nederkoorn waakt voor een beladen benadering. ,,Juist omdat ik zo’n extreem uitgangspunt kies, wordt het niet belerend. Geëngageerd, ja, maar de tijd van de preek in een cabaretvoorstelling is echt geweest.’’

Die orangene Gefahr is ,,een open zoektocht op het podium’’, stelt de cabaretier. ,,Ik vind het leuk om samen met de zaal uit te vinden: waar staan we? Wie heeft angst? Wie niet? En waarom?’’

In het theater, het medium van de verbeelding, zoals hij het zelf noemt, pulkt Nederkoorn zo grappend, ongemerkt bijna, aan de ingebakken mentaliteit van zorgeloosheid. ,,Ik zeg niet dat ik het beter weet. Dat ik de oplossing heb. Maar het is wel goed om er over na te denken dat dingen anders kunnen zijn dan we altijd hebben gedacht. Dat rampen ook ons kunnen overkomen.’’

Ineens grijnst Nederkoorn.

,,Wist je dat ons lichaam dat al lang in de gaten had? Waarom denk je anders dat Nederlanders allemaal zo lang zijn?’’

Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct