De eeuwige zenuwenlijder, het enorme kijkcijferkanon, de jongen van hiernaast en de man die maar blijft haken naar het succes van weleer, Henny Huisman (69) is het allemaal. Vrijdag verscheen Henny , zijn biografie. Vol met hilarische anekdotes maar ook confronterend. Want waarom heeft André van Duin zichzelf wel opnieuw uitgevonden en Henny Huisman niet?

Het is in zijn tijd bij de EO, toch al niet zijn meest briljante periode, dat er een persdag wordt georganiseerd naar aanleiding van een nieuw programma. Dat vindt de showman die hij is, al maar zozo. Waarom geen aparte interviews? Enfin, bij het toiletbezoek voorafgaand heeft de EO heel attent vochtige doekjes op het toilet neergelegd.

Helaas voor Henny Huisman (18 juni 1951, Zaandam) blijken het agressieve chloordoekjes om het toilet zélf te reinigen. De betreffende lichaamsdelen afspoelen onder het fonteintje, op zich al een hachelijk avontuur, maakt het leed alleen maar heftiger. Zodat hij de complete dag met een ‘pijnlijke poeperd’ de pers te woord moet staan. „Zat ik daar tegenover zo’n uitgestreken type van de Christelijke Courant. Die man had eens moeten weten!”

We moeten lachen om het opgeroepen beeld en Henny kijkt tevreden. Mensen aan het lachen maken, dat is altijd zijn grote drive geweest. Als peuter van anderhalf ging hij al raar slap in het kinderwagentje hangen om passanten een glimlach te ontlokken en als de niet-sportieve sukkel van de klas ontdekte hij later het geheim van de paljas uithangen. Nooit heeft die hang naar applaus hem meer verlaten. Zelfs nu hij deze maand 70 wordt, zou hij het liefst morgen nog met een kijkcijferknaller op televisie terugkeren.

Waarom een biografie?

„Veel mensen denken: oh, die Huisman wil een boek. Hij moet weer zo nodig. Dat zijn de vaste vooroordelen over mij. Moeten ze een quootje hebben over fillers, dan word ik gebeld. Terwijl ik helemaal geen fillers heb. Maar goed, ik ben ervoor gevraagd. Inside is natuurlijk een populaire uitgeverij en schrijver Kevin Kraan heeft me anderhalf jaar gevolgd. Ik ben een gemakkelijke verteller en stik na al die jaren natuurlijk van de anekdotes.”

Wat staat er niet in?

„Ik b en weleens bedreigd en ik heb hier ook weleens de verkeerde mensen op stal gehad, om het zomaar te zeggen. Dat trek je aan als je bekend bent. Daar wilde ik niet te veel over kwijt en ook geen namen en rugnummers. Ik wil geen ellende en mijn vrouw Lia al helemaal niet.”

Als je in het boek alles achter elkaar ziet staan: vanwege labiliteit afgekeurd voor militaire dienst, later soms zo de weg kwijt dat coach Frits Löhnen je op het rechte pad moest houden, uiteindelijk aan de antidepressiva. Dan denk je: dat het ooit nog wat is geworden met die Henny!

„Juist d aardoor! Frits zei altijd: je hebt raspaarden en boerenkarhengsten. Een boerenkarhengst kan gewoon buiten in de regen en de hagel staan, een raspaard raakt al van slag als er een strobaal omvalt. Maar met raspaarden kun je wel grote successen behalen. Ik ben een raspaard, een hittepetit. Ik ben altijd al een zenuwenlijder en een tobber geweest, op school al. Als een zaal met duizend man voor me klapte en drie keken er scheef, ging ik piekeren over die drie man. Had ik een kandidaat voor de show, vroeg ik: ‘Bent u nerveus?’ Zegt zo’n man: ‘Nee hoor, ik doe het al voor de tweede keer’. Voor de tweede keer! Ik deed het voor de tweeduizendste keer en stond nog te kotsen in de kleedkamer. Maar dat heb je natuurlijk juist nodig, anders ben je niet alert.”

Uw successen waren in de jaren negentig onvoorstelbaar groot. Gigantische kijkcijferhits met de Soundmixshow en de Surpriseshow , u hebt met de eerste inbelactie van Nederland zelfs het complete telefoonnet platgelegd, twee keer achter elkaar de Televizierring en…

„En de eindconclusie is dat het allemaal niks zegt. Ik ben mijn hele leven met gebakken lucht bezig geweest. Natuurlijk, ik heb een onvoorstelbaar geweldig leven gehad, begrijp me niet verkeerd. Maar als ik straks aan de hemelpoort sta en ik moet uitleggen wat ik heb gedaan, ga ik dan zeggen dat ik het Nederlandse telefoonnet heb platgelegd? Kom je daar lekker mee binnen? Het is allemaal zo relatief. Laatst zei iemand tegen me: ‘Dat vond ik zo leuk in het programma, dat je dat-en-dat toen deed’. Maar dat was Peter Jan Rens.”

Uw dochters komen ook aan het woord in het boek. Ze zeggen dat er altijd maar één manier bestond om u razendsnel van het toilet te krijgen: roepen dat Joop van den Ende aan de telefoon was.

„Joop! J oop is de man aan wie ik alles heb te danken, mijn hele leven zoals ik het heb geleid. Hij heeft me ontdekt en een kans gegeven. Joop was en is ontzettend belangrijk voor mij. Als hij me vroeg of Lia nog wel gezond kookte want ik leek wat te zwaar, voelde ik me ondanks al die televisiesuccessen opeens alleen nog maar een dikke man. Respect voor Joop, altijd en alleen maar. Hij zag presentatoren ook als mensen, als personality’s die een programma moeten en kunnen dragen. Voor John de Mol zijn presentatoren juist inwisselbare poppetjes die nog lastig zijn bovendien.”

Joop van den Ende zegt ook wel iets heel confronterends. Dat André van Duin zichzelf opnieuw heeft uitgevonden en u niet.

„Dat deed zeer toen ik het las. Aan de andere kant dacht ik: hij vergelijkt me met André! Dat vind ik op zich al een gigantisch compliment.”

Maar hoe zit dat met jezelf opnieuw uitvinden?

„Dat heb ik juist wel geprobeerd. Toen ik bij RTL4 keihard was afgeserveerd (RTL4-baas Leo van der Goot zei tijdens een lunch dat Henny maar op zijn kleinkinderen moest gaan passen, red.) omdat ik geen afzeiktelevisie wilde maken, heb ik de overstap naar de EO gemaakt. En dus naar een heel ander soort programma’s. Had ik achteraf gezien nooit moeten doen. Op straat gilden mensen boos naar me dat ik ‘hun Henny niet meer was’.”

Volgens uw vrouw Lia had u op een gegeven moment gewoon moeten stoppen.

„Ik b en nu eenmaal heel erg ambitieus, nog steeds. Ik ben een spits, en een spits wil scoren. Henny wil te graag, hoor ik dan. Maar wat is er mis met heel graag willen? Mijn schoonzoon zou hier in het restaurant een moord doen voor een kok die te graag wil. In alle beroepen is dat een groot voordeel en bij televisie niet? Toen mijn broer Wietse stierf, heb ik met zijn psychiater gepraat. Wietse was verslaafd. Ik vroeg aan die psychiater: ‘Waarom kon hij toch niet van die rommel afblijven?’ Hij zei: ‘Denk aan een orgasme en dan tien keer sterker. Daar blijf je naar terugverlangen’. Ik heb dat met succes. Applaus en succes en waardering zijn zo verslavend, dat wil je weer ervaren, en weer. Ik ben gewoon heel slecht in afkicken.”

Deze maand word u 70. Geeft dat dan misschien een bepaalde rust?

„Ik heb het afgelopen jaar voor het eerst een televisieformat bedacht waarbij ik niet mijn eigen naam invulde als presentator. Dus misschien gaat het ervan komen. Verder vind ik het alleen maar eng dat het leven niet meer oneindig lijkt. Zie ik mijn kleindochter van 6 en denk ik: maak ik nog wel mee dat jij je rijbewijs haalt?”

Zonder Lia was het misschien wel helemaal verkeerd met je afgelopen.

„Als ik zo’n entertainment-persoon had getroffen zoals ikzelf: ja. Maar Lia is nuchter en heeft mij daardoor ook met beide benen op de grond gehouden. Toen ik helemaal zwevend thuiskwam omdat ik in restaurant De Hoop op d’Swarte Walvis in Zaandam met Michael Gorbatsjov had geluncht, stond ze bij de voordeur en zei: ‘Wat kan mij die man met die vlek schelen, de hond heeft een stuk glas in zijn poot’.”

Wat vind u ervan dat Marco en Leontien weer samen zijn?

„Net een film met een happy end. Iedereen weer gelukkig!”

Dat klinkt nogal sarcastisch. Uit het boek blijkt dat je niet al te dol op Marco bent. Kort samengevat: u vindt hem een arrogante lul en een notoire schuinsmarcheerder.

„Dat met al die vrouwen moet hij natuurlijk zelf weten. Ze hebben me laatst in de mond gelegd dat hij iets met Maan zou hebben gehad, dat was stom van me. Ik ben absoluut geen verrader, integendeel. Maar over het paard getild, dat is hij zeker. Bij het programma ter gelegenheid van mijn 50ste verjaardag was iedereen er, meneer Wijdbeens, Joop van den Ende. Maar de manager van Marco, je krijgt hem natuurlijk niet zelf te spreken, liet weten dat hij niet eens een verjaarswens van één zin wilde inspreken. Want dat paste niet in de policy. Policy? Welke policy? Dan ben je vergeten hoe je ooit bent begonnen; bij mij in de Soundmixshow . We zitten hier in Nederland gewoon met z’n allen in de boerenklompenbusiness en voor je het weet sta je in je blote kont op straat.”

In het boek gaat het opmerkelijk weinig over geld.

„Omdat dat nooit mijn drijfveer is geweest. Het ging mij altijd om het applaus. Ik ben nooit een zakenman geweest. Als iemand me lief aankeek kwam ik voor niks. Ik hoef ook geen dure klokkies, die dingen waar ze tegenwoordig je hersens voor inslaan. Ik heb er gewoon één van 100 euro. Natuurlijk heb ik in de jaren 90 geweldig verdiend. Daarvan kocht ik een enorm pand op Bonaire. Maar toen het minder werd heb ik het net zo eenvoudig weer verkocht en een kleiner huisje neergezet.’’

,,Ik woon hier in Bakkum lekker op het terrein van mijn familie, het restaurant hier is van mijn dochter, mijn andere dochter woont vlakbij. Om de hoek woont boer Borst. Ze heten bijna allemaal Borst in deze omgeving. Toen ik hier net woonde, zwaaide hij soms wel naar me en soms niet. Ik werd daar onzeker van. Maar toen ik het hem vroeg zei hij: ‘Ik zwaai alleen als het mij uitkomt’. Daar gaat het eigenlijk om in het leven. Zwaaien wanneer het jou uitkomt.”

loading


Titel Henny

Auteur Kevin Kraan

Uitgever Inside

Prijs 22,99 euro (400 blz.)

Je kunt deze onderwerpen volgen
Media
Interview
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct