Nee, niet doen. Sla geen denigrerende toon aan over het songfestival, met Cornald Maas in de buurt. Want als vaste commentator neemt hij het liedjesfestijn bloedserieus. Hij lacht. ,,Nou ja, als ik iets doe, dan zo goed mogelijk. Dat is het streberige in mij.’’

Aan de thee bij Cornald Maas thuis, in hartje Amsterdam. In de kamer een enorme boekenkast. Veel over theater, veel biografieën over artiesten en natuurlijk over het songfestival. Noem een jaartal en hij noemt de winnende artiest en de titel van het lied waarmee die zege werd behaald. En zijn mening daarover natuurlijk, want Cornald Maas vindt graag ergens iets van. „Ik ga gewoon graag de discussie aan”, vertelt hij over de ijkpunten in zijn leven

1962 Transportbedrijf

Geboren in Bergen op Zoom. Begin over 1962 en hij noemt meteen de naam van de zangeres die dat jaar het songfestival won. „Een van mijn favoriete songfestivalnummers.” Twee jaar later krijgt hij een broer, zeven jaar later een zus.

Zijn vader runt dan met vier broers een transportbedrijf. „Hij is twee jaar geleden overleden. Hij was eerlijk, recht door zee en hield - net als ik - van tradities. Poeha was niks voor hem. Mijn moeder viert het leven juist met het grote gebaar. Zij verkent graag een nieuwe wereld. Twee weken nadat ze van vakantie terugkwamen, had ze de brochures voor het volgende jaar al in huis.”

Cornalds broer Frans doet aan atletiek. Hij wordt elf keer Nederlands kampioen hink-stap-sprong en schopt het in 1988 tot Europees kampioen verspringen. Cornald doet niks aan sport. „Ik kan er niet goed tegen als ik ergens niet goed in ben.” Liever duikt hij weg in de krant die hij als scholier voor zijn moeder maakt en in de boeken die hij verslindt. De broers zijn totaal verschillend, zo lijkt het. „Toch hebben we hetzelfde gevoel voor humor. En bij het afhandelen van mijn vaders nalatenschap stonden we dichter bij elkaar dan ooit. Ook bij het verdriet dat we eind april hadden om de plotselinge dood van de man van onze zus, trokken we gelijk op.”

1974 Carnaval

Naar het gymnasium in Bergen op Zoom. Hij is goed in Nederlands, Duits en aardrijkskunde. Als in mei het Eurovisie Songfestival op tv is, staat het huis op zijn kop. „Weken van tevoren was ik er al heel opgewonden mee bezig. Ik nodigde de halve familie en allerlei vrienden bij ons thuis uit, ik maakte lijsten waarop iedereen zijn eigen punten kon geven. Die uitslagen vergeleek ik dan met de uitslag op tv. En altijd waren er weer discussies. Vooral tussen mijn vader en mij, als hij een dame met een aantrekkelijk uiterlijk extra punten gaf. ’Het gaat om het liedje en de zang’, zei ik dan bestraffend. Dat dacht ik toen echt.”

Bij de jaarlijkse carnavalsoptocht maakt hij als scholier zijn eigen verslagen in zijn eigen krantje. Iedere praalwagen krijgt een recensie. In zijn examenjaar vraagt de organisatie hem als jurylid. Dat doet hij nog ieder jaar. „Een goede aanleiding om jaarlijks door de stad van mijn jeugd te dwalen.”

1980 Studentenbal

Nederlands studeren in Leiden. Daar gaat hij op kamers en wordt hij lid van studentenvereniging Minerva. En oeps: in die tijd gebeurt het dat hij op dé songfestivalzaterdag niet voor de buis zit. „In 1982 vroeg een meisje me mee naar een studentenbal. Ik vond dat ik moest gaan. Daarom heb ik Nicole niet zien winnen met ’Ein bisschen Frieden’. Met dat meisje van dat bal is het trouwens niks geworden. Maar dat had een andere reden.”

Hij viel dus op jongens. „In die tijd wilde ik daar niks van weten. Ik heb het onderdrukt, of probeerde het op een zijspoor te zetten. Ik had drie jaar een vriendin. Toen haar en mijn ouders gingen scheiden, waren we elkaar tot steun. We hebben nog altijd contact, ze was ook bij de uitvaart van mijn vader.”

Maar dubbel was het wel. Hij vertelt over een paasweekend met een andere vriendin. „Ze had een relatie met mij, maar er kwam ook een andere vriend van haar overnachten. Een jongen die ik heel knap vond. Ik weet nog dat ik m’n ogen niet van hem af kon houden en dat ik me daarvoor geneerde, tijdens het paasontbijt. Met het schaamrood op mijn kaken heb ik het daarna uitgemaakt met dat meisje.”

Bij Minerva zit hij in een commissie die lezingen organiseert. Hij strikt bekende namen als Ivo de Wijs en Frits Spits als sprekers. Ook Sonja Barend krijgt een vleiende uitnodiging van hem. „Ze stuurde me een prachtige brief terug, maar ze kwam niet.”

Hij studeert cum laude af op argumentatietechniek en conversatie-analyse, waarbij hij theoretische kennis paart aan praktijkvoorbeelden uit tv-programma’s als Buitenhof en Sonja .

1987 Frits Spits

Hij verhuist naar Amsterdam en schrijft voor Elsevier over cultuur. Dankzij zijn eerdere Minervacontact wordt hij redacteur van een tv-programma van Frits Spits. „In Amsterdam ben ik een nieuw leven begonnen. Ik onderdrukte mijn homoseksualiteit ook niet meer. Wat ik in Leiden nog wegduwde, heb ik in Amsterdam in rap tempo ingehaald. Dat ik werkte in de wereld van media en cultuur, droeg daartoe bij. Mijn beste vrienden van nu heb ik in die tijd leren kennen.”

1989 Kunst

Dankzij een lange brief aan Sonja Barend (’zelf bij haar thuis bezorgd’), wordt hij redacteur bij haar talkshow. „Het was voor mij een overwinning als ik schrijvers en acteurs in het programma wist te krijgen.”

Voor de Volkskrant schrijft hij over kinder- en jeugdliteratuur en maakt hij interviews met cultuurmakers, waarbij hij de volle breedte belicht. Dus zowel Marco Borsato als de opera en zowel Ivo van Hove als Adèle Bloemendaal. Defensief: „Tineke Schouten had óók op dat lijstje gekund. Het hoeft je smaak niet te zijn, maar het is wél vakwerk.”

1995 Biertje

In een gaykroeg ontmoet hij Martijn. „Hij bood me een biertje aan. Ik was meteen verliefd, maar het kon nog niks worden: hij woonde met zijn vriend in New York. Toen hij later terugkwam en weer single was, ben ik hem ongeveer gaan stalken. Zó verliefd was ik. Nadat zijn moeder overleed, schreef ik hem een brief. Toen is het begonnen tussen ons.”

„We zijn totaal verschillend. Hij kijkt de kat uit de boom, ik praat veel. Te veel, vindt hij vaak. Hij is thuis in zaken en marketing, maar heeft ook een band met de culturele wereld. Er waren heel veel kanten in hem die me aantrokken. Ik voelde dat dat een wereld was die ik moest ontginnen.”

2003 Songfestival

Hij wordt commentator van de NOS-afdeling die de Nederlandse inzending van het Eurovisie Songfestival regelt. Het evenement is er belangrijk genoeg voor, meent hij. „Ik word altijd een beetje moe van columnisten die het songfestival met één pennenstreek wegstrepen.”

Kijk liever naar de pluspunten, redeneert hij. „Conchita Wurst wordt hier lacherig weggezet als ’de vrouw met de baard’, maar als je homoseksueel bent en in een land woont met een repressief bewind, voel je je door zo’n optreden misschien vertegenwoordigd en stem je erop. Tot schrik van Poetin en het Kremlin komt Rusland dit jaar met een zangeres die ambassadeur is van minderheden en vluchtelingen. Dan bereik je toch iets?” Maar dan gaat het toch niet over muziek? „Het gaat over veel méér dan muziek, alleen. Denk aan Duncan Laurence, die voor ons land won. Voor hem telde: muziek op de eerste plaats, maar hij had ook een verhaal: hij werd jarenlang gepest, tot hij zijn heil in de muziek vond. Daarmee kan hij een voorbeeld zijn voor andere jongeren in de verdrukking.”

Hij somt nog een hele rij argumenten op: „Het festival verbindt landen en volken. Het is een staalkaart van Europa met alle triomfen en sukkeligheden die erbij horen, want het zegt alles over verschillende smaken en ontwikkelingen. Los daarvan prikkelt het festival om heerlijk over smaak te twisten.” En dan nog iets: „Nu de wereld zucht onder corona, is het toch goed om een evenement te hebben om gezamenlijk naar uit te kijken?”

2004 Vrijheid

Als redacteur van de programma’s van Paul de Leeuw, staat hij voor vernieuwing op tv. Spotten met heilige huisjes, de draak steken met handicaps, onzin-interviews met beroemdheden: alles kan. „Als we nu op tv maar 10 procent van de vrijheid van die tijd terugkregen, zou dat een zegen zijn. Om elk risico uit te sluiten, zit nu zoveel dichtgetimmerd met strakke formats. Heel jammer.”

2008 Op tv

Uiteindelijk komt hij zélf op tv. Hij presenteert programma’s over cultuur. Eerst Opium , later Volle Zalen en programma’s rond het Oerolfestival op Terschelling. „In het begin heb ik het bestaansrecht van Opium moeten bevechten. Het format is ook wel tien keer veranderd. Maar nu we voor Theater Maas kunstenaars op weg naar hun voorstelling volgen, is er gelukkig geen discussie meer over.”

2021 Ahoybubbel

Tijdens het songfestival logeert hij in Rotterdam, waar hij vanwege corona in een eigen Ahoybubbel blijft. Hij woont repetities bij, vertelt in talkshows over zijn verwachtingen en levert commentaar bij de halve finales en de finale.

2026 Vernieuwen

Wat doe je over vijf jaar? „Ik vertel graag dat ik mijn leven ga vernieuwen en een roman ga schrijven, maar ik ken mezelf goed genoeg om te weten dat er niks van terechtkomt. Wat meer rust zou welkom zijn.’’

loading

Je kunt deze onderwerpen volgen
Media
Interview
Plus artikel gelezen
Je las zojuist een artikel.
Onbeperkt PREMIUM-artikelen lezen?

Lees nu PREMIUM vanaf € 1,15 per week. Je krijgt dan onbeperkt toegang tot al onze artikelen, video’s, columns en meer.

Probeer PREMIUM direct